diff --git a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/mirrors/chapter.sgml b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/mirrors/chapter.sgml
index 008e3c8bef..74d73e55a9 100644
--- a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/mirrors/chapter.sgml
+++ b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/mirrors/chapter.sgml
@@ -1,3472 +1,3500 @@
&os; verkrijgen
- Cd-rom en DVD uitgevers
+ CD-ROM en DVD uitgeversWinkelproducten in doos
- &os; is beschikbaar in een doos (&os; cd-roms, additionele
+ &os; is beschikbaar in een doos (&os; CD-ROMs, additionele
software en gedrukte documentatie) bij verschillende
verkopers:CompUSA
WWW: Frys Electronics
WWW:
- Cd-roms en DVD's
+ CD-ROMs en DVD's
- &os; cd-roms en DVD's zijn te koop bij veel online
+ &os; CD-ROMs en DVD's zijn te koop bij veel online
winkels:Daemon News MallPO Box 161Nauvoo, IL62354Verenigde Staten
Telefoon: +1 866 273-6255
Fax: +1 217 453-9956
E–mail: sales@bsdmall.com
WWW:
-
-
- BSD-Systems
- E–mail: info@bsd-systems.co.uk
- WWW:
-
-
-
&os; Mall, Inc.3623 Sanford StreetConcord, CA94520-1405Verenigde Staten
Telefoon: +1 925 240-6652
Fax: +1 925 674-0821
E–mail: info@freebsdmall.com
WWW: Dr. Hinner EDVSt. Augustinus-Str. 10D-81825MünchenDuitsland
Telefoon: (089) 428 419
WWW: Ikarios22-24 rue Voltaire92000NanterreFrankrijk
WWW: JMC SoftwareIerland
Telefoon: 353 1 6291282
WWW:
-
-
- Linux CD Mall
- Private Bag MBE N348
- Auckland 1030
- Nieuw Zeeland
- Telefoon: +64 21 866529
- WWW:
-
-
-
The Linux EmporiumHilliard House, Lester WayWallingfordOX10 9TAVerenigd Koninkrijk
Telefoon: +44 1491 837010
Fax: +44 1491 837016
WWW:
+ url="http://www.linuxemporium.co.uk/products/bsd/">
Linux+ DVD MagazineLewartowskiego 6Warsaw00-190Polen
Telefoon: +48 22 860 18 18
E–mail: editors@lpmagazine.org
WWW: Linux System Labs Australia21 Ray DriveBalwyn NorthVIC - 3104Australië
Telefoon: +61 3 9857 5918
Fax: +61 3 9857 8974
WWW: LinuxCenter.RuGalernaya Street, 55Saint-Petersburg190000Rusland
Telefoon: +7-812-3125208
E–mail: info@linuxcenter.ru
WWW:
+ url="http://linuxcenter.ru/shop/freebsd">
Distributeurs
- Wederverkopers die &os; cd-rom producten willen verkopen
+ Wederverkopers die &os; CD-ROM producten willen verkopen
kunnen contact opnemen met een distributeur:Cylogistics809B Cuesta Dr., #2149Mountain View, CA94040Verenigde Staten
Telefoon: +1 650 694-4949
Fax: +1 650 694-4953
E–mail: sales@cylogistics.com
WWW: Ingram Micro1600 E. St. Andrew PlaceSanta Ana, CA92705-4926Verenigde Staten
Telefoon: 1 (800) 456-8000
WWW: Kudzu, LLC7375 Washington Ave. S.Edina, MN55439Verenigde Staten
Telefoon: +1 952 947-0822
Fax: +1 952 947-0876
E–mail: sales@kudzuenterprises.comLinuxCenter.RuGalernaya Street, 55Saint-Petersburg190000Rusland
Telefoon: +7-812-3125208
E–mail: info@linuxcenter.ru
WWW: Navarre Corp7400 49th Ave SouthNew Hope, MN55428Verenigde Staten
Telefoon: +1 763 535-8333
Fax: +1 763 535-0341
WWW: FTP sites
- De officië broncode voor &os; is beschikbaar via anoniem
- toegankelijke FTP in de hele wereld via vele mirrorsites. De
- site
+ De officiële broncode voor &os; is beschikbaar via
+ anoniem toegankelijke FTP in de hele wereld via vele mirrorsites.
+ De site
heeft een goede verbinding en staat veel verbindingen toe, maar
het is waarschijnlijk beter om een mirrorsite te zoeken die
dichterbij is (zeker als het doel is ook een
soort mirrorsite op te zetten).De &os; mirrorsites
database is beter bijgewerkt dan die in het
Handboek omdat die lijst uit DNS komt in plaats van een met de
hand ingevoerde lijst.&os; is beschikbaar via de onderstaande anonieme FTP mirror
sites. Bij het kiezen van anonieme FTP voor het verkrijgen van
&os; wordt aangeraden een site die dichtbij ligt te kiezen. De
mirrorsites die in de lijst staan als Primaire
Mirrorsites hebben meestal het complete &os; archief
(alle beschikbare versies voor alle architecturen) maar downloads
zijn waarschijnlijk sneller van een site die in het land of de
regio van de gebruiker staat. De regionale sites hebben de
meeste recente versies voor de meest populaire architecturen,
maar hebben wellicht niet het complete archief. Alle sites geven
toegang via anonieme FTP, maar een aantal sites hebben ook andere
toegangsmogelijkheden. De toegangsmogelijkheden voor iedere site
staan tussen haakjes achter de hostnaam. De rest van deze
paragraaf wordt automatisch samengesteld en is niet
vertaald.
&chap.mirrors.ftp.inc;
Anonieme CVSInleidingCVSanoniemAnonieme CVS (of ook wel bekend als
anoncvs) is een functie die beschikbaar is
met de hulpprogramma's die bij &os; zitten om te synchroniseren
met een elders aanwezig CVS depot. Het staat gebruikers van
&os; onder andere toe om zonder bijzondere rechten alleen-lezen
operaties uit te voeren op een van de officiële anoncvs
servers van het &os; project. Om het te kunnen gebruiken dient
de omgevingsvariabele CVSROOT zo ingesteld te
worden dat hij wijst naar de gewenste anoncvs server, dient het
bekende wachtwoord anoncvs bij het commando
cvs login opgegeven te worden en kan daarna
&man.cvs.1; gebruikt worden om het te benaderen als ieder
lokaal aanwezig depot.Het commando cvs login slaat de
wachtwoorden die voor aanmelden bij de CVS server op in een
bestand met de naam .cvspass in de map
HOME. Als dit bestand niet bestaat, is het
mogelijk dat er een foutmelding wordt gegeven als
cvs login de eerste keer wordt gebruikt.
Dat kan opgelost worden door een leeg bestand
.cvspass te maken en dan opnieuw aan te
melden.Hoewel de diensten CVSup en
anoncvs beiden vrijwel dezelfde functie
invullen, zijn er redenen die de keuze voor de
synchronisatiemethode beïnvloeden. In een notendop is
CVSup veel efficiënter in het
gebruik van netwerkbronnen en is het de meest geavanceerde van
de twee, maar daar staat iets tegenover. Voor het gebruik van
CVSup moet eerst een speciale client
geïnstalleerd en ingesteld worden voordat er bits kunnen
gaan stromen en dat kan dan alleen in de redelijk grote brokken
die in CVSupcollections heten.Anoncvs kan daarentegen gebruikt
worden om alles te bekijken van een individueel bestand tot aan
een specifiek programma (als ls of
grep) door aan de naam van de CVS module
te refereren. Ook anoncvs is alleen
geschikt voor alleen-lezen operaties op het CVS depot, dus als
het de bedoeling is om lokaal ontwikkelwerk en hetzelfde depot
met delen uit het &os; project te combineren, dan biedt alleen
CVSup daar een oplossing
voor.Anonieme CVS gebruikenHet instellen van &man.cvs.1; om gebruik te maken van
een Anoniem CVS depot is een kwestie van het instellen van de
omgevingsvariabele CVSROOT op een van de
anoncvs servers van het &os; project. Op
het moment van schrijven zijn de volgende servers
beschikbaar:
-
- Oostenrijk:
- :pserver:anoncvs@anoncvs.at.FreeBSD.org:/home/ncvs
- Gebruikt cvs login en gebruik een
- willekeurig wachtwoord.
-
-
Frankrijk:
:pserver:anoncvs@anoncvs.fr.FreeBSD.org:/home/ncvs
(pserver (wachtwoord anoncvs), ssh
(geen wachtwoord)
-
- Duitsland:
- :pserver:anoncvs@anoncvs.de.FreeBSD.org:/home/ncvs
- (rsh, pserver, ssh, ssh/2022)
-
-
Japan:
:pserver:anoncvs@anoncvs.jp.FreeBSD.org:/home/ncvs
Gebruik cvs login en gebruik als
wachtwoord anoncvsTaiwan:
:pserver:anoncvs@anoncvs.tw.FreeBSD.org:/home/ncvs
(pserver (gebruik cvs login en
vul een willekeurig wachtwoord in wanneer daarom
gevraagd wordt), ssh (geen wachtwoord))SSH2 HostKey: 1024 e8:3b:29:7b:ca:9f:ac:e9:45:cb:c8:17:ae:9b:eb:55 /etc/ssh/ssh_host_dsa_key.pubVS:
freebsdanoncvs@anoncvs.FreeBSD.org:/home/ncvs
(alleen ssh - geen wachtwoord)SSH HostKey: 1024 a1:e7:46:de:fb:56:ef:05:bc:73:aa:91:09:da:f7:f4 root@sanmateo.ecn.purdue.edu
SSH2 HostKey: 1024 52:02:38:1a:2f:a8:71:d3:f5:83:93:8d:aa:00:6f:65 ssh_host_dsa_key.pubVS:
anoncvs@anoncvs1.FreeBSD.org:/home/ncvs (alleen ssh2 - geen
wachtwoord)SSH2 HostKey: 2048 4d:59:19:7b:ea:9b:76:0b:ca:ee:da:26:e2:3a:83:b8 ssh_host_dsa_key.pubOmdat met CVS vrijwel iedere versie die ooit beschikbaar is
geweest uitgecheckt kan worden, is het van
belang op de hoogte te zijn van de &man.cvs.1; vlag voor
revisie () en welke waarden zie zoal kan
aannemen in het &os; Project depot.Er zijn twee soorten labels (tags): revisielabels en
taklabels (branch). Een revisielabel refereert aan een
specifieke revisie. De betekenis blijft van dag tot dag
gelijk. Aan de andere kant refereert een taklabel aan de
laatste revisie in een bepaalde ontwikkellijn op een bepaald
moment. Omdat een taklabel niet refereert aan een specifieke
revisie, kan die morgen anders zijn dan vandaag. bevat revisielabels waar
gebruikers in geïnteresseerd kunnen zijn. Nogmaals: deze
zijn allemaal niet geldig voor de Portscollectie omdat de
Portscollectie geen meerdere ontwikkel takken kent.Als een specifiek taklabel wordt aangegeven, worden als
alles goed gaat, de laatste revisies uit een bepaalde
ontwikkellijn ontvangen. Als er een oudere versie opgehaald
moet worden, kan dat door met de vlag een datum aan te geven. In &man.cvs.1; staan
meer details.VoorbeeldenHoewel het sterk wordt aangeraden eerst de hulppagina's
voor &man.cvs.1; grondig door te lezen, volgen hier een aantal
snelle voorbeelden die feitelijk aangeven hoe Anonieme CVS
gebruikt kan worden.SSH gebruiken om de src/ tree uit
te checken:&prompt.user; cvs -d freebsdanoncvs@anoncvs.FreeBSD.org:/home/ncvs co src
The authenticity of host 'anoncvs.freebsd.org (128.46.156.46)' can't be established.
DSA key fingerprint is 52:02:38:1a:2f:a8:71:d3:f5:83:93:8d:aa:00:6f:65.
Are you sure you want to continue connecting (yes/no)? yes
Warning: Permanently added 'anoncvs.freebsd.org' (DSA) to the list of known hosts.Iets uitchecken uit -CURRENT (&man.ls.1;):&prompt.user; setenv CVSROOT :pserver:anoncvs@anoncvs.tw.FreeBSD.org:/home/ncvs
&prompt.user; cvs loginOp de prompt, voer een willekeurig wachtwoord inwachtwoord.
&prompt.user; cvs co lsSSH gebruiken om de src/
structuur uit te checken:&prompt.user; cvs -d freebsdanoncvs@anoncvs.FreeBSD.org:/home/ncvs co src
The authenticity of host 'anoncvs.freebsd.org (128.46.156.46)' can't be established.
DSA key fingerprint is 52:02:38:1a:2f:a8:71:d3:f5:83:93:8d:aa:00:6f:65.
Are you sure you want to continue connecting (yes/no)? yes
Warning: Permanently added 'anoncvs.freebsd.org' (DSA) to the list of known hosts.De versie van &man.ls.1; in de 6-STABLE tak
uitchecken:&prompt.user; setenv CVSROOT :pserver:anoncvs@anoncvs.tw.FreeBSD.org:/home/ncvs
&prompt.user; cvs loginOp de prompt, voer een willekeurig wachtwoord inwachtwoord.
&prompt.user; cvs co -rRELENG_6 lsEen lijst wijzigingen maken (als unified diffs) voor
&man.ls.1;&prompt.user; setenv CVSROOT :pserver:anoncvs@anoncvs.tw.FreeBSD.org:/home/ncvs
&prompt.user; cvs loginOp de prompt, voer een willekeurig wachtwoord inwachtwoord.
&prompt.user; cvs rdiff -u -rRELENG_5_3_0_RELEASE -rRELENG_5_4_0_RELEASE lsUitzoeken welke modulenamen gebruikt kunnen
worden:&prompt.user; setenv CVSROOT :pserver:anoncvs@anoncvs.tw.FreeBSD.org:/home/ncvs
&prompt.user; cvs loginOp de prompt, voer een willekeurig wachtwoord inwachtwoord.
&prompt.user; cvs co modules
&prompt.user; more modules/modulesAndere bronnenDe volgende bronnen kunnen bijdragen aan een beter begrip
van CVS:CVS
Tutorial van Cal Poly.CVS Home,
de CVS gemeenschap voor ontwikkeling en
ondersteuning.CVSweb
is de &os; Project webinterface voor CVS.CTM gebruikenCTMCTM is een methode om een map
elders gesynchroniseerd te houden met een centrale. Het is
ontwikkeld voor gebruik met de &os; broncode, hoewel sommigen het
ook voor andere doeleinden handig vinden. Er bestaat op dit
moment weinig tot geen documentatie over het proces van het maken
van delta's. Voor informatie over het gebruik van
CTM kan het beste contact gezocht
worden met de &a.ctm-users.name; mailinglijst.Waarom CTM gebruiken?CTM geeft een lokale kopie van
de &os; broncode. Die is in een aantal smaken
beschikbaar. Of het gaat om slechts één tak of
de complete CVS structuur, CTM kan
het bieden. CTM is gewoon gemaakt
voor actieve ontwikkelaars die met &os; werken, maar geen of
- een slechte internetverbinding hebben of gewoon automatisch de
+ een slechte Internetverbinding hebben of gewoon automatisch de
laatste wijzigingen willen ontvangen. De meest actieve takken
kennen op z'n hoogst drie delta's per dag. Het is het
overwegen waard om ze per automatische mail te laten sturen.
De grootte van de updates wordt altijd zo klein mogelijk
gehouden. Meestal kleiner dan 5 K en soms (in tien
procent van de gevallen) is het 10–50 K. In
uitzonderlijke gevallen komt het voor dat een mail van
100 K of meer wordt gestuurd.Het is wel van belang op de hoogte te zijn van de valkuilen
die een rol spelen bij het direct werken met broncode in plaats
van met een voorverpakte release. Dit geldt nog meer als wordt
gewerkt met de current code. Het lezen van
Bijblijven met &os; wordt sterk
aangeraden.Wat is er nodig om CTM te
gebruiken?Voor het gebruik van CTM zijn
twee dingen nodig: het CTM
programma en de initiële delta's om de applicatie te
voeden en naar een current niveau te
komen.CTM is al onderdeel van &os;
sinds versie 2.0 is uitgebracht en is te vinden in
/usr/src/usr.sbin/ctm, als de broncode
aanwezig is.De delta's voor
CTM kunnen op twee manieren komen:
met FTP of per e-mail. De volgende FTP sites bieden
ondersteuning voor CTM:Er staan er nog meer in de paragraaf mirrors.FTP de relevante map en download het bestand
README vanaf daar.Voor delta's via e-mail:Er dient een abonnement genomen te worden op een van de
CTM distributielijsten.
&a.ctm-cvs-cur.name; ondersteunt de complete CVS structuur.
&a.ctm-src-cur.name; ondersteunt het hoofd van de ontwikkeltak.
&a.ctm-src-4.name; ondersteunt de 4.X release tak, enzovoort.
Om te abonneren kan geklikt worden op de bovenstaande links of
via &a.mailman.lists.link; kan in een lijst geklikt worden op
de lijst waarvoor waarvoor een abonnement gewenst is. De
lijstpagina bevat instructies over hoe te abonneren.Na het ontvangen van CTM updates
per mail, kan ctm_rmail gebruikt worden voor
het uitpakken en verwerken. ctm_rmail kan
zelfs direct vanuit /etc/aliases gebruikt
worden om het proces volledig automatisch te laten verlopen.
In de hulppagina van ctm_rmail staan meer
details.Welke methode ook gebruikt wordt voor de
CTM delta's, het is belangrijk een
abonnement te nemen op de &a.ctm-announce.name; mailinglijst.
In de toekomst worden alleen op die lijst aankondigingen
gedaan over het CTM systeem.
Abonneren kan door op de link hierboven te klikken en de
instructies te volgen.CTM de eerste keer
gebruikenVoordat de CTM delta's gebruikt
kunnen worden, moet er een startpunt voor bepaald
worden.Eerst moet bepaald worden wat er al is. Het is mogelijk te
beginnen vanuit een lege map. Dan moet een
initiële Empty delta gebruikt worden om een
door CTM ondersteunde structuur te
starten. Het is de bedoeling dat deze start
- delta's ooit voor het gemak op de cd-rom komen te staan, maar
+ delta's ooit voor het gemak op de CD-ROM komen te staan, maar
dit is nog niet het geval.Omdat de structuren tientallen megabytes groot zijn, heeft
het de voorkeur om al met iets te beginnen. Als er een
- -RELEASE cd-rom beschikbaar is, kan de initiële broncode
+ -RELEASE CD-ROM beschikbaar is, kan de initiële broncode
gekopieerd of uitgepakt worden. Dit bespaart nogal wat
dataverkeer.De start delta's kunnen herkend worden aan
de X die aan het nummer is toegevoegd
(bijvoorbeeld src-cur.3210XEmpty.gz). De
nummering achter de X komt overeen met de
oorsprong van het initiële zaad.
Empty is een lege map. Er wordt in het
algemeen iedere honderd delta's een basistransitie voor
Empty gemaakt. Die zijn trouwens groot: 70
tot 80 Megabytes gzip data is normaal voor
de XEmpty delta's.Als er een delta als startpunt is gekozen, zijn ook alle
delta's met hogere volgnummers nodig.CTM in het dagelijks leven
gebruikenOm de delta's toe te passen:&prompt.root; cd /where/ever/you/want/the/stuff
&prompt.root; ctm -v -v /where/you/store/your/deltas/src-xxx.*CTM begrijpt delta's in
gzip formaat, dus het niet nodig om eerst
gunzip te gebruiken. Dat spaart
diskruimte.Tenzij het zeker is van de veiligheid van het proces, doet
CTM niets met de structuur. Om een
delta te verifiëren kan ook de vlag
gebruikt worden en dan komt
CTM ook niet aan een structuur. Dan
wordt alleen de integriteit van de delta gecontroleerd en of
die zonder problemen op de huidige structuur kan worden
toegepast.CTM kent nog meer opties die in
de hulppagina's worden besproken.Meer is er niet. Iedere keer dat er een delta wordt
ontvangen, moet die door CTM gehaald
worden om de broncode bijgewerkt te houden.Delta's kunnen het beste niet verwijderd worden als het
lastig is ze opnieuw te downloaden. Dan kunnen ze het beste
bewaard worden voor het geval er eens iets gebeurt. Zelfs als
er alleen floppy's beschikbaar zijn, is het wellicht verstandig
die te gebruiken met fdwrite.Lokale wijzigingen behoudenEen ontwikkelaar wil graag experimenteren met bestanden in
de structuur en die bestanden veranderen.
CTM ondersteunt lokale wijzigingen
in beperkte mate: alvorens te kijken of bestand
foo bestaat, zoekt het eerst naar
foo.ctm. Als dat bestand bestaat, past
CTM de wijzigigen daarop toe in
plaats van op foo.Dit gedrag biedt een eenvoudige mogelijkheid om lokale
wijzigingen bij te houden. Dat kan dus door bestanden die
gewijzigd gaan worden te kopiëren naar een bestand met
dezelfde naam met de toevoeging .ctm. Dan
kan er vrijelijk gespeeld worden met de code, terwijl
CTM het bestand
.ctm bijwerkt.Andere interessante mogelijkheden van
CTMUitvinden wat precies wordt veranderd met
bijwerkenHet is mogelijk een lijst met wijzigingen te maken die
CTM zou maken op het broncodedepot
met de optie .Dit is nuttig als het gewenst is om een logboek bij te
houden van de wijzigingen, de te wijzigen bestanden voor- of
na te bewerken op welke manier dan ook, of als de gebruiker
gewoon een beetje paranoïde is.Back-ups maken vóór bijwerkenSoms kan het wenselijk zijn om een back-up te maken van
alle bestanden die gewijzigd gaan worden door een
CTM update.Met back-upt
CTM alle bestanden die gewijzigd
gaan worden door een CTM delta
naar back–upbestand.Te wijzigen bestanden door bijwerken beperkenSoms is het wenselijk de reikwijdte voor een
CTM update te beperken of kan het
wenselijk zijn om maar een paar bestanden bij te werken uit
een aantal delta's.Een lijst met bestanden die
CTM mag bewerken kan aangegeven
worden met de opties en
en het opgeven van regular
expressions.Om bijvoorbeeld een bijgewerkte kopie van
lib/libc/Makefile te maken uit de
verzameling met opgeslagen CTM
delta's, kan het volgende commando uitgevoerd worden:&prompt.root; cd /where/ever/you/want/to/extract/it/
&prompt.root; ctm -e '^lib/libc/Makefile' ~ctm/src-xxx.*Voor ieder te wijzigen bestand in een
CTM delta worden de opties
en toegepast in de
volgorde waarin ze op de commandoregel staan. Het bestand
wordt alleen door CTM verwerkt als
het passend is bevonden na het toepassen van alle parameters
in en .Toekomstige plannen voor
CTMDie zijn er:Een of andere vorm van authenticatie in het
CTM systeem bouwen zodat
vervalste CTM updates
afgevangen kunnen worden;De opties voor CTM opruimen
omdat ze verwarrend zijn geworden.Nog meerEr zijn ook delta's voor de
portscollectie, maar daar is nog niet zo
veel belangstelling voor.CTM mirrorsCTM/&os; is op de volgende
mirrorsites via anonieme FTP beschikbaar. Als voor
CTM anonieme FTP wordt gebruikt,
heeft het de voorkeur een site die in geografische zin dichtbij
is te gebruiken.Bij problemen kan contact gezocht worden met de
&a.ctm-users.name; mailinglijst.Californië, Bay Area, officiële bronZuid-Afrika, back-upserver voor oude delta'sTaiwan/R.O.C.Als er geen mirror dichtbij is of als die incompleet is,
kan een zoekmachine als alltheweb gebruikt
worden.CVSup gebruikenInleidingCVSup is een softwarepakket voor
- het verspreiden en bijwerken van broncodestructueren vanaf een
+ het verspreiden en bijwerken van broncodestructuren vanaf een
master CVS depot op een andere server. De &os; broncode wordt
beheerd in een broncode depot op een centrale ontwikkelmachine
in Californië. Met CVSup
kunnen &os; gebruikers op eenvoudige wijze hun broncode
bijwerken.CVSup gebruikt een zogenaamd
pull model voor het bijwerken. In het
pull-model vraagt iedere client de server om updates als die
nodig zijn. De server wacht passief op een verzoek om updates
van zijn clients. Alle updates worden dus op initiatief van de
client gedaan. De server stuurt nooit ongevraagde updates.
Gebruikers moeten de CVSup client
handmatig draaien om te updaten of een cron
taak instellen om op regelmatige basis bij te werken.De term CVSup, op de gegeven
wijze geschreven, doelt op het complete softwarepakket. De
belangrijkste componenten zijn de client
cvsup, die op de machine van een gebruiker
draait, en de server cvsupd, die op alle
&os; mirrorsites draait.In de &os; documentatie en op de mailinglijsten zijn
referenties aan sup te vinden.
Sup was de voorloper van
CVSup en diende hetzelfde doel.
CVSup wordt op dezelfde manier
gebruikt als sup en gebruikt zelfs bestanden met instellingen
die ook te gebruiken zijn met sup.
Sup wordt niet langer gebruikt in
het &os; project omdat CVSup sneller
en flexibeler is.De csup applicatie is een
herschreven versie van CVSup in de
C taal. Het grootste voordeel ervan is dat het sneller is en
dat het niet afhankelijk is van de Modula-3 taal, dus dat hoeft
- niet geinstalleerd te worden als afhankelijkheid. Sterker nog
+ niet geïnstalleerd te worden als afhankelijkheid. Sterker nog
als gebruik wordt gemaakt van &os; 6.2 of later, wordt
de applicatie standaard meegeleverd, oudere versies hebben dit
echter niet, maar deze kunnen simpel de
net/csup port installeren
of een vooraf gecompileerd pakket. Als je echter complete
repositories wilt schaduwen, is CVSup
nog steeds noodzakelijk. Als ervoor gekozen is om
csup te gebruiken, sla dan de
installatie stappen voor CVSup over
en vervang de referenties naar CVSup
met csup terwijl de rest van het
artikel gevolgd wordt.InstallatieDe meest eenvoudige wijze van installatie van
CVSup is met het voorgecompileerde
- package net/cvsup uit de
- &os; packagescollectie. Als het
+ pakket net/cvsup uit de
+ &os; pakkettencollectie. Als het
gewenst is, kan CVSup ook uit de
broncode gebouwd worden in net/cvsup. De net/cvsup port is afhankelijk van
het Modula-3 systeem en dat kan wel even duren en er is ook
nogal wat schijfruimte voor nodig om het te downloaden en te
bouwen.Als CVSup gebruikt gaat
worden op een machine waarop geen
&xfree86; of
&xorg; staat, zoals een server,
dan dient de port waar geen
CVSup GUI bij
zit geïnstalleerd te worden: net/cvsup-without-gui.
- Als csup geinstalleerd moet
- worden op &os; 6.1 of eerder, kan gebruik gemaakt worden
- van een van te voren gecompileerd
+ Als csup geïnstalleerd
+ moet worden op &os; 6.1 of eerder, kan gebruik gemaakt
+ worden van een van te voren gecompileerd
net/csup pakket van de
- &os; package collectie, of als de
- voorkeur wordt gegeven aan het volledig compileren van
- csup, kan gebruik gemaakt worden van
- de net/csup port.
+ &os; pakkettencollectie, of als
+ de voorkeur wordt gegeven aan het volledig compileren van
+ csup, kan gebruik gemaakt worden
+ van de net/csup port.CVSup instellingenDe werking van CVSup wordt
gestuurd door een bestand met instellingen met de naam
supfile. Er staan een aantal
supfiles als voorbeeld in de map /usr/share/examples/cvsup/.De informatie in een supfile
beantwoordt de volgende vragen voor
CVSup:Welke bestanden
moeten ontvangen worden?Welke versies daarvan
moeten ontvangen worden?Waar moeten ze
vandaan komen?Waar moeten ze komen
te staan?Waar moet
cvsup zijn statusbestanden
bijhouden?In de volgende paragrafen wordt een
supfile bestand opgebouwd door
achtereenvolgens alle gestelde vragen te beantwoorden. Als
eerste wordt de algemene structuur van een
supfile beschreven.Een supfile is een tekstbestand.
Commentaar begint met een # en loopt tot het
einde van de regel. Lege regels en regels die alleen
commentaar bevatten worden genegeerd.Iedere regel die overblijft slaat op een groep bestanden
die ontvangen moet worden. De regel begint met de naam van een
collectie, een logische groep bestanden op de
server. De naam van de collectie geeft de server aan welke
bestanden er gestuurd moeten worden. Na de naam van de
collectie komen er geen of meer velden die gescheiden worden
door witruimte. Die velden beantwoorden de hierboven gestelde
vragen. Er zijn twee soorten velden: vlagvelden en
waardevelden. Een vlagveld bestaat uit een alleenstaand
sleutelwoord, bijvoorbeeld delete of
compress. Een waardeveld begint ook met
een sleutelwoord, maar het sleutelwoord wordt direct (zonder
witruimte) gevolgd door = en een tweede
woord. release=cvs is bijvoorbeeld een
waardeveld.In een supfile wordt meestal
aangegeven dat er meerdere collecties ontvangen moeten worden.
Het is mogelijk om een supfile te
structureren door expliciet alle relevante velden aan te geven
voor iedere collectie, maar dat maakt de regels in de
supfile nogal lang en het is onhandig
omdat de meeste velden hetzelfde zijn voor alle collecties in
een supfile.
CVSup biedt een systeem met
standaardinstellingen om dit probleem te omzeilen. Regels die
- beginnen met de speciale pseuso-collectienaam
+ beginnen met de speciale pseudo-collectienaam
*default kunnen gebruikt worden om
standaarden in te stellen voor de collecties die er in de
supfile achteraan komen. Een
standaardwaarde kan voor individuele collecties overschreven
worden door een andere waarde in de collectie zelf aan te
geven. Standaarden kunnen ook middenin het bestand gewijzigd
of aangevuld worden met extra *default
regels.Na deze achtergronden wordt er nu een
supfile samengesteld voor het ontvangen en
bijwerken van de hoofd broncodestructuur van &os;-CURRENT.Welke bestanden moeten
ontvangen worden?De bestanden die via CVSup
beschikbaar zijn, zijn beschikbaar in groepen die
collecties heten. De beschikbare collecties
staan beschreven in de volgende paragraaf. In dit
voorbeeld is het de bedoeling dat de hele hoofd
broncodestructuur voor &os; wordt ontvangen. Daar is
één grote collectie voor:
src-all. De eerste stap in het maken
van een supfile is het opsommen van de
gewenste collecties, één per regel (in dit
geval maar één regel):src-allWelke versies daarvan
moeten ontvangen worden?Met CVSup kan vrijwel iedere
versie van de broncode die ooit heeft bestaan opgehaald
worden. Dat kan omdat de cvsupd
server direct vanaf het CVS depot werkt, dat alle versies
bevat. Er kan aangegeven welke ontvangen moeten worden met
de waardevelden tag= en
.Voorzichtigheid is geboden bij het correct aangeven
van velden met tag=. Sommige labels
zijn alleen geldig voor bepaalde collecties of bestanden.
Als ze incorrect worden aangeven of als er een spelfout
wordt gemaakt in een label, verwijdert
CVSup bestanden waarvan dat
waarschijnlijk niet de bedoeling is. Het label
tag=. dient eigenlijk
alleen gebruikt te worden voor de
ports-* collecties.Het veld tag= benoemt een symbolisch
label in het depot. Er zijn twee soorten labels:
revisielabels en taklabels. Een revisielabel refereert aan
een specifieke revisie. De betekenis blijft altijd
hetzelfde. Een taklabel refereert echter aan de laatste
revisie van een gegeven ontwikkellijn op een gegeven
moment. Omdat een taklabel niet refereert aan een
specifieke revisie, kan het morgen iets anders betekenen
dan vandaag. beschrijft de meest
interessante taklabels. Als er in het instellingenbestand
van CVSup een label wordt
aangegeven, moet dat vooraf gegaan worden door
tag= (RELENG_4 zal
tag=RELENG_4 worden). Voor de
Portscollectie is alleen tag=.
relevant.Labels dienen exact zo ingegeven te worden als ze
staan beschreven. CVSup kan
geen onderscheid maken tussen geldige en ongeldige
labels. Als er een spelfout in een label wordt gemaakt,
doet CVSup alsof er een geldig
label is ingegeven dat aan geen enkel bestand refereert.
Dan zal CVSup de bestaande
broncode wissen.Bij het aangeven van een taklabel wordt meestal de
laatste versie van de bestanden voor een bepaalde
ontwikkellijn ontvangen. Om een oudere versie te
ontvangen kan in het veld een datum
opgegeven worden. In &man.cvsup.1; staat hoe dat
werkt.Om bijvoorbeeld &os;-CURRENT te ontvangen dient het
volgende aan het begin van supfile
toegevoegd te worden:*default tag=.Er ontstaat een belangrijk speciaal geval als er geen
velden met tag= of
date= worden aangegeven. In dat geval
worden de eigenlijke RCS bestanden direct uit het CVS depot
van de server ontvangen in plaats van dat een bepaalde
versie wordt ontvangen. Ontwikkelaars geven in het
algemeen de voorkeur aan deze optie. Door zelf een kopie
van de broncode op hun systeem te hebben, krijgen ze de
mogelijkheid om zelf door eerdere versies van bestanden te
bladeren en de geschiedenis ervan te bekijken. Dit
voordeel kost wel veel schijfruimte.Waar moeten ze vandaan
komen?Het veld host= wordt gebruikt om
cvsup aan te geven waar de updates
vandaan moeten komen. Dat kan van elke CVSup mirrorsite, hoewel
er wordt aangeraden een site die geografisch dichtbij ligt
te kiezen. In dit voorbeeld wordt een fictieve &os;
distributiesite gebruikt, cvsup99.FreeBSD.org:*default host=cvsup99.FreeBSD.orgIn een werkelijke situatie dient de hostnaam gewijzigd
te worden in een host die echt bestaat voordat
CVSup gaat draaien. Iedere keer
dat cvsup wordt gestart, kan er een
andere host op de commandoregel opgegeven worden met de
optie .Waar moeten ze komen te
staan?Het veld prefix= geeft
cvsup aan waar de ontvangen bestanden
terecht moeten komen. In dit voorbeeld worden de bestanden
direct in de hoofd broncodestructuur
/usr/src geplaatst. De map
src is al impliciet in de gekozen
collecties, vandaar dat het onderstaande de juiste
instelling is:*default prefix=/usrWaar moet
cvsup zijn statusbestanden
bijhouden?De CVSup client houdt
statusbestanden bij in een map die base
wordt genoemd. Die bestanden helpen
CVSup efficiënter te
werken door bij te houden welke updates al eerder zijn
ontvangen. Hier wordt de standaard basemap gebruikt,
/var/db:*default base=/var/dbDe bovenstaande instelling wordt standaard gebruikt als
die niet wordt aangegeven in de
supfile, dus hij is eigenlijk niet
nodig.Als de basemap niet al bestaat, moet die gemaakt
worden. De cvsup client weigert te
draaien als de basemap niet bestaat.Allerlei supfile
instellingen:Er is nog een regel die in een
supfile moet staan:*default release=cvs delete use-rel-suffix compressrelease=cvs geeft de server aan dat
de informatie uit het &os; hoofd CVS depot moet komen. Dat
is eigenlijk altijd het geval, maar er zijn mogelijkheden
die buiten het bereik van dit handboek vallen.delete geeft
CVSup het recht om bestanden te
verwijderen. Dit moet altijd aangegeven worden zodat
CVSup de broncode altijd kan
bijwerken. CVSup gaat
voorzichtig om met het verwijderen van bestanden waar het
verantwoordelijk voor is. Extra bestanden in de structuur
worden met rust gelaten.use-rel-suffix is nogal
geheimzinnig. Voor de nieuwsgierigen staat er meer over in
&man.cvsup.1;. Anders kan het gewoon ingesteld worden
zonder erover na te denken.compress schakelt het gebruikt van
gzip compressie in voor het communicatiekanaal. Als de
verbinding een E1 of sneller is, hoeft er geen compressie
gebruikt te worden. Anders helpt het aanzienlijk.Alles combinerend:Hieronder staat de hele supfile
uit het voorbeeld:*default tag=.
*default host=cvsup99.FreeBSD.org
*default prefix=/usr
*default base=/var/db
*default release=cvs delete use-rel-suffix compress
src-allHet bestand refuseZoals hierboven al is aangegeven, gebruikt
CVSup een pull
methode. Dat betekent eigenlijk dat er een
verbinding wordt gemaakt met de
CVSup server en die zegt dan:
Dit kan er van mij gedownload worden..., en
dan antwoordt de client met: Oké, ik wil dit en
dat en zus en zo. Met de standaardinstellingen haalt
de CVSup client alle bestanden die
bij een collectie en het label horen dat in het bestand met
de instellingen is opgegeven. Maar dat is niet altijd
wenselijk, in het bijzonder als de doc,
ports of www
structuren worden gesynchroniseerd. De meeste mensen kunnen
geen vier of vijf talen lezen en die hebben de taalspecifieke
bestanden dus niet nodig. Als de Portscollectie met
CVSup wordt opgehaald, is het
mogelijk om iedere collectie apart aan te geven (bijvoorbeeld
ports-astrology,
ports-biology, enzovoort, in plaats van
eenvoudigweg ports-all). Maar omdat
de doc en www
structuren geen taalspecifieke collecties hebben, moet er
gebruik gemaakt worden van een van de vele mooie
mogelijkheden van CVSup: het
bestand refuse.Het bestand refuse geeft
CVSup in feite aan dat niet ieder
bestand uit een collectie opgehaald moet worden. Het geeft
dus aan dat de client bepaalde bestanden van de server moet
weigeren. Het bestand
refuse staat in (of kan gemaakt worden
in)
base/sup/.
base staat ingesteld in
supfile. De standaardlocatie voor
base is
/var/db. De standaardplaats voor
refuse is dus
/var/db/sup/refuse.Het bestand refuse heeft een erg
eenvoudige opmaak. Het bevat de namen van de bestanden die
niet gedownload mogen worden. Als een gebruiker bijvoorbeeld
geen andere talen spreekt dan Engels en Nederlands, maar
de Nederlandse vertaling van de documentatie hoeft niet
binnengehaald te worden, dan kan het volgende in het bestand
refuse gezet worden:doc/bn_*
doc/da_*
doc/de_*
doc/el_*
doc/es_*
doc/fr_*
doc/hu_*
doc/it_*
doc/ja_*
doc/mn_*
doc/nl_*
doc/no_*
doc/pl_*
doc/pt_*
doc/ru_*
doc/sr_*
doc/tr_*
doc/zh_*Dit gaat zo door voor de andere talen. De volledige
lijst staat in het &os;
CVS depot.Met deze handige eigenschap kunnen gebruikers met
langzamere verbindingen of zij die per minuut voor hun
- internetverbinding betalen waardevolle tijd besparen omdat er
+ Internetverbinding betalen waardevolle tijd besparen omdat er
geen bestanden meer gedownload worden die nooit gebruikt
worden. Meer informatie over refuse
bestanden en andere leuke mogelijkheden van
CVSup staat in de
handleiding.CVSup draaienNu kan het bijwerken beginnen. Het commando is best wel
eenvoudig:&prompt.root; cvsup supfileDe supfile
is de naam van het supfile bestand dat
gebruikt moet worden. Aangenomen dat er X11 draait op een
machine, toont cvsup een GUI venster met
wat knoppen om de bekende acties uit te voeren. Het proces
start na het klikken op de knop
go.Omdat in dit voorbeeld de werkelijke structuur in
/usr/src wordt bijgewerkt, moet het
programma als root uitgevoerd worden,
zodat cvsup de rechten heeft die het nodig
heeft om de bestanden bij te werken. Het is voorstelbaar dat
de benodigde rechten, het net gemaakte bestand met instellingen
en het voor de eerste keer draaien van een programma zorgt voor
wat onrust. Daarom is het mogelijk proef te draaien zonder
dat er bestanden gewijzigd worden. Dat kan door ergens een
lege map te maken en een extra argument mee te geven op de
commandoregel:&prompt.root; mkdir /var/tmp/dest
&prompt.root; cvsup supfile /var/tmp/destDe opgegeven map is de bestemming voor alle
bestandsupdates. CVSup bekijkt wel
de bestanden in /usr/src, maar wijzigt ze
niet. Alle updates belanden in
/var/tmp/dest/usr/src.
CVSup werkt ook de statusbestanden
niet bij als het op deze wijze wordt uitgevoerd. De nieuwe
versies van de bestanden worden naar de aangegeven map
geschreven. Als er maar leestoegang is tot
/usr/src, hoeft een gebruiker zelfs geen
root te zijn bij het uitvoeren van dit
experiment.Als er geen X11 draait of als het niet wenselijk is een GUI
te gebruiken, dan kunnen daarvoor opties op de commandoregel
meegegeven worden bij het draaien van
cvsup:&prompt.root; cvsup -g -L 2 supfileDe optie geeft
CVSup aan dat de GUI niet gebruikt
hoeft te worden. Dit gebeurt automatisch als X11 niet draait,
maar anders moet het aangegeven worden.De optie geeft
CVSup aan dat details getoond
moeten worden over alle bestanden die bijgewerkt worden. Er
- zijn drie niveau's van uitvoerigheid, van
+ zijn drie niveaus van uitvoerigheid, van
tot . Standaard is het 0, wat betekent
dat er geen enkel bericht wordt getoond, met uitzondering van
foutmeldingen.Er zijn nog veel andere opties beschikbaar. Met
cvsup -H wordt een lijst met korte uitleg
getoond. Beschrijvingen met meer details staan in de
handleiding.Als het bijwerken op de gewenste manier loopt, kan het
regulier draaien van CVSup met
&man.cron.8; ingesteld worden. Natuurlijk hoort
CVSup zonder GUI te draaien als het
programma vanuit de &man.cron.8; draait.CVSup
bestandscollectiesDe via CVSup beschikbare
bestandscollecties zijn hiërarchisch georganiseerd. Er
zijn een paar grote collecties en die zijn opgedeeld in
- kleinere sub-collecties. Het ontvangen van een collectie is
- hetzelfde als het ontvangen van alle sub-collecties. De
+ kleinere subcollecties. Het ontvangen van een collectie is
+ hetzelfde als het ontvangen van alle subcollecties. De
hiërarchische relatie tussen de collecties wordt
hieronder aangegeven door het niveau van inspringen.De meest gebruikte collecties zijn
src-all en ports-all. De
andere collecties worden door kleine groepen mensen gebruikt
voor bijzondere doeleinden en sommige mirrorsites hebben ze
niet allemaal.cvs-all release=cvsHet &os; CVS hoofddepot, inclusief de cryptografische
code.distrib release=cvsBestanden die betrekking hebben op het
verspreiden en spiegelen van &os;.doc-all release=cvsBroncode voor het &os; Handboek en andere
documentatie, zonder de bestanden voor de &os;
website.ports-all release=cvsDe &os; Portscollectie.Als ports-all (het
complete portssysteem) niet bijgewerkt hoeft te
worden, maar enkele van de onderstaande
- sub-collecties, dan moet
+ subcollecties, dan moet
altijd ook de
- ports-base sub-collectie
+ ports-base subcollectie
bijgewerkt worden! Als er iets wijzigt in de
infrastructuur van de ports waar
ports–base voor staat,
is het vrijwel zeker dat die wijzigingen heel
snel door echte ports gebruikt
gaan worden. Dus als alleen de
echte ports bijgewerkt worden en
als die gebruik maken van nieuwe mogelijkheden,
dan is de kans groot dat het bouwen daarvan
foutloopt met een vage foutmelding. Het
eerste dat gedaan moeten
worden is ervoor zorgen dat de
- ports-base sub-collectie is
+ ports-base subcollectie is
bijgewerkt.Bij het zelf bouwen van een lokale kopie van
ports/INDEX
- mOEt
+ moetports-all geaccepteerd worden
(de hele port structuur). Het bouwen van
ports/INDEX met een
gedeeltelijke structuur wordt niet ondersteund.
Zie ook de FAQ.ports-accessibility
release=cvsSoftware voor minder valide
gebruikers.ports-arabic
release=cvsOndersteuning voor de Arabische
taal.ports-archivers
release=cvsArchiveringshulpmiddelen.ports-astro
release=cvsAstronomie ports.ports-audio
release=cvsGeluidsondersteuning.ports-base
release=cvsDe infrastructuur van de Portscollectie.
Bestanden uit de mappen
Mk/ en
Tools/ van
/usr/ports.Zie ook de belangrijke
waarschuwing hierboven: deze
- sub-collectie dient
+ subcollectie dient
altijd bijgewerkt te
worden als er een onderdeel van de &os;
Portscollectie wordt bijgewerkt!ports-benchmarks
release=cvsBenchmarks.ports-biology
release=cvsBiologie.ports-cad
release=cvsComputer aided design programma's.ports-chinese
release=cvsOndersteuning voor de Chinese
taal.ports-comms
release=cvsCommunicatiesoftware.ports-converters
release=cvsKaraktercode omzetters.ports-databases
release=cvsDatabases.ports-deskutils
release=cvsDingen die op een bureaublad stonden
voordat computers waren uitgevonden.ports-devel
release=cvsOntwikkelhulpmiddelen.ports-dns
release=cvsDNS gerelateerde software.ports-editors
release=cvsEditors.ports-emulators
release=cvsEmulatoren voor
besturingssystemen.ports-finance
release=cvsMonetaire, financiële en
gerelateerde applicaties.ports-ftp
release=cvsFTP client en server programma's.ports-games
release=cvsSpelletjes.ports-german
release=cvsOndersteuning voor de Duitse taal.ports-graphics
release=cvsGrafische programma's.ports-hebrew
release=cvsOndersteuning voor de Hebreeuwse
taal.ports-hungarian
release=cvsOndersteuning voor de Hongaarse
taal.ports-irc
release=cvsInternet Relay Chat
hulpprogramma's.ports-japanese
release=cvsOndersteuning voor de Japanse
taal.ports-java
release=cvs&java; programma's.ports-korean
release=cvsOndersteuning voor de Koreaanse
taal.ports-lang
release=cvsProgrammeertalen.ports-mail
release=cvsMailsoftware.ports-math
release=cvsNumerieke rekensoftware.ports-mbone
release=cvsMBone applicaties.ports-misc
release=cvsVerschillende programma's.ports-multimedia
release=cvsMultimedia software.ports-net
release=cvsNetwerksoftware.ports-net-im
release=cvsBerichtenuitwisseling.ports-net-mgmt
release=cvsNetwerkbeheersoftware.ports-net-p2p
release=cvsPeer to Peer Netwerkenports-news
release=cvsUSENET news software.ports-palm
release=cvsSoftwareondersteuning voor
Palm
apparatuur.ports-polish
release=cvsOndersteuning voor de Poolse taal.ports-ports-mgmt
release=cvsProgramma's om ports en pakketten te
beheren.ports-portuguese
release=cvsOndersteuning voor de Portugese
taal.ports-print
release=cvsPrintsoftware.ports-russian
release=cvsOndersteuning voor de Russische
taal.ports-science
release=cvsWetenschappelijk.ports-security
release=cvsBeveiligingsprogramma's.ports-shells
release=cvsCommandoregelshells.ports-sysutils
release=cvsSysteemprogramma's.ports-textproc
release=cvsTekstverwerkingsprogramma's (zonder
desktop publishing).ports-ukrainian
release=cvs
- Ondersteuning voor de Oekraïnische
+ Ondersteuning voor de Oekraïense
taal.ports-vietnamese
release=cvs
- Ondersteuning voor de Vietnamese
+ Ondersteuning voor de Viëtnamese
taal.ports-www
release=cvsSoftware gerelateerd aan het Wereldwijde
Web.ports-x11
release=cvsPorts voor het X windowsysteem.ports-x11-clocks
release=cvsX11 klokken.ports-x11-drivers
release=cvs
- X11 drivers
-
+ X11-stuurprogramma's
+ ports-x11-fm
release=cvsX11 bestandsbeheerders.ports-x11-fonts
release=cvsX11 lettertypen en
lettertypeprogramma's.ports-x11-toolkits
release=cvsX11 hulpprogramma's.ports-x11-servers
release=cvsX11 servers.ports-x11-themesX11 thema's.ports-x11-wm
release=cvsX11 vensterbeheerprogramma's.projects-all release=cvsBroncode's voor de &os; projecten
repository.src-all release=cvsDe hoofdbroncode van &os;, inclusief de
cryptografische code.src-base
release=cvsVerschillende bestanden bovenin de
/usr/src
structuur.src-bin
release=cvsGebruikersprogramma's die wellicht nodig
zijn in single-user modus
(/usr/src/bin).src-cddl
release=cvsProgramma's en bibliotheken die uitgegeven
zijn onder de CDDL licentie
(/usr/src/cddl).src-contrib
release=cvsProgramma's en bibliotheken van buiten
het &os; project die vrijwel ongewijzigd
gebruikt worden
(/usr/src/contrib).src-crypto release=cvsCryptografische programma's en
bibliotheken van buiten het &os; project, die
vrijwel ongewijzigd worden gebruikt
(/usr/src/crypto).src-eBones release=cvsKerberos en DES
(/usr/src/eBones). Niet
gebruikt in recente uitgaves van &os;.src-etc
release=cvsBestanden met systeeminstellingen
(/usr/src/etc).src-games
release=cvsSpelletjes
(/usr/src/games).src-gnu
release=cvsProgramma's die onder de GNU Public
License vallen
(/usr/src/gnu).src-include
release=cvsHeaderbestanden
(/usr/src/include).src-kerberos5
release=cvsKerberos5 beveiligingspakket
(/usr/src/kerberos5).src-kerberosIV
release=cvsKerberosIV beveiligingspakket
(/usr/src/kerberosIV).src-lib
release=cvsBibliotheken
(/usr/src/lib).src-libexec
release=cvsSysteemprogramma's die meestal door
andere programma's worden uitgevoerd
(/usr/src/libexec).src-release
release=cvsBestanden die nodig zijn voor het
maken van een &os; release
(/usr/src/release).src-release
release=cvsStatisch gelinkte programma's voor nood
onderhoud, zie &man.rescue.8;
(/usr/src/rescue).src-sbin release=cvsSysteemprogramma's voor single-user modus
(/usr/src/sbin).src-secure
release=cvsCryptografische bibliotheken en
commando's
(/usr/src/secure).src-share
release=cvsBestanden die tussen meerdere systemen
gedeeld kunnen worden
(/usr/src/share).src-sys
release=cvsDe kernel
(/usr/src/sys).src-sys-crypto
release=cvsCryptografische kernelcode
(/usr/src/sys/crypto).src-tools
release=cvsVerschillende hulpprogramma's voor het
onderhoud van &os;
(/usr/src/tools).src-usrbin
release=cvsGebruikersprogramma's
(/usr/src/usr.bin).src-usrsbin
release=cvsSysteemprogramma's
(/usr/src/usr.sbin).www release=cvsDe broncode voor de &os; website.distrib release=selfDe instellingenbestanden van de
CVSup server zelf. Gebruikt
door de CVSup
mirrorsites.gnats release=currentDe GNATS bug-tracking database.mail-archive release=current&os; mailinglijstarchief.www release=currentDe voorbewerkte &os; websitebestanden (niet de
broncode). Gebruikt door WWW mirrorsites.Voor meer informatieDe CVSup FAQ en andere
informatie over CVSup is te vinden
op De CVSup Homepage.De meeste &os;–gerelateerde discussie over
CVSup vindt plaats op de
&a.hackers;. Daar worden nieuwe versies van de software
aangekondigd, net als op de &a.announce;.Voor vragen en foutrapporten moet een kijkje genomen worden
op
de CVSup FAQCVSup sitesCVSup servers voor &os; draaien
op de onderstaande sites. Het overige deel van deze paragraaf
wordt automatisch samengesteld en is daarom niet vertaald.
&chap.mirrors.cvsup.inc;
Portsnap gebruikenIntroductiePortsnap is een systeem voor het
veilig distribueren van de &os; portsstructuur. Er wordt
ongeveer eens per uur een snapshot van de
portsstructuur gemaakt en dat wordt cryptografisch getekend.
De resulterende bestanden worden daarna gedistribueerd via
HTTP.Net als CVSup gebruikt
Portsnap een
pull-model voor het bijwerken: de
voorverpakte en getekende portsstructuren worden op een
webserver geplaatst die passief wacht op verzoeken om bestanden
door clients. Gebruikers dienen ofwel handmatig
&man.portsnap.8; te draaien om de updates op te halen ofwel een
taak in &man.cron.8; in te stellen om de updates regelmatig
automatisch op te laten halen.Om technische redenen werkt
Portsnap de portsstructuur in
/usr/ports/ niet direct
live bij. In plaats daarvan werkt het met een
gecomprimeerde kopie van de portsstructuur die standaard in
/var/db/portsnap/ staat. Deze
gecomprimeerde kopie wordt daarna gebruikt om de eigenlijke
portsstructuur bij te werken.Als Portsnap is
geïnstalleerd uit de &os; Portscollectie, dan is de
standaardlocatie voor het gecomprimeerde snapshot
/usr/local/portsnap/ in plaats van
/var/db/portsnap/.InstallatieIn &os; 6.0 en nieuwere versies, is
Portsnap onderdeel van het &os;
basissysteem. In oudere versies van &os; kan het
geïnstalleerd worden met de port ports-mgmt/portsnap.Portsnap instellenDe werking van Portsnap wordt
bepaald door het instellingenbestand
/etc/portsnap.conf. Voor de meeste
gebruikers voldoen de standaard instellingen. Meer details
staan in de handleiding van &man.portsnap.conf.5;.Als Portsnap is
geïnstalleerd uit de Portscollectie, dan wordt als
instellingenbestand
/usr/local/etc/portsnap.conf gebruikt in
plaats van
/etc/portsnap.conf. Dit
instellingenbestand wordt niet gemaakt als de port wordt
geïnstalleerd, maar er wordt een voorbeeldbestand
gedistribueerd. Voer het volgende commando uit om dit
bestand juist te plaatsen:&prompt.root; cd /usr/local/etc && cp portsnap.conf.sample portsnap.confPortsnap voor de eerste keer
draaienDe eerste keer dat &man.portsnap.8; wordt gedraaid, moet
het een gecomprimeerde snapshot van de complete portsstructuur
downloaden naar /var/db/portsnap/ (of
/usr/local/portsnap/ als
Portsnap geïnstalleerd is uit
de Portscollectie). Aan het begin van 2006 was dit ongeveer
een download van 41 MB.&prompt.root; portsnap fetchAls het gecomprimeerde snapshot is gedownload, dan kan een
live kopie van de portsstructuur uitgepakt
worden naar /usr/ports/. Dit moet
gebeuren, zelfs als er al een portsstructuur bestaat in die map
(bijvoorbeeld door gebruik van
CVSup), omdat hiermee een
uitgangspunt wordt gemaakt dat portsnap
gebruikt om later te bepalen welke delen van de portsstructuur
bijgewerkt moeten worden.&prompt.root; portsnap extract
- In de standaard installatie wordt /usr/ports niet aangemaakt.
+ In de standaardinstallatie wordt /usr/ports niet aangemaakt.
Als gebruik gemaakt wordt van &os; 6.0-RELEASE moet
deze map gemaakt worden alvorens portsnap
te gebruiken. In recentere versies van &os; en
Portsnap wordt dit automatisch
gedaan wanneer portsnap voor het eerst
gebruikt wordt.Portsstructuur bijwerkenNadat een eerste gecomprimeerd snapshot van de
portsstructuur is gedownload en uitgepakt in
/usr/ports/, bestaat het bijwerken van
de portsstructuur uit twee stappen: het ophalen van de
gecomprimeerde updates voor het snapshot
(fetch) en die gebruiken om de live
portsstructuur bij te werken (update).
Deze twee stappen kunnen door portsnap in
een enkel commando worden uitgevoerd:&prompt.root; portsnap fetch updateSommige oudere versies van portsnap
ondersteunen deze syntaxis niet. Als het bovenstaande niet
werkt, probeer dan het volgende:
- &prompt.root; portsnap fetch
+ &prompt.root; portsnap fetch
&prompt.root; portsnap updatePortsnap draaien vanuit cronOm het probleem dat hordes gebruikers inhameren op de
servers voor Portsnap te voorkomen,
draait portsnap fetch niet vanuit een
&man.cron.8;-opdracht. In plaats daarvan is het commando
portsnap cron beschikbaar, dat een
willekeurige periode wacht, tot 3600 seconden, voordat de
updates worden opgehaald.Daarnaast wordt het sterk aangeraden om
portsnap update niet vanuit de
cron te draaien, omdat er grote problemen te
verwachten zijn als dit commando op hetzelfde moment draait als
waarop een port wordt gebouwd of geïnstalleerd. Het is
wel veilig om de INDEX-bestanden voor de ports bij te werken en
dit kan gedaan worden door de vlag mee te
geven aan portsnap. Natuurlijk is het op
een later moment nodig om, als portsnap -I
update draait vanuit de cron,
portsnap update te draaien zonder de vlag
om de rest van de structuur bij te
werken.Door de volgende regel toe te voegen aan
/etc/crontab werkt
Portsnap zijn gecomprimeerde
snapshot bij, worden de INDEX-bestanden in
/usr/ports/ bijgewerkt en wordt er een
e-mail verzonden als er ports zijn die bijgewerkt moeten
worden:0 3 * * * root portsnap -I cron update && pkg_version -vIL=Als een systeemklok niet is ingesteld op de lokale
tijdzone, vervang 3 dan door een
willekeurige waarde tussen 0 en 23 om de belasting op de
servers voor Portsnap zo
evenwichtig mogelijk te verdelen.Sommige oudere versie van
portsnap bieden geen ondersteuning voor
het opgeven van meerdere commando's, zoals bijvoorbeeld
- cron update, in dezelde aanroep van
+ cron update, in dezelfde aanroep van
portsnap. Als de regel hierboven faalt,
probeer portsnap -I cron update dan te
vervangen door portsnap cron && portsnap -I
update.CVS labelsBij het ophalen of bijwerken van broncode met
cvs of
CVSup moet een revisielabel meegegeven
worden. Een revisielabel refereert aan een specifieke lijn in
de &os; ontwikkeling of aan een specifiek moment in de tijd. Het
eerste type heet taklabel (branch tag) en het
tweede type heet releaselabel (release
tag).TaklabelsDeze zijn, met uitzondering van HEAD
(dat altijd een geldig label is), alleen van toepassing op de
src/ structuur. De
ports/, doc/ en
www/ structuren kennen geen takken.HEADSymbolische naam voor de hoofdlijn van &os;-CURRENT.
Ook de standaard als geen revisie is aangegeven.In CVSup wordt dit label
aangegeven met een . (dat is dus geen
interpunctie, maar een echt .
karakter).
- In CVS is dit de standaard als er geen revisietabel
+ In CVS is dit de standaard als er geen revisielabel
is aangegeven. Het is meestal
geen goed idee om een checkout of
update van CURRENT broncode op een STABLE machine te
doen, tenzij dat expliciet de bedoeling is.
+
+ RELENG_7
+
+
+ De ontwikkellijn voor &os;-7.X, ook bekend als
+ &os; 7-STABLE.
+
+
+
+
+ RELENG_7_0
+
+
+ De uitgavetak voor &os;-7.0, alleen gebruikt voor
+ beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
+ aanpassingen.
+
+
+
RELENG_6De ontwikkellijn voor &os;-6.X, ook bekend als
&os; 6-STABLE.
+
+ RELENG_6_3
+
+
+ De uitgavetak voor &os;-6.3, alleen gebruikt voor
+ beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
+ aanpassingen.
+
+
+
RELENG_6_2De releasetak voor &os;-6.2, alleen gebruikt voor
- beveilingswaarschuwingen en andere kritische
+ beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_6_1De releasetak voor &os;-6.1, alleen gebruikt voor
- beveilingswaarschuwingen en andere kritische
+ beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_6_0De releasetak voor &os;-6.0, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_5De ontwikkellijn voor &os;-5.X, ook bekend als
&os; 5-STABLE.RELENG_5_5De releasetak voor &os;-5.5, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_5_4De releasetak voor &os;-5.4, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_5_3De releasetak voor &os;-5.3, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_5_2De releasetak voor &os;-5.2 en &os;-5.2.1, alleen
gebruikt voor beveiligingswaarschuwingen en andere
kritische aanpassingen.RELENG_5_1De releasetak voor &os;-5.1, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_5_0De releasetak voor &os;-5.0, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_4De ontwikkellijn voor &os;-4.X, ook bekend als &os;
4-STABLE.RELENG_4_11De releasetak voor &os;-4.11, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_4_10De releasetak voor &os;-4.10, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_4_9De releasetak voor &os;-4.9, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_4_8De releasetak voor &os;-4.8, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_4_7De releasetak voor &os;-4.7, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_4_6De releasetak voor &os;-4.6 en &os;-4.6.2,
alleen gebruikt voor beveiligingswaarschuwingen en andere
kritische aanpassingen.RELENG_4_5De releasetak voor &os;-4.5, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_4_4De releasetak voor &os;-4.4, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_4_3De releasetak voor &os;-4.3, alleen gebruikt voor
beveiligingswaarschuwingen en andere kritische
aanpassingen.RELENG_3De ontwikkellijn voor &os;-3.X, ook bekend als
3.X-STABLE.RELENG_2_2De ontwikkellijn voor &os;-2.2.X, ook bekend als
2.2-STABLE. Deze tak is sterk verouderd.ReleaselabelsDeze labels refereren aan een specifiek moment in de tijd
waarop een versie van &os; is uitgegeven. Het proces om tot
een release te komen is gedetailleerder beschreven in de
Release Engineering
Informatie en Release
Proces documenten. De src structuur gebruikt
labelnamen die beginnen met RELENG_ labels.
De ports en doc structuren gebruiken labels
waarvan de naam begint met het label
RELEASE. De www tenslotte, is niet
gemarkeerd met een bijzondere naam bij releases.
+
+ RELENG_7_0_0_RELEASE
+
+
+ &os; 7.0
+
+
+
+
+ RELENG_6_3_0_RELEASE
+
+
+ &os; 6.3
+
+
+
RELENG_6_2_0_RELEASE&os; 6.2RELENG_6_1_0_RELEASE&os; 6.1RELENG_6_0_0_RELEASE&os; 6.0RELENG_5_5_0_RELEASE&os; 5.5RELENG_5_4_0_RELEASE&os; 5.4RELENG_4_11_0_RELEASE&os; 4.11RELENG_5_3_0_RELEASE&os; 5.3RELENG_4_10_0_RELEASE&os; 4.10RELENG_5_2_1_RELEASE&os; 5.2.1RELENG_5_2_0_RELEASE&os; 5.2RELENG_4_9_0_RELEASE&os; 4.9RELENG_5_1_0_RELEASE&os; 5.1RELENG_4_8_0_RELEASE&os; 4.8RELENG_5_0_0_RELEASE&os; 5.0RELENG_4_7_0_RELEASE&os; 4.7RELENG_4_6_2_RELEASE&os; 4.6.2RELENG_4_6_1_RELEASE&os; 4.6.1RELENG_4_6_0_RELEASE&os; 4.6RELENG_4_5_0_RELEASE&os; 4.5RELENG_4_4_0_RELEASE&os; 4.4RELENG_4_3_0_RELEASE&os; 4.3RELENG_4_2_0_RELEASE&os; 4.2RELENG_4_1_1_RELEASE&os; 4.1.1RELENG_4_1_0_RELEASE&os; 4.1RELENG_4_0_0_RELEASE&os; 4.0RELENG_3_5_0_RELEASE&os;-3.5RELENG_3_4_0_RELEASE&os;-3.4RELENG_3_3_0_RELEASE&os;-3.3RELENG_3_2_0_RELEASE&os;-3.2RELENG_3_1_0_RELEASE&os;-3.1RELENG_3_0_0_RELEASE&os;-3.0RELENG_2_2_8_RELEASE&os;-2.2.8RELENG_2_2_7_RELEASE&os;-2.2.7RELENG_2_2_6_RELEASE&os;-2.2.6RELENG_2_2_5_RELEASE&os;-2.2.5RELENG_2_2_2_RELEASE&os;-2.2.2RELENG_2_2_1_RELEASE&os;-2.2.1RELENG_2_2_0_RELEASE&os;-2.2.0AFS sitesEr draaien AFS servers voor &os; op de volgende sites:SwedenThe path to the files are:
/afs/stacken.kth.se/ftp/pub/FreeBSD/stacken.kth.se # Stacken Computer Club, KTH, Sweden
130.237.234.43 #hot.stacken.kth.se
130.237.237.230 #fishburger.stacken.kth.se
130.237.234.3 #milko.stacken.kth.seBeheerder: ftp@stacken.kth.sersync sitesDe volgende sites bieden &os; aan via het protocol rsync.
Het programma rsync werkt vrijwel
hetzelfde als &man.rcp.1;, maar kent meer mogelijkheden en
gebruikt het rsync remote-update protocol, dat alleen verschillen
tussen twee groepen bestanden overbrengt, waardoor het
synchroniseren via een netwerk drastisch wordt versneld. Dit
kan het beste gedaan worden als er een mirrorsite voor de
&os; FTP server of het &os; CVS depot draait. De
rsync suite is voor veel
- besturingssystemen beschikbaar. Voor &os; kan het package of de
+ besturingssystemen beschikbaar. Voor &os; kan het pakket of de
port uit net/rsync
geïnstalleerd worden.
- Tschechische Republiek
+ Tsjechische Republiekrsync://ftp.cz.FreeBSD.org/Beschikbare collecties:ftp: een gedeeltelijke mirror van de &os;
FTP server.&os;: een volledige mirror van de &os; FTP
server.Duitslandrsync://grappa.unix-ag.uni-kl.de/Beschikbare collecties:freebsd-cvs: het volledige &os; CVS
depot.Deze machine mirrort onder andere ook de CVS depots
voor de NetBSD en OpenBSD projecten.Nederlandrsync://ftp.nl.FreeBSD.org/Beschikbare collecties:vol/4/freebsd-core: een volledige mirror
van de &os; FTP server.
+
+ Rusland
+
+
+ rsync://cvsup4.ru.FreeBSD.org/
+
+ Beschikbare collecties:
+
+
+ FreeBSD-gnats: De GNATS bug-tracking database.
+
+
+
+
Taiwanrsync://ftp.tw.FreeBSD.org/rsync://ftp2.tw.FreeBSD.org/rsync://ftp6.tw.FreeBSD.org/Beschikbare collecties:FreeBSD: een volledige mirror van de &os;
FTP server.Verenigd Koninkrijkrsync://rsync.mirror.ac.uk/Beschikbare collecties:ftp.FreeBSD.org: een volledige mirror van
de &os; FTP server.Verenigde Statenrsync://ftp-master.FreeBSD.org/Deze server mag alleen gebruikt worden door &os;
primaire mirrorsites.Beschikbare collecties:&os;: het masterarchief van de &os;
FTP server.acl: de &os; master ACL
lijst.rsync://ftp13.FreeBSD.org/Beschikbare collecties:&os;: een volledige mirror van de &os; FTP
server.
diff --git a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/multimedia/chapter.sgml b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/multimedia/chapter.sgml
index 7ec042cdd1..4109750544 100644
--- a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/multimedia/chapter.sgml
+++ b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/multimedia/chapter.sgml
@@ -1,2052 +1,1950 @@
RossLippertAangepast door SiebrandMazelandVertaald door MultimediaOverzicht&os; ondersteunt een breed bereik aan geluidskaarten,
waardoor het mogelijk is van geluid van hoge kwaliteit op een
computer te genieten. Hieronder vallen mogelijkheden om geluid
op te nemen en af te spelen in de MPEG Audio Layer 3 (MP3), WAV
en Ogg Vorbis formaten en vele andere formaten. De &os;
Portscollectie bevat ook programma's waarmee opgenomen audio
bewerkt kan worden, waarmee geluidseffecten toegevoegd kunnen
worden en aangesloten MIDI apparaten bestuurd kunnen
worden.
- Met wat wil om te experimenteren kunnen met &os;
- videobestanden en DVD's afgespeeld worden. Er zijn minder
- programma's om video te encoderen, te converteren en af te spelen
- dan er zijn voor audio. Op het moment van schrijven is er
- bijvoorbeeld geen programma in de &os; Portscollectie beschikbaar
- waarmee video goed gehercodeerd kan worden. Deze functie zou
- gebruikt kunnen worden om tussen formaten te converteren, zoals
- mogelijk is met audio/sox.
- De software in dit landschap is echter sterk aan verandering
- onderhevig.
+ Met wat experimenteren kunnen met &os; videobestanden en DVD's
+ afgespeeld worden. Er zijn minder programma's om video te
+ encoderen, te converteren en af te spelen dan er zijn voor audio.
+ Op het moment van schrijven is er bijvoorbeeld geen goed
+ hercoderingsprogramma in de &os; Portscollectie beschikbaar wat
+ gebruikt kan worden om tussen formaten onderling te converteren,
+ zoals mogelijk is met audio/sox. De software in dit
+ landschap is echter sterk aan verandering onderhevig.In dit hoofdstuk worden de stappen beschreven die uitgevoerd
moeten worden om een geluidskaart in te stellen. Bij de
installatie en instelling van X11 () is al
beschreven hoe videokaarten ingesteld kunnen worden, hoewel er
nog wel een aantal mogelijkheden zijn om het afspelen te
verbeteren.Na het lezen van dit hoofdstuk weet de lezer:Hoe een systeem zo in te stellen dat een geluidskaart
wordt herkend;
- Hoe getest kan worden of een kaart werkt door gebruik te
- maken van voorbeeldapplicaties;
+ Hoe getest kan worden of een kaart werkt;Hoe problemen op te lossen met betrekking tot
geluidsinstellingen;Hoe MP3's en andere audio af te spelen en te
maken;Hoe video wordt ondersteund door de X server;Welke video speler/encoderports goede resultaten
geven;Hoe DVD's, .mpg en
.avi bestanden af te spelen;
- Hoe CD en DVD informatie naar bestanden geript kan
+ Hoe de inhoud van CD's en DVD's naar bestanden geript kan
worden;Hoe een TV-kaart in te stellen;Hoe een scanner in te stellen.Er wordt aangenomen dat de lezer van dit hoofdstuk:Weet hoe een nieuwe kernel in te stellen en te
installeren ().
- Het proberen te mounten van audio CD's met &man.mount.8;
- resulteert in ieder geval in een foutmelding en op zijn ergst
- in een kernel panic. Dat type media heeft
- een formaat dat afwijkt van het gebruikelijke
+ Het proberen aan te koppelen van audio-CD's met
+ &man.mount.8; resulteert in ieder geval in een foutmelding en in
+ het ergste geval tot een kernel panic. Dat
+ type media heeft een formaat dat afwijkt van het gebruikelijke
ISO-bestandssysteem.MosesMooreGeschreven door MarcFonvieilleAangepast voor &os; 5.X door Geluidskaart installerenSysteem instellenPCIISAgeluidskaartenAlvorens te beginnen is het van belang te weten welk model
een geluidskaart is, welke chip erop wordt gebruikt en of het
een PCI of ISA kaart is. &os; ondersteunt vele PCI en ISA
- kaarten. De ondersteunde audioapparaten staan in een lijst in
+ kaarten. De ondersteunde audio-apparaten staan in een lijst in
de Hardware Notes.
- In dit document staat ook beschreven welk stuurprogramma welke
- kaart(en) ondersteunt.
+ In de Hardware Notes staat ook beschreven welk stuurprogramma
+ uw kaart ondersteunt.
kernelinstellenOm een geluidsapparaat te gebruiken dient het juiste
apparaatstuurprogramma geladen te worden. Dit kan op twee
manieren. De meest eenvoudige manier is simpelweg een
kernelmodule te laden voor de gewenste geluidskaart met
&man.kldload.8;. Dit kan vanaf de commandoregel:&prompt.root; kldload snd_emu10k1Of door als volgt de juiste regel toe te voegen aan
/boot/loader.conf:snd_emu10k1_load="YES"De bovenstaande voorbeelden zijn voor een Creative
&soundblaster; Live! geluidskaart. De overige beschikbare
laadbare geluidsmodules staan beschreven in
/boot/defaults/loader.conf. Als niet
compleet duidelijk is welk stuurprogramma gebruikt dient te
worden, dan kan het met de module
snd_driver geprobeerd worden:&prompt.root; kldload snd_driverDit is een metastuurprogramma, dat in één
keer de meest voorkomende apparaatstuurprogramma's laadt.
Hiermee kan het zoeken naar het juiste stuurprogramma versneld
worden. Het is ook mogelijk om alle geluidsstuurprogramma's te
laden via de optie
/boot/loader.conf.
- Om uit te vinden welk struurprogramma na het laden van het
+ Om uit te vinden welk stuurprogramma na het laden van het
metastuurprogramma snd_driver wordt
geladen kan de inhoud van het bestand
/dev/sndstat nagekeken worden met
- cat /dev/sndstat.
-
-
- Om onder &os; 4.X alle geluidsstuurprogramma's te
- laden, dient de module snd geladen te
- worden in plaats van snd_driver.
-
+ cat /dev/sndstat.Een tweede mogelijkheid is ondersteuning voor een
geluidskaart statisch in de kernel te compileren. In de
onderstaande paragrafen staat meer informatie over hoe op die
manier ondersteuning voor hardware toegevoegd kan worden. Meer
informatie over het hercompileren van een kernel staat in .Aangepaste kernel maken met geluidsondersteuning
- Eerst moet het generieke audiostuurprogramma
+ Eerst moet het stuurprogramma voor het audioraamwerk
&man.sound.4; aan de kernel toegevoegd worden. Daarvoor
dient het volgende te worden opgenomen in het bestand met
kernelinstellingen:device sound
- Voor &os; 4.X kan het volgende gebruikt
- worden:
-
- device pcm
-
Daarna kan ondersteuning voor de specifieke geluidskaart
toegevoegd worden. Daarvoor moet bekend zijn welk
stuurprogramma de kaart ondersteunt. Dit kan opgezocht
- worden in de lijst met ondersteunde audioapparaten in de
+ worden in de lijst met ondersteunde audio-apparaten in de
Hardware Notes,
waar de correcte stuurprogramma's voor geluidskaarten
beschreven staan. Zo wordt een Creative &soundblaster; Live!
geluidskaart bijvoorbeeld ondersteund door het stuurprogramma
&man.snd.emu10k1.4;. Ondersteuning voor deze kaart kan als
volgt worden toegevoegd:device snd_emu10k1In de hulppagina voor een stuurprogramma staat welke
- syntaxis gebruikt kan worden. Informatie over de syntaxis
- van geluidsstuurprogramma's in de kernelinstellingen staat
- ook in /usr/src/sys/conf/NOTES
- (/usr/src/sys/i386/conf/LINT voor
- &os; 4.X).
+ syntaxis gebruikt kan worden. De expliciete syntaxis voor de
+ kernelinstellingen voor elk ondersteund geluidsstuurprogramma
+ staat ook in /usr/src/sys/conf/NOTES.
- Voor niet-PnP ISA-kaarten kan het nodig zijn dat de
+ Voor niet-PnP ISA-geluidskaarten kan het nodig zijn dat de
kernel informatie gegeven moet worden over de instellingen
- van een geluidskaart (IRQ, I/O poort, enzovoort). Dit kan
- via het bestand /boot/device.hints. Bij
- het starten van een systeem leest de &man.loader.8; dat
- bestand uit en geeft de instellingen door aan de kernel. Zo
- gebruikt een oude Creative &soundblaster; 16 ISA
- niet-PnP-kaart het stuurprogramma &man.snd.sbc.4; samen met
- snd_sb16(4) en dient de volgende regel toegevoegd te worden
- aan het bestand met kernelinstellingen:
+ van de kaart (IRQ, I/O poort, enzovoort), zoals dat geldt voor
+ alle niet-PnP ISA-kaarten. Dit kan via het bestand
+ /boot/device.hints. Bij het starten van
+ een systeem leest de &man.loader.8; dat bestand uit en geeft
+ de instellingen door aan de kernel. Zo gebruikt een oude
+ Creative &soundblaster; 16 ISA niet-PnP-kaart het
+ stuurprogramma &man.snd.sbc.4; samen met
+ snd_sb16 en dient de volgende regel
+ toegevoegd te worden aan het kernelinstellingenbestand:device snd_sbc
device snd_sb16Daarnaast moet het volgende worden toegevoegd aan
/boot/device.hints:hint.sbc.0.at="isa"
hint.sbc.0.port="0x220"
hint.sbc.0.irq="5"
hint.sbc.0.drq="1"
hint.sbc.0.flags="0x15"In dit geval gebruikt de kaart I/O poort
0x220 en IRQ 5.De gebruikte syntaxis voor
/boot/device.hints staat beschreven in
- de hulppagina voor het geluidsstuurprogramma. In
- &os; 4.X worden deze instellingen direct in het bestand
- met kernelinstellingen gezet. In het geval van de
- bovenstaande ISA-kaart gaat dat al volgt:
-
- device sbc0 at isa? port 0x220 irq 5 drq 1 flags 0x15
-
- De bovenstaande instellingen zijn de standaard
- instellingen. In sommige gevallen moeten IRQ of andere
- instellingen gewijzigd worden om een apparaat juist te laten
- werken. In &man.snd.sbc.4; staat meer informatie.
-
-
- Onder &os; 4.X hebben sommige systemen met
- audioapparaten op het moederbord de volgende optie in het
- bestand met kernelinstellingen nodig:
-
- options PNPBIOS
-
+ de hulppagina &man.sound.4; en de hulppagina voor het
+ gevraagde stuurprogramma.
+
+ De bovenstaande instellingen zijn de
+ standaardinstellingen. In sommige gevallen moeten IRQ of
+ andere instellingen gewijzigd worden om een apparaat juist te
+ laten werken. In &man.snd.sbc.4; staat meer informatie over
+ deze kaart.Geluidskaart testenNa het herstarten met de aangepaste kernel of na het laden
van de benodigde module, hoort de geluidskaart ongeveer als
volgt te verschijnen in de systeemberichtbuffer
(&man.dmesg.8;):pcm0: <Intel ICH3 (82801CA)> port 0xdc80-0xdcbf,0xd800-0xd8ff irq 5 at device 31.5 on pci0
pcm0: [GIANT-LOCKED]
pcm0: <Cirrus Logic CS4205 AC97 Codec>De status van de geluidskaart kan gecontroleerd worden via
het bestand /dev/sndstat:&prompt.root; cat /dev/sndstat
FreeBSD Audio Driver (newpcm)
Installed devices:
pcm0: <Intel ICH3 (82801CA)> at io 0xd800, 0xdc80 irq 5 bufsz 16384
kld snd_ich (1p/2r/0v channels duplex default)De uitvoer kan per systeem wat verschillen. Als er geen
- apparaten pcm verschijnen, dienen
- eerdere stappen bekeken te worden. Bekijk nogmaals de
- instellingen van de kernel en bevestig dat het juiste apparaat
- is gekozen. Veel voorkomende problemen staan beschreven in
- .
+ apparaten pcm genoemd worden, dienen
+ eerdere stappen herzien te worden. Bekijk nogmaals de
+ instellingen van de kernel en bevestig dat het juiste
+ apparaatstuurprogramma was gekozen. Veel voorkomende problemen
+ staan beschreven in .
- Als het goed is werkt de geluidskaart nu. Als de cd-rom of
- DVD-ROM drive juist is aangesloten op de geluidskaart, dan kan
- er een CD in de drive gestoken worden en kan deze met
- &man.cdcontrol.1; afgespeeld worden:
+ Als het goed is werkt de geluidskaart nu. Als pinnen voor
+ audio-out van de CD-ROM- of DVD-ROM-drive juist zijn aangesloten
+ op de geluidskaart, dan kan er een CD in de drive gestopt worden
+ en kan deze met &man.cdcontrol.1; afgespeeld worden:&prompt.user; cdcontrol -f /dev/acd0 play 1Applicaties als audio/workman kunnen een
vriendelijker interface bieden. Wellicht is het handig om een
applicatie als audio/mpg123
- te installeren om naar MP3 audiobestanden te luisteren. Een
- snelle manier om de kaart te testen is het als volgt sturen van
- data naar /dev/dsp:
+ te installeren om naar MP3 audiobestanden te luisteren.
- &prompt.user; cat filename > /dev/dsp
+ Een snelle manier om de kaart te testen is het als volgt
+ sturen van gegevens naar /dev/dsp:
- filename kan ieder bestand zijn.
- Deze commandoregel hoort wat ruis tot gevolg te hebben,
- waardoor wordt bevestigd dat de geluidskaart echt werkt.
+ &prompt.user; cat bestandsnaam > /dev/dsp
-
- &os; 4.X gebruikers moeten de geluidskaart
- apparaatnodes maken voordat hij gebruikt kan worden. Als de
- kaart voorkomt in de berichtbuffer als
- pcm0, dan dient het volgende als
- root uitgevoerd te worden:
-
- &prompt.root; cd /dev
-&prompt.root; sh MAKEDEV snd0
-
- Als de kaart herkend is als
- pcm1, kunnen dezelfde stappen als
- hierboven gevolgd worden, waarbij
- snd0 wordt vervangen door
- snd1.
-
- MAKEDEV maakt een groep apparaatnodes
- aan die gebruikt worden voor de applicaties die met geluid
- te maken hebben.
-
+ bestandsnaam
+ kan ieder bestand zijn. Deze commandoregel hoort wat ruis te
+ maken, waardoor wordt bevestigd dat de geluidskaart echt werkt.
- Niveau's voor de geluidskaartmixer kunnen aangepast worden
+ Niveaus voor de geluidskaartmixer kunnen aangepast worden
met het commando &man.mixer.8;. Er staan meer details in
&man.mixer.8;.Bekende problemen
- apparaatnodes
+ apparaatknooppuntenI/O poortIRQDSPFoutOplossing
-
- unsupported
- subdevice XX
-
- Eén of meer van de apparaatnodes zijn
- niet correct gemaakt. De bovenstaande stappen dienen
- opnieuw uitgevoerd te worden.
-
-
sb_dspwr(XX) timed
outDe I/O poort is niet correct ingesteld.bad irq XXHet IRQ is niet correct ingesteld. Zorg dat het
ingestelde IRQ en het IRQ voor het geluid hetzelfde
zijn.xxx: gus pcm not attached, out of
memoryEr is niet genoeg geheugen beschikbaar om het
apparaat te gebruiken.xxx: can't open
/dev/dsp!Controleer fstat | grep dsp
of een ander programma het apparaat geopend heeft.
Bekende probleemgevallen zijn
esound en
KDE's
geluidsondersteuning.MunishChopraGeschreven door Meerdere geluidsbronnen gebruikenHet is vaak wenselijk om meerdere geluidsbronnen
tegelijkertijd af te kunnen spelen, zoals wanneer
esound of
artsd het delen van een
geluidsapparaat met een andere applicatie niet
ondersteunen.Met &os; kan dit met Virtuele
- Geluidskanalen, die ingesteld kunnen worden met de
- &man.sysctl.8; faciliteit. Met virtuele kanalen kunnen de
- afspeelkanalen van een geluidskaart gemultiplext worden door
- het geluid in de kernel te mixen.
+ Geluidskanalen, die aangezet kunnen worden met de
+ faciliteit &man.sysctl.8;. Met virtuele kanalen kunnen het
+ afspelen van een geluidskaart gemultiplext worden door het
+ geluid in de kernel te mixen.
Het aantal virtuele kanalen kan met twee sysctl knoppen
als root als volgt ingesteld
worden:&prompt.root; sysctl hw.snd.pcm0.vchans=4
&prompt.root; sysctl hw.snd.maxautovchans=4
- In het bovenstaande voorbeeld worden vier virtuele kanelen
- gealloceerd, wat in het dagelijks gebruik voldoende is.
+ In het bovenstaande voorbeeld worden vier virtuele kanalen
+ toegewezen, wat in het dagelijks gebruik voldoende is.
In hw.snd.pcm0.vchans staat het aantal
- vitruele kanalen dat pcm0 heeft en is
+ virtuele kanalen dat pcm0 heeft en is
instelbaar als een apparaat is aangesloten.
In hw.snd.maxautovchans staat het aantal
virtuele kanalen dat aan een nieuw audio-apparaat wordt gegeven
als het wordt aangesloten met &man.kldload.8;. Omdat de module
pcm onafhankelijk van de hardware
stuurprogramma's geladen kan worden, kan in
hw.snd.maxautovchans opgeslagen worden
hoeveel virtuele kanalen apparaten die later worden aangesloten
krijgen.Het aantal virtuele kanalen voor een apparaat kan niet
gewijzigd worden als het in gebruik is. Sluit eerst alle
programma's die het apparaat gebruiken, zoals muziekspelers
of geluidsdaemons.Als er geen gebruik wordt gemaakt van &man.devfs.5;, dan
moeten applicaties wijzen naar
/dev/dsp0.x,
waar x tussen 0 en 3 ligt als
hw.snd.pcm.0.vchans is ingesteld op 4, zoals
in het bovenstaande voorbeeld. Op een systeem waar
&man.devfs.5; wordt gebruikt, wordt het voorgaande voor een
- gebruiker automatisch transparant gealloceerd.
+ programma dat om /dev/dsp0 vraagt
+ automatisch transparant gealloceerd.JosefEl-RayesGeschreven door Standaardwaarden voor mixerkanalen instellen
-
- Dit wordt alleen ondersteund op &os; 5.3-RELEASE en
- later.
-
-
- De standaard waarden voor de mixerkanelen zijn ingesteld in
+ De standaardwaarden voor de mixerkanalen zijn ingesteld in
de broncode van het stuurprogramma &man.pcm.4;. Er zijn vele
applicaties en daemons waarmee waarden voor de mixer ingesteld
en onthouden kunnen worden en iedere keer bij het starten
- weer kunnen worden ingesteld. Maar dit is geen nette
- oplossing, omdat het netter is de standaardwaarden in te
- stellen op het niveau van het stuurprogramma. Die kunnen
- ingesteld worden door de gewenste waarden in te stellen in
- /boot/device.hints. Bijvoorbeeld:
+ weer kunnen worden ingesteld, maar dit is geen nette
+ oplossing. Het is mogelijk om de standaardwaarden in te
+ stellen op het niveau van het stuurprogramma — dit wordt
+ bereikt door de gewenste waarden in te stellen in
+ /boot/device.hints, bijvoorbeeld:
- hint.pcm.0.vol="100"
+ hint.pcm.0.vol="50"Met de bovenstaande instelling wordt het volume van een
- kanaal standaard op 100 ingesteld bij het laden van de module
+ kanaal standaard op 50 ingesteld bij het laden van de module
&man.pcm.4;.ChernLeeGeschreven door MP3 audioMet MP3 (MPEG Layer 3 Audio) kan geluid bijna in CD-kwaliteit
weergegeven worden en dus is er een goede reden om dit vooral
niet na te laten op een &os; werkstation.MP3 spelersVerreweg de meest populaire X11 MP3 speler is
XMMS (X Multimedia Systeem).
In XMMS kunnen
Winamp skins gebruikt worden, omdat
de GUI vrijwel gelijk is aan die van Nullsoft's
Winamp.
XMMS heeft ook een eigen plug-in
ondersteuning.XMMS kan geïnstalleerd
worden via de multimedia/xmms port of
- package.
+ pakket.
De interface van XMMS is
- intuïtief met een playlist, grafische equalizer en meer.
- Gebruikers die bekend zijn met
+ intuïtief met een afspeellijst, grafische equalizer en
+ meer. Gebruikers die bekend zijn met
Winamp vinden
XMMS vast eenvoudig te
gebruiken.De port audio/mpg123 is
een alternatieve MP3 speler die gebruik maakt van de
commandoregel.mpg123 werkt door het
geluidsapparaat en het MP3 bestand aan te geven op de
commandoregel, zoals hieronder wordt aangegeven:&prompt.root; mpg123 -a /dev/dsp1.0 Foobar-GreatestHits.mp3
High Performance MPEG 1.0/2.0/2.5 Audio Player for Layer 1, 2 and 3.
Version 0.59r (1999/Jun/15). Written and copyrights by Michael Hipp.
Uses code from various people. See 'README' for more!
THIS SOFTWARE COMES WITH ABSOLUTELY NO WARRANTY! USE AT YOUR OWN RISK!
Playing MPEG stream from Foobar-GreatestHits.mp3 ...
MPEG 1.0 layer III, 128 kbit/s, 44100 Hz joint-stereo
- /dev/dsp1.0 dient gewijzigd te worden in
- het dsp apparaat van het systeem
- waarop de MP3 afgespeeld moet worden.
+ /dev/dsp1.0
+ dient gewijzigd te worden in het dsp apparaatingang op uw systeem.CD audio tracks rippenVoordat een CD of een CD track naar MP3 ge-encodeerd kan
- worden moet de audiodata naar de harde schijf geript worden.
- Dit gaat door de ruwe CDDA (CD Digital Audio) data naar
- WAV-bestanden de kopiëren.
+ worden moeten de audiogegevens naar de harde schijf geript
+ worden. Dit gaat door de ruwe CDDA (CD Digital Audio) gegevens
+ naar WAV-bestanden te kopiëren.
Het hulpprogramma cdda2wav, dat
onderdeel is van de suite sysutils/cdrtools, kan gebruikt
worden om audio-informatie en de daarbij behorende informatie
van CD's te rippen.Als de audio CD in de drive zit, kan het volgende commando
als root uitgevoerd worden om een hele CD
naar individuele (per track) WAV-bestanden te rippen:&prompt.root; cdda2wav -D 0,1,0 -Bcdda2wav ondersteunt ATAPI (IDE)
- cd-rom drives. Om van een IDE drive te rippen, dient de
+ CD-ROM-drives. Om van een IDE drive te rippen, dient de
apparaatnaam aangegeven te worden in plaats van de SCSI
eenheidsnummers. Om bijvoorbeeld track 7 van een IDE drive te
rippen:
- &prompt.root; cdda2wav -D /dev/acd0a -t 7
+ &prompt.root; cdda2wav -D /dev/acd0 -t 7De optie
geeft het
SCSI apparaat 0,1,0 aan, dat
overeenkomt met de uitvoer van cdrecord
-scanbus.Om individuele tracks te rippen kan gebruik gemaakt worden
van de optie :&prompt.root; cdda2wav -D 0,1,0 -t 7In het bovenstaande voorbeeld wordt track 7 van de audio
CD geript. Om een reeks tracks te rippen, bijvoorbeeld van
1 tot 7, kan een reeks opgegeven worden:&prompt.root; cdda2wav -D 0,1,0 -t 1+7Ook het hulpprogramma &man.dd.1; kan gebruikt worden om
audio tracks van ATAPI drives af te halen. Deze mogelijkheid
wordt beschreven in .MP3's encoderen
- Tegenwoodig is de MP3 encoder
+ Tegenwoordig is de MP3 encoder
lame.
Lame staat in
audio/lame in de
portsstructuur.Met de geripte WAV-bestanden converteert het volgende
- commando audio01.wav naar
- audio01.mp3:
+ commando
+ audio01.wav naar
+ audio01.mp3:&prompt.root; lame -h -b 192 \
--tt "Foo Titel" \
--ta "FooBar Artiest" \
--tl "FooBar Album" \
--ty "2005" \
--tc "Geript en encoded door Foo" \
--tg "Genre" \
audio01.wav audio01.mp3192 kbits lijkt de standaard bitrate voor MP3 te zijn.
Het is ook mogelijk 128 of 160 of andere bitrates te gebruiken.
Hoe hoger de bitrate, hoe meer schijfruimte de uiteindelijke
MP3-bestanden gebruiken, maar ook de kwaliteit wordt dan hoger.
Met de optie wordt de modus hogere
kwaliteit, maar iets langzamer ingeschakeld. Met de
opties vanaf worden de ID3 tags ingegeven,
die meestal informatie over een nummer bevatten en onderdeel
uitmaken van het MP3-bestand. In de hulppagina voor
lame staan nog meer opties die
gebruikt kunnen worden bij het encoderen beschreven.MP3's decoderenOm een CD te kunnen branden van MP3's, moeten ze omgezet
worden naar een niet gecomprimeerd WAV-formaat. Zowel
XMMS als
mpg123 ondersteunen de uitvoer van
MP3 naar een niet gecomprimeerd bestandsformaat.Naar schijf schrijven met
XMMS:Start XMMS;Klik rechts op het venster om het
XMMS menu te zien;Selecteer Preference onder
Options;Wijzig de Output Plugin naar Disk Writer
Plugin;Klik Configure;Voer een map in (of kies browse) waar de
- ongecomprimeerde bestanden heengeschreven moeten
+ ongecomprimeerde bestanden naar toe geschreven moeten
worden;Laad de MP3-bestanden zoals gewoonlijk in
XMMS, met het volume op 100% en
de EQ instellingen uitgeschakeld;Klik Play.
XMMS lijkt nu de MP3 af te
spelen, maar er is geen muziek te horen. Nu wordt
feitelijk de MP3 afgespeeld naar een bestand;Zorg ervoor dat de standaard Output Plugin wordt
teruggezet naar hoe de instellingen waren om weer naar
MP3's te kunnen luisteren.Schrijven naar stdout vanuit
mpg123:
- Voer mpg123 -s
- audio01.mp3 >
- audio01.pcm uit.
+ Voer mpg123 -s audio01.mp3
+ > audio01.pcm uit.
- XMMS schijft een bestand in het
+ XMMS schrijft een bestand in het
WAV-formaat, terwijl mpg123 de MP3
converteert naar ruwe PCM audio data. Beide formaten kunnen
gebruikt worden met cdrecord om
audio CD's te maken. Met &man.burncd.8; moeten ruwe
PCM-bestanden gebruikt worden. Als er WAV-bestanden worden
- gebruikt, is er een tik-geluid te horen bij het begin van
+ gebruikt, is er een tikgeluid te horen bij het begin van
iedere track. Dit is het geluid van de kop van ieder
WAV-bestand. Met het hulpprogramma
SoX kan de kop van WAV-bestanden
verwijderd worden. Dit programma kan geïnstalleerd worden
- met de port of package audio/sox&prompt.user; sox -t wav -r 44100 -s -w -c 2 track.wav track.rawIn staat meer informatie over
het gebruiken van een CD-brander in &os;.RossLippertGeschreven door Video afspelenVideo afspelen is een relatief nieuwe en zich snel
ontwikkelende richting voor applicaties. In tegenstelling tot
voor audio werkt alles hier niet zo soepel.Voor er wordt begonnen is het van belang te weten welk
model videokaart zich in een systeem bevindt en welke chip die
gebruikt. Hoewel &xorg; en
&xfree86; vele videokaarten
ondersteunen, zijn er veel minder geschikt om goed video mee af
te spelen. Er kan een lijst met ondersteunde extensies getoond
worden voor X server met de gebruikte videokaart door het
commando &man.xdpyinfo.1; uit te voeren terwijl X11
draait.Het is verstandig een kort MPEG-bestand beschikbaar te
hebben dat gebruikt kan worden als testbestand voor het
evalueren van de spelers en hun opties. Omdat sommige
DVD-spelers standaard zoeken naar DVD media in
/dev/dvd of deze apparaatnaam standaard in
de broncode hebben staan, is het wellicht verstandig om een
- symbolische link te maken naar de juist apparaten:
-
- &prompt.root; ln -sf /dev/acd0c /dev/dvd
-&prompt.root; ln -sf /dev/racd0c /dev/rdvd
-
- In &os; 5.X, dat &man.devfs.5; gebruikt, worden
- net iets andere links aangeraden:
+ symbolische link te maken naar de juiste apparaten:
&prompt.root; ln -sf /dev/acd0 /dev/dvd
&prompt.root; ln -sf /dev/acd0 /dev/rdvdVanwege de werking van &man.devfs.5;, blijven handmatig
aangemaakte links niet bestaan als een systeem wordt herstart.
Om automatisch symbolische links aan te laten maken als een
systeem start, kunnen de volgende regels toegevoegd worden aan
/etc/devfs.conf:link acd0 dvd
link acd0 rdvdDaarnaast zijn voor het decoderen van DVD, waarvoor
bijzondere DVD-ROM functies aangeroepen worden, schrijfrechten
op de DVD-apparaten nodig.
-
- kernelopties
-
- CPU_ENABLE_SSE
-
-
-
- kernelopties
-
- USER_LDT
-
-
- Een aantal van de hier besproken ports hebben specifieke
- kernelopties nodig om correct gebouwd te worden. Voeg de
- onderstaande instelling toe aan het bestand met
- kernelinstellingen, bouw en installeer daarna de kernel en
- herstart het systeem:
-
- option CPU_ENABLE_SSE
-
-
- In &os; 4.X dient option USER_LDT
- toegevoegd te worden aan het bestand met kernelinstellingen.
- In &os; 5.X en later bestaat deze optie niet.
-
-
- Om de gedeeld geheugen interface van X11 te verbeteren,
- wordt aangeraden dat een aantal variablelen van &man.sysctl.8;
+ Om de gedeeld-geheugeninterface van X11 te verbeteren,
+ wordt aangeraden dat een aantal variabelen van &man.sysctl.8;
worden verhoogd:kern.ipc.shmmax=67108864
kern.ipc.shmall=32768Videomogelijkheden vaststellenXVideoSDLDGAEr zijn een aantal methoden om video weer te geven onder
X11. Welke echt werkt, is voornamelijk afhankelijk van de
gebruikte hardware. Iedere hieronder beschreven methode geeft
andere resultaten op andere hardware. De laatste tijd krijgt
het renderen van video in X11 veel aandacht en bij iedere
versie van &xorg; of
&xfree86; kan er een aanzienlijke
verbetering zijn.Een lijst van veel gebruikte video-interfaces:X11: normale X11 uitvoer met gebruikmaking van gedeeld
geheugen;XVideo: een uitbreiding op de X11 interface die video
in een door X11 getekend object ondersteunt;SDL: de Simple Directmedia Layer;DGA: de Direct Graphics Access;SVGAlib: low level console grafische laag.XVideo&xorg; en
&xfree86; 4.X kennen een
uitbreiding XVideo, ook bekend als
Xvideo, Xv of xv, waarmee video direct weergegeven kan worden
in getekende objecten door een speciale versneller. Deze
uitbreiding geeft een goede afspeelkwaliteit, zelfs op
machines met mindere specificaties.Of de uitbreiding actief is, kan gecontroleerd worden met
het commando xvinfo:&prompt.user; xvinfoXVideo wordt ondersteund als de uitvoer er ongeveer als
volgt uitziet:X-Video Extension version 2.2
screen #0
Adaptor #0: "Savage Streams Engine"
number of ports: 1
port base: 43
operations supported: PutImage
supported visuals:
depth 16, visualID 0x22
depth 16, visualID 0x23
number of attributes: 5
"XV_COLORKEY" (range 0 to 16777215)
client settable attribute
client gettable attribute (current value is 2110)
"XV_BRIGHTNESS" (range -128 to 127)
client settable attribute
client gettable attribute (current value is 0)
"XV_CONTRAST" (range 0 to 255)
client settable attribute
client gettable attribute (current value is 128)
"XV_SATURATION" (range 0 to 255)
client settable attribute
client gettable attribute (current value is 128)
"XV_HUE" (range -180 to 180)
client settable attribute
client gettable attribute (current value is 0)
maximum XvImage size: 1024 x 1024
Number of image formats: 7
id: 0x32595559 (YUY2)
guid: 59555932-0000-0010-8000-00aa00389b71
bits per pixel: 16
number of planes: 1
type: YUV (packed)
id: 0x32315659 (YV12)
guid: 59563132-0000-0010-8000-00aa00389b71
bits per pixel: 12
number of planes: 3
type: YUV (planar)
id: 0x30323449 (I420)
guid: 49343230-0000-0010-8000-00aa00389b71
bits per pixel: 12
number of planes: 3
type: YUV (planar)
id: 0x36315652 (RV16)
guid: 52563135-0000-0000-0000-000000000000
bits per pixel: 16
number of planes: 1
type: RGB (packed)
depth: 0
red, green, blue masks: 0x1f, 0x3e0, 0x7c00
id: 0x35315652 (RV15)
guid: 52563136-0000-0000-0000-000000000000
bits per pixel: 16
number of planes: 1
type: RGB (packed)
depth: 0
red, green, blue masks: 0x1f, 0x7e0, 0xf800
id: 0x31313259 (Y211)
guid: 59323131-0000-0010-8000-00aa00389b71
bits per pixel: 6
number of planes: 3
type: YUV (packed)
id: 0x0
guid: 00000000-0000-0000-0000-000000000000
bits per pixel: 0
number of planes: 0
type: RGB (packed)
depth: 1
red, green, blue masks: 0x0, 0x0, 0x0Sommige van de weergegeven formaten (YUV2, YUV12,
enzovoort) zijn niet in iedere implementaties van XVideo
beschikbaar en hun afwezigheid kan sommige spelers
hinderen.Als het resultaat er als hieronder uitziet, is er geen
ondersteuning voor XVideo aanwezig op de videokaart in een
systeem:X-Video Extension version 2.2
screen #0
no adaptors presentAls XVideo voor een kaart niet wordt ondersteund, dan
betekent dat alleen dat het lastiger wordt om op een
beeldscherm aan de vereisten voor het renderen van video te
voldoen. Afhankelijk van de videokaart en de processor kan
het toch nog mogelijk zijn om acceptabele prestaties neer te
zetten. In staan
verwijzingen naar leesvoer over mogelijkheden voor het
verbeteren van prestaties.Eenvoudige Directmedia LaagDe Eenvoudige Directmedia Laag (Simple Directmedia
Layer), SDL, was bedoeld als een porting-laag tussen
µsoft.windows;, BeOS en &unix;, waardoor cross-platform
toepassingen konden worden ontwikkeld die efficiënt
gebruik maken van geluid en beelden. De SDL laag biedt een
abstractie op laag niveau naar de hardware die soms
efficiënter kan zijn dan de X11 interface.De SDL staat in devel/sdl12.Directe Grafische ToegangDirecte Grafische Toegang (Direct Graphics Access) is een
X11 uitbreiding die een programma in staat stelt voorbij te
gaan aan de X server en de framebuffer direct kan wijzigen.
Omdat hij afhankelijk is van geheugenmapping op een laag
niveau om dit delen uit te voeren, moeten programma's die er
gebruik van maken als root
draaien.De DGA uitbreiding kan getest en gebenchmarkt worden met
&man.dga.1;. Als dga draait, verandert
het de kleuren op een scherm als er een toets wordt
ingedrukt. Om te stoppen kan de toets q
gebruikt worden.
- Ports en packages met video
+ Ports en pakketten met videovideopoorten
- videopackages
+ videopakkettenIn dit onderdeel wordt de software die vanuit de &os;
Portscollectie beschikbaar is voor het afspelen van video
beschreven. Het afspelen van video is een tak van
softwareontwikkeling die erg in beweging is en de mogelijkheden
van de verschillende applicaties verschillen zeer
waarschijnlijk van wat hier is beschreven.Als eerste is het belangrijk om te weten dat veel
applicaties die met video te maken hebben en op &os; draaien
ontwikkeld zijn als &linux; applicaties. Veel van die
applicaties zijn op het moment van schrijven van
beta-kwaliteit. Problemen die te verwachten zijn bij het
gebruik van de beschreven videopakketten op &os; zijn:Een applicatie kan geen bestanden afspelen die zijn
gemaakt met een andere applicatie;Een applicatie kan geen bestanden afspelen die met de
applicatie zelf zijn gemaakt;Dezelfde applicatie, op twee verschillende machines
gebouwd, speelt hetzelfde bestand op twee machines anders
af;
- Een ogenschijlijk triviale filter, zoals het herschalen
+ Een ogenschijnlijk triviale filter, zoals het herschalen
van beeldgrootte, kan resulteren in vreselijk vervelende
artefacten door fouten in de routine voor het
herschalen;Een applicatie dumpt zijn core regelmatig;Documentatie wordt niet geïnstalleerd bij de port
en staat op het web of in de map work van de port.Veel van deze applicaties kunnen ook
Linux-ismes vertonen. Zo kunnen er bijvoorbeeld
problemen ontstaan door de wijze waarop standaard bibliotheken
zijn geïmplementeerd in de &linux; distributies of een
aantal van de mogelijkheden van de &linux;-kernel, waarvan
door de makers van de applicatie wordt aangenomen dat ze
aanwezig zijn. Dit soort problemen zijn niet altijd zichtbaar
en er wordt ook omheen gewerkt door de beheerders van ports,
wat tot de volgende mogelijke problemen kan leiden:Het gebruik van /proc/cpuinfo om
processorkarakteristieken uit te lezen;Het verkeerd gebruiken van threads, waardoor een
programma hangt als het klaar is, in plaats van dat het
echt eindigt;Software die nog niet in de &os; Portscollectie zit en
vaak gebruikt wordt samen met een applicatie die daar wel
onderdeel van uitmaakt.Tot nu toe is gebleken dat de ontwikkelaars van applicaties
wel coöperatief waren met de beheerders van ports om zo
- het aantal work-arounds dat nodig was voor het porten tot een
- minimum te beperken.
+ het aantal work-arounds dat nodig was voor het overzetten tot
+ een minimum te beperken.MPlayerMPlayer is een zich snel
ontwikkelende videospeler. De doelen van het
MPlayer-team zijn snelheid en
flexibiliteit onder &linux; en andere Unices. Het project is
gestart toen de oprichter van het team genoeg had van de
slechte afspeelprestaties van de destijds beschikbare
spelers. Er zijn mensen die zeggen dat het grafische ontwerp
is opgeofferd voor het stroomlijnen van het ontwerp, maar het
blijkt dat, als een gebruiker gewend is aan de
commandoregelopties en de toetsencommando's, de applicatie
erg goed werkt.MPlayer bouwenMPlayermakenMPlayer staat in multimedia/mplayer.
MPlayer voert een aantal
hardwarecontroles uit tijdens het bouwen, wat resulteert in
een binair bestand dat niet van het ene naar het andere
systeem verplaatst kan worden. Daarom is het van belang
dat het uit de ports wordt gebouwd en niet als binair
- package wordt geïnstalleerd. Daarnaast staan er ook
+ pakket wordt geïnstalleerd. Daarnaast staan er ook
nog opties die vanaf de make
commandoregel meegegeven kunnen worden beschreven in de
Makefile en aan het begin van de
build:&prompt.root; cd /usr/ports/multimedia/mplayer
&prompt.root; make
N - O - T - E
Take a careful look into the Makefile in order
to learn how to tune mplayer towards you personal preferences!
For example,
make WITH_GTK1
builds MPlayer with GTK1-GUI support.
If you want to use the GUI, you can either install
/usr/ports/multimedia/mplayer-skins
or download official skin collections from
http://www.mplayerhq.hu/homepage/dload.htmlDe standaard portopties zijn voor de meeste gebruikers
voldoende. Maar als bijvoorbeeld de XviD codec nodig is,
dan moet de optie WITH_XVID op de
commandoregel meegegeven worden. Het standaard
DVD-apparaat kan ook gedefinieerd worden met de optie
WITH_DVD_DEVICE, waarbij standaard
/dev/acd0 wordt gebruikt.Op het moment van schrijven wordt de
MPlayer port gebouwd met de HTML
documentatie en twee uitvoerbare bestanden,
mplayer en mencoder,
wat een hulpmiddel is voor het opnieuw encoderen van
video.De HTML documentatie voor
MPlayer is erg informatief. Als
de lezer vindt dat er informatie over videohardware en
interfaces in dit hoofdstuk mist, dan is de documentatie
van MPlayer een zeer grondige
aanvulling. Het is de moeite waard de tijd te nemen om de
documentatie van MPlayer te
lezen, als meer informatie over de ondersteuning van video
in &unix; welkom is.MPlayer gebruikenMPlayergebruikenIedere gebruiker van MPlayer
dient een submap .mplayer in zijn
thuismap te hebben. Die kan als volgt gemaakt
worden:&prompt.user; cd /usr/ports/multimedia/mplayer
&prompt.user; make install-userDe commando-opties voor mplayer
staan in de hulppagina. Nog meer details staan in de HTML
documentatie. In dit onderdeel worden slechts een aantal
gebruiksmogelijkheden beschreven.Om een bestand als
- testfile.avi
+ testbestand.avi
af te spelen met een van de beschikbare video-interfaces,
kan de optie gebruikt worden:
- &prompt.user; mplayer -vo xv testfile.avi
+ &prompt.user; mplayer -vo xv testbestand.avi
- &prompt.user; mplayer -vo sdl testfile.avi
+ &prompt.user; mplayer -vo sdl testbestand.avi
- &prompt.user; mplayer -vo x11 testfile.avi
+ &prompt.user; mplayer -vo x11 testbestand.avi
- &prompt.root; mplayer -vo dga testfile.avi
+ &prompt.root; mplayer -vo dga testbestand.avi
- &prompt.root; mplayer -vo 'sdl:dga' testfile.avi
+ &prompt.root; mplayer -vo 'sdl:dga' testbestand.aviHet is de moeite waard alle bovenstaande opties uit te
proberen omdat hun relatieve prestatie afhangt van vele
factoren die aanzienlijk verschillen tussen
hardware.Om een DVD af te spelen dient
- testfile.avi vervangen te worden door
+ testbestand.avi
+ vervangen te worden door
waar
N het titelnummer is dat
afgespeeld moeten worden en
- APPARAAT de
- apparaatnode is voor de DVD-ROM. Om bijvoorbeeld titel 3
- van /dev/dvd af te spelen:
+ APPARAAT het
+ apparaatknooppunt is voor de DVD-ROM. Om bijvoorbeeld titel
+ 3 van /dev/dvd af te spelen:
&prompt.root; mplayer -vo xv dvd://3 -dvd-device /dev/dvdHet standaard DVD-apparaat kan ingesteld worden bij
het bouwen van de MPlayer port
met de optie WITH_DVD_DEVICE.
Standaard is dit apparaat /dev/acd0.
Meer details staan in de Makefile
van de port.Om te stoppen, pauzeren, verder te spoelen, enzovoort,
kunnen de toetsendefinities gebruikt worden, die in te zien
zijn door mplayer -h uit te voeren of
de hulppagina te lezen.Overige belangrijke opties voor het afspelen zijn:
, waarmee het volledige scherm
wordt gebruikt, en , die
prestatieverhogend werkt.Om ervoor te zorgen dat de commandoregels niet te lang
worden, kan het bestand
.mplayer/config met
voorkeursinstellingen gemaakt worden:vo=xv
fs=yes
zoom=yesTenslotte kan mplayer gebruikt
worden om een DVD naar een bestand van het type
.vob te rippen. Om de tweede titel
van een DVD de dumpen kan het volgende commando gebruikt
worden:&prompt.root; mplayer -dumpstream -dumpfile out.vob dvd://2 -dvd-device /dev/dvdHet uitvoerbestand out.vob, is
van het type MPEG en kan bewerkt worden met andere in dit
onderdeel besproken programma's.mencodermencoderVoordat mencoder wordt gebruikt, is
het verstandig de opties uit de HTML-documentatie te
bekijken. Er is een hulppagina, maar die is niet echt
bruikbaar zonder de HTML-documentatie. Er zijn ontelbare
mogelijkheden om de kwaliteit te verhogen, de bitrate te
verlagen en formaten te wijzigen en een aantal van die
truuks maken het verschil tussen goede en slechte
prestaties. Hieronder staan een aantal voorbeelden
- beschreven.
-
- Eenvoudigweg kopiëren:
+ beschreven. Eerst een eenvoudige kopie:
- &prompt.user; mencoder input.avi -oac copy -ovc copy -o output.avi
+ &prompt.user; mencoder invoer.avi -oac copy -ovc copy -o uitvoer.aviVerkeerde combinaties van commandoregelopties kunnen
resulteren in uitvoerbestanden die zelfs niet af te spelen
zijn door mplayer. Daarom wordt
aangeraden om het bij de optie
in
mplayer te houden als het alleen maar
nodig is een bestand te rippen.
- Om input.avi te converteren naar
- de MPEG4-codec met MPEG3-audio encoding (audio/lame is
- verplicht):
+ Om invoer.avi
+ te converteren naar de MPEG4-codec met MPEG3-audio
+ encodering (audio/lame
+ is verplicht):
- &prompt.user; mencoder input.avi -oac mp3lame -lameopts br=192 \
--ovc lavc -lavcopts vcodec=mpeg4:vhq -o output.avi
+ &prompt.user; mencoder invoer.avi -oac mp3lame -lameopts br=192 \
+-ovc lavc -lavcopts vcodec=mpeg4:vhq -o utvoer.aviHiermee wordt uitvoer gemaakt die af te spelen is met
mplayer en
xine.
- input.avi kan worden vervangen
- door en als
- root gedraaid worden om een DVD titel
- direct te hercoderen. Omdat het waarschijnlijk is dat de
- eerste experimenten niet direct tevredenstellend zijn,
- wordt aangeraden een titel eerst naar een bestand te dumpen
- en dat als werkbestand te gebruiken.
+ invoer.avi
+ kan worden vervangen door en als root
+ gedraaid worden om een DVD-titel direct te hercoderen.
+ Omdat het waarschijnlijk is dat de eerste experimenten niet
+ direct tevredenstellend zijn, wordt aangeraden een titel
+ eerst naar een bestand te dumpen en dat als werkbestand te
+ gebruiken.xine videospelerDe xine videospeler is een
project met een brede scope, dat niet alleen tracht een
allesomvattende video-oplossing te bieden, maar ook probeert
een herbruikbare basisbibliotheek en een modulair uitvoerbaar
bestand te maken dat uitgebreid kan worden met plug-ins. Het
- kan als package en port geïnstalleerd worden uit
+ kan als pakket en port geïnstalleerd worden uit
multimedia/xine.De xine speler heeft nog wat
ruwe randjes, maar is zeker goed van start gegaan. In de
praktijk heeft xine een snelle CPU
met een snelle videokaart of ondersteuning voor de XVideo
extensie nodig. De GUI is bruikbaar, maar wat
onhandig.Op het moment van schrijven wordt er geen invoermodule
bij xine geleverd waarmee CSS
gecodeerde DVD's afgespeeld kunnen worden. Er zijn er die
door andere partijen zijn gebouwd die dat type modules wel
hebben, maar die zijn niet beschikbaar in de &os;
Portscollectie.Vergeleken met MPlayer, doet
xine meer voor de gebruiker, maar
tegelijkertijd neemt het wat van de
- fijnafstellingsmogelijkheden weg. De
- xine videospeler werkt het beste
- op XVideo interfaces.
+ fijnafstellingsmogelijkheden weg. De videospeler
+ xine werkt het beste op
+ XVideo-interfaces.
Standaard start de xine speler
op in een grafische gebruikersinterface. Via het menu kan
een specifiek bestand geopend worden:&prompt.user; xineHet is ook mogelijk om zonder de GUI direct een bestand
af te laten spelen:
- &prompt.user; xine -g -p mymovie.avi
+ &prompt.user; xine -g -p mijnfilm.avitranscode
hulpprogramma'sDe software transcode is geen
speler, maar een verzameling hulpprogramma's voor het
hercoderen van video- en audiobestanden. Met
transcode wordt het mogelijk om
videobestanden samen te voegen, kapotte bestanden te
repareren en commandoregelprogramma's te gebruiken met
stdin/stdout stream interfaces.Tijdens het bouwen van de port multimedia/transcode kan een
groot aantal opties opgegeven worden en de volgende
commandoregel wordt geadviseerd om
transcode te bouwen:&prompt.root; make WITH_OPTIMIZED_CFLAGS=yes WITH_LIBA52=yes WITH_LAME=yes WITH_OGG=yes \
WITH_MJPEG=yes -DWITH_XVID=yesDe geadviseerde instellingen zijn toereikend voor de
meeste gebruikers.Om de mogelijkheden van transcode te
illustreren volgt nu een voorbeeld van hoe een DivX-bestand
om te zetten in een PAL MPEG-1-bestand (PAL VCD):
- &prompt.user; transcode -i input.avi -V --export_prof vcd-pal -o output_vcd
-&prompt.user; mplex -f 1 -o output_vcd.mpg output_vcd.m1v output_vcd.mpa
+ &prompt.user; transcode -i invoer.avi -V --export_prof vcd-pal -o uitvoer_vcd
+&prompt.user; mplex -f 1 -o uitvoer_vcd.mpg uitvoer_vcd.m1v uitvoer_vcd.mpaHet resulterende MPEG-bestand,
- output_vcd.mpg, is klaar om afgespeeld
- te worden met MPlayer. Het kan
- ook op een CD-R gebrand worden om er een Video CD mee te
- maken. In dat geval is het nodig om de programma's uitvoer_vcd.mpg,
+ is klaar om afgespeeld te worden met
+ MPlayer. Het kan ook op een CD-R
+ gebrand worden om er een Video-CD mee te maken. In dat geval
+ is het nodig om de programma's multimedia/vcdimager en sysutils/cdrdao te
installeren.Er is een hulppagina voor transcode,
maar kijk ook op transcode
wiki voor meer informatie en voorbeelden.Als de twee vergeleken worden, draait
transcode aanzienlijk langzamer dan
mencoder, maar is de kans wel groter dat
er een bestand uit komt dat op de meeste spelers afgespeeld
kan worden. MPEG-bestanden die met
transcode zijn gemaakt, zijn bijvoorbeeld
al afgespeeld op &windows.media;
Player en Apple's
&quicktime;.Verder lezenDe beschikbare videosoftware pakketten voor &os; zijn fors
in ontwikkeling. Het is goed mogelijk dat in de nabije
toekomst de meeste problemen die hier aan de kaak zijn gesteld,
zijn opgelost. Intussen kunnen zij die het hoogst haalbare uit
de A/V mogelijkheden voor &os; willen halen, dat het beste
doen door wat beschikbaar is bij elkaar te scharrelen uit de
beschikbare FAQ's and tutorials en meerdere programma's
gebruiken. Het doel van deze paragraaf is de lezer wat
richting te geven op dat vlak.De MPlayer
documentatie is technisch erg informatief. Deze
documenten kunnen het beste bekeken worden door iemand die veel
kennis wil opdoen over video in &unix;. Op de
MPlayer mailinglijst wordt het niet
- op prijsgesteld als iemand de documentatie niet heeft gelezen,
+ op prijs gesteld als iemand de documentatie niet heeft gelezen,
dus het is verstandig RTFM in gedachten te houden alvorens
- bug reports naar ze te mailen.
+ bug rapportages naar ze te mailen.
De xine
HOWTO bevat een hoofdstuk over het verbeteren van
prestaties, dat op alle spelers van toepassing is.Tenslotte zijn er nog een aantal veelbelovende applicaties
die het proberen waard zijn:Avifile
bestaat ook als port: multimedia/avifile;
+ role="package">multimedia/avifile;
Ogle
is er ook als port: multimedia/ogle;
+ role="package">multimedia/ogle;
Xtheater;multimedia/dvdauthor, een open
source pakket voor authoring van DVD content.JosefEl-RayesOorspronkelijk geschreven door MarcFonvieilleVerbeterd en aangepast door TV-kaarten installerenTV-kaartenInleidingMet TV-kaarten is het mogelijk om naar (kabel)uitzendingen
te kijken op een computer. Op de meeste kaarten kan composiet
video aangeleverd worden via een RCA of S-video input en
sommige kaarten hebben ook een FM tuner.&os; biedt ondersteuning voor PCI-gebaseerde TV-kaarten met
een Brooktree Bt848/849/878/879 of een Conexant CN-878/Fusion
878a Video Capture Chip met het stuurprogramma &man.bktr.4;.
Het is van belang dat er op de kaart ook een ondersteunde
tuner zit. Hiervoor kan &man.bktr.4; geraadpleegd worden,
waarin een lijst met ondersteunde tuners staat.Stuurprogramma toevoegenVoordat de kaart gebruikt kan worden, dient het
stuurprogramma &man.bktr.4; geladen te worden. Dit kan door
de volgende regel aan /boot/loader.conf
toe te voegen:bktr_load="YES"Daarnaast is het ook mogelijk om statisch ondersteuning
voor de TV-kaart in de kernel te compileren. Dan dient de
volgende regel toegevoegd te worden aan de
kernelinstellingen:device bktr
device iicbus
device iicbb
device smbusDe extra stuurprogramma's zijn nodig omdat de
kaartcomponenten verbonden zijn via een I2C bus. Met deze
instellingen kan een nieuwe kernel gebouwd en
geïnstalleerd worden.Als een systeem eenmaal ondersteuning biedt, hoort de
TV-kaart ongeveer als volgt bij een herstart getoond te
worden:bktr0: <BrookTree 848A> mem 0xd7000000-0xd7000fff irq 10 at device 10.0 on pci0
iicbb0: <I2C bit-banging driver> on bti2c0
iicbus0: <Philips I2C bus> on iicbb0 master-only
iicbus1: <Philips I2C bus> on iicbb0 master-only
smbus0: <System Management Bus> on bti2c0
bktr0: Pinnacle/Miro TV, Philips SECAM tuner.Deze berichten kunnen afwijken, afhankelijk van de
gebruikte hardware. Het is van belang te controleren of de
tuner juist herkend wordt; er kunnen nog een aantal
instellingen gemaakt worden voor parameters met &man.sysctl.8;
MIB's en in het kernelinstellingenbestand. Om bijvoorbeeld het
gebruik van een Philips SECAM tuner te forceren, kan de
volgende regel aan het bestand met kernelinstellingen worden
toegevoegd:options OVERRIDE_TUNER=6Dit kan ook via een instelling van &man.sysctl.8;:&prompt.root; sysctl hw.bt848.tuner=6
- In &man.bktr.4; en
+ In de hulppagina voor &man.bktr.4; en
/usr/src/sys/conf/NOTES staan meer details
- over de beschikbare opties (onder &os; 4.X dient voor
- /usr/src/sys/conf/NOTES het bestand
- /usr/src/sys/i386/conf/LINT gelezen te
- worden).
+ over de beschikbare opties.Handige programma'sOm een TV-kaart te gebruiken, dient een van de volgende
applicaties geïnstalleerd te worden:multimedia/fxtv
biedt TV-in-een-window en beeld/audio/videocapture
mogelijkheden;multimedia/xawtv
is ook een TV applicatie met dezelfde mogelijkheden als
fxtv;misc/alevt
decodeert Videotext/Teletext en kan deze weergeven;audio/xmradio, een
- applicatie om de FM tuner die bij sommige TV-kaarten zit te
+ applicatie om de FM-tuner die bij sommige TV-kaarten zit te
gebruiken;audio/wmtune, een
handige bureaubladapplicatie voor radiotuners.Er zijn nog meer applicaties beschikbaar in de
Portscollectie.Problemen oplossenBij problemen met een TV-kaart dient eerst gecontroleerd te
worden of de videocapture chip en de tuner echt ondersteund
worden door het stuurprogramma &man.bktr.4; en of de juiste
instellingen worden gebruikt. Voor meer ondersteuning en
vragen over een specifieke TV-kaart is het aan te raden de
archieven van de &a.multimedia.name; mailinglijst te
raadplegen of er contact mee op te nemen.MarcFonvieilleGeschreven door ScannersscannersInleiding
- In &os; is het, net als in andere moderne
- besturingssystemen, mogelijk om scanners te gebruiken.
- Gestandaardiseerde toegang tot scanners is mogelijk met de
+ In &os; is toegang tot scanners mogelijk met
SANE (Scanner Access Now
Easy) API uit de &os; Portscollectie.
SANE gebruikt ook een aantal &os;
apparaatstuurprogramma's om toegang te krijgen tot de hardware
van de scanner.
- &os; ondesteunt SCSI en USB scanners. Het is van belang te
+ &os; ondersteunt SCSI en USB scanners. Het is van belang te
controleren of een scanner door SANE
wordt ondersteund voordat er instellingen worden gemaakt.
SANE heeft een lijst met ondersteunde
+ url="http://www.sane-project.org/sane-supported-devices.html">ondersteunde
apparaten waarin gekeken kan worden of een scanner
wordt ondersteund en wat de status voor ondersteuning is. In
&man.uscanner.4; staat een lijst met ondersteunde
USB-scanners.Kernel instellenZoals hierboven al is aangegeven, worden zowel SCSI als
USB-scanners ondersteund. Afhankelijk van de gebruikte
scannerinterface zijn verschillende apparaatstuurprogramma's
nodig.USB interfaceIn de GENERIC kernel zitten
standaard de apparaatstuurprogramma's die nodig zijn voor
ondersteuning van USB-scanners. In het geval wordt besloten
tot het maken van een aangepaste kernel, dan dienen de
volgende regels in het kernelinstellingenbestand te worden
opgenomen:device usb
device uhci
device ohci
device uscannerAfhankelijk van de USB-chipset op een moederbord, is
alleen device uhci of
device ohci nodig, maar het opnemen van
beiden in het bestand met kernelinstellingen is niet
schadelijk.Als het niet wenselijk is een nieuwe kernel te bouwen en
er wordt geen GENERIC kernel gebruikt,
dan kan de apparaatstuurprogrammamodule &man.uscanner.4;
direct geladen worden met &man.kldload.8;:&prompt.root; kldload uscannerOm de module bij iedere systeemstart te laden kan de
volgende regel aan /boot/loader.conf
worden toegevoegd:uscanner_load="YES"Na een herstart met een juiste ingestelde kernel of na
het laden van de benodigde module, kan de USB-scanner
- aangesloten worden. De scanner hoort ongeveer als volgt
- gemeld te worden in de systeemberichtbuffer
- (&man.dmesg.8;):
+ aangesloten worden. Een regel die de detectie van uw scanner
+ aangeeft zou in de berichtenbuffer van het systeem
+ (&man.dmesg.8;) moeten verschijnen:
uscanner0: EPSON EPSON Scanner, rev 1.10/3.02, addr 2
- Het bovenstaande geeft aan dat de scanner de apparaatnode
- /dev/uscanner0 gebruikt.
-
-
- Om onder &os; 4.X bepaalde USB-apparaten te zien,
- moet daar de USB daemon (&man.usbd.8;) draaien. Om die in
- te schakelen, dient usbd_enable="YES"
- toegevoegd te worden aan /etc/rc.conf
- en dient een systeem herstart te worden.
-
+ Het bovenstaande geeft aan dat de scanner het
+ apparaatknooppunt /dev/uscanner0
+ gebruikt.SCSI interfaceAls een scanner een SCSI interface heeft, is het
belangrijk te weten welk SCSI controllerbord gebruikt gaat
worden. Afhankelijk van de gebruikte SCSI chipset, dient het
bestand met kernelinstellingen aangepast te worden. De
GENERIC kernel ondersteunt de meest
voorkomende SCSI controllers. In het bestand
- NOTES (LINT onder
- &os; 4.X) is de juiste instelling te vinden die
- toegevoegd moet worden aan het bestand met
+ NOTES is de juiste instelling te vinden
+ die toegevoegd moet worden aan het bestand met
kernelinstellingen. Naast het toevoegen van het juiste
SCSI-adapter stuurprogramma, dienen ook de volgende regels
opgenomen te worden in het kernelinstellingenbestand:device scbus
device pass
- Als de kernel juist gecompileerd is, horen de apparaten
- zichtbaar te zijn in de systeemberichtbuffer tijdens het
- opstarten:
+ Als de kernel juist gecompileerd en geïnstalleerd is,
+ horen de apparaten tijdens het opstarten zichtbaar te zijn in
+ de systeemberichtbuffer:pass2 at aic0 bus 0 target 2 lun 0
pass2: <AGFA SNAPSCAN 600 1.10> Fixed Scanner SCSI-2 device
pass2: 3.300MB/s transfersAls een scanner niet aan staat tijdens het opstarten, is
het nog mogelijk handmatig detectie te forceren door de
SCSI-bus te laten scannen met &man.camcontrol.8;:&prompt.root; camcontrol rescan all
Re-scan of bus 0 was successful
Re-scan of bus 1 was successful
Re-scan of bus 2 was successful
Re-scan of bus 3 was successfulIn het bovenstaande geval zal de scanner ongeveer als
volgt verschijnen in de lijst met SCSI-apparaten:&prompt.root; camcontrol devlist
<IBM DDRS-34560 S97B> at scbus0 target 5 lun 0 (pass0,da0)
<IBM DDRS-34560 S97B> at scbus0 target 6 lun 0 (pass1,da1)
<AGFA SNAPSCAN 600 1.10> at scbus1 target 2 lun 0 (pass3)
<PHILIPS CDD3610 CD-R/RW 1.00> at scbus2 target 0 lun 0 (pass2,cd0)
- Meer details over SCSI-apparaten staan in &man.scsi.4; en
- &man.camcontrol.8;.
+ Meer details over SCSI-apparaten staan in de hulppagina's
+ voor &man.scsi.4; en &man.camcontrol.8;.SANE instellenHet SANE systeem is opgesplitst
in twee delen: de backends (graphics/sane-backends) en de
frontends (graphics/sane-frontends). Het deel
met de backends zorgt voor de toegang tot de scanner zelf. In
de lijst met door SANEondersteunde
+ url="http://www.sane-project.org/sane-supported-devices.html">ondersteunde
apparaten staat welk backend welke scanner(s)
ondersteunt. Het is echt nodig het juiste backend vast te
stellen, omdat het anders bijzonder lastig wordt een scanner
aan de praat te krijgen. Het deel met frontends levert een
grafische scaninterface
(xscanimage).
- Als eerste dient de port of het package graphics/sane-backends
- geïnstalleerd te worden. Daarna kan met het commando
+ De eerste stap is om de port of het pakket graphics/sane-backends te
+ installeren. Daarna kan met het commando
sane-find-scanner gecontroleerd worden welke
scanner er door het SANE systeem is
gedetecteerd:&prompt.root; sane-find-scanner -q
found SCSI scanner "AGFA SNAPSCAN 600 1.10" at /dev/pass3
- In de uitvoer is te lezen welk type interface en welke
- apparaatnode worden gebruikt om de scanner met een systeem te
- verbinden. Het merk en het model worden wellicht niet getoond,
- maar dat is ook niet echt van belang.
+ In de uitvoer is te lezen welk type interface en welk
+ apparaatknooppunt worden gebruikt om de scanner met een systeem
+ te verbinden. Het merk en het model worden wellicht niet
+ getoond, maar dat is ook niet echt van belang.Sommige USB-scanners verlangen dat er firmware wordt
geladen. Dit wordt uitgelegd in de hulppagina van het
backend. Het is ook van belang &man.sane-find-scanner.1; en
&man.sane.7; te lezen.Hierna kan gecontroleerd worden of de scanner ook te zien
is voor een scanner-frontend. Er zit bij de
SANE backends een standaard
hulpprogramma &man.scanimage.1;. Met dit commando kunnen de
apparaten zichtbaar gemaakt worden en kan vanaf de
commandoregel gescand worden. Met de optie
kunnen de scannerapparaten getoond worden:&prompt.root; scanimage -L
device `snapscan:/dev/pass3' is a AGFA SNAPSCAN 600 flatbed scannerDe afwezigheid van uitvoer of een bericht dat aangeeft dat
er geen scanners zijn aangetroffen, betekent dat
&man.scanimage.1; niet in staat is een scanner te
identificeren. Als dit gebeurt, dient het instellingenbestand
voor het backend aangepast te worden en dient daar de juiste
instelling gemaakt te worden. De map /usr/local/etc/sane.d/ bevat
alle bestanden met instellingen voor de backends. Het is
bekend dat dit identificatieprobleem optreedt bij bepaalde
USB-scanners.De USB-scanner die in
wordt gebruikt, toont bijvoorbeeld de volgende informatie met
sane-find-scanner:&prompt.root; sane-find-scanner -q
found USB scanner (UNKNOWN vendor and product) at device /dev/uscanner0De bovenstaande uitvoer geeft aan dat de scanner juist is
- gedetecteerd, dat hij de USB interface gebruikt en is
- aangesloten op de apparaatnode
+ gedetecteerd, dat hij de USB-interface gebruikt en is
+ aangesloten op het apparaatknooppunt
/dev/uscanner0. Nu kan gecontroleerd
worden of de scanner juist wordt geïdentificeerd:&prompt.root; scanimage -L
No scanners were identified. If you were expecting something different,
check that the scanner is plugged in, turned on and detected by the
sane-find-scanner tool (if appropriate). Please read the documentation
which came with this software (README, FAQ, manpages).Omdat in het bovenstaande voorbeeld de scanner niet wordt
geïdentificeerd, dient het bestand
/usr/local/etc/sane.d/epson.conf
gewijzigd te worden. De gebruikte scanner is een
&epson.perfection; 1650, dus in dit geval dient voor de scanner
het backend epson gebruikt te worden. Het
is van belang om het commentaar in de instellingenbestanden van
de backends te lezen. Het aanpassen van regels is eenvoudig:
plaats een commentaarkarakter voor alle regels voor andere
interfaces dan die nodig zijn weg (in dit geval worden alle
regels die beginnen met het woord scsi
uitgeschakeld, omdat er een USB interface wordt gebruiken), en
dan kan onderaan het bestand een regel met de gebruikte
- interface en apparaatnode geplaatst worden:
+ interface en apparaatknooppunt geplaatst worden:usb /dev/uscanner0Het is aan te raden de opmerkingen te lezen in het bestand
met instellingen voor het backend en ook de hulppagina, omdat
daarin meer details en de correcte syntaxis te vinden zijn. Nu
kan gecontroleerd worden of de scanner wèl juist wordt
geïdentificeerd:&prompt.root; scanimage -L
device `epson:/dev/uscanner0' is a Epson GT-8200 flatbed scanner
- In het bovenstaande voorbeeld wordt duidelijk dat de
- USB-scanner is geïdentificeerd. Het is niet belangrijk
- dat het merk en model niet overeenkomen. Het belangrijkste is
- het veld `epson:/dev/uscanner0', dat de
- juiste benamingen voor het backend en de apparaatnode
+ De USB-scanner is geïdentificeerd. Het is niet
+ belangrijk dat het merk en model niet overeenkomen met de
+ scanner. Het belangrijkste is het veld
+ `epson:/dev/uscanner0', dat de
+ juiste benamingen voor het backend en het apparaatknooppunt
aangeeft.Als scanimage -L in staat is een scanner
goed te zien, dan zijn de instellingen compleet. Er kan nu met
het apparaat gescand worden.Hoewel &man.scanimage.1; in staat is om vanaf de
commandoregel te scannen, is het aan te raden beelden te
scannen vanuit de grafische gebruikersinterface.
SANE heeft een eenvoudige, maar
efficiënte grafische interface:
xscanimage (graphics/sane-frontends).Xsane (graphics/xsane) is een ander
populair grafisch scanfrontend, dat geavanceerde
mogelijkheden biedt, zoals meerdere scanmodi (fotokopie, fax,
enzovoort), kleurcorrectie, batchscannen, enzovoort. Beide
applicaties zijn als plug-in voor
GIMP te gebruiken.
- Scannergebruik voor andere gebruikers toestaan
+ Andere gebruikers toegang tot de scanner gevenAlle voorgaande taken zijn uitgevoerd met
root rechten, maar het is wellicht ook
nodig dat andere gebruikers de scanner kunnen gebruiken. Dan
heeft een gebruiker lees- en schrijfrechten nodig op de
- apparaatnode voor een scanner. Een USB-scanner gebruikt
- bijvoorbeeld apparaatnode /dev/uscanner0,
- waarvan de groep operator eigenaar is.
- Door gebruiker joe lid te maken van de
- groep operator, kan die gebruiker de
- scanner gebruiken:
+ apparaatknooppunt voor een scanner. Een USB-scanner gebruikt
+ bijvoorbeeld apparaatknooppunt
+ /dev/uscanner0, waarvan de groep
+ operator eigenaar is. Door gebruiker
+ joe lid te maken
+ van de groep operator, kan die gebruiker
+ de scanner gebruiken:
&prompt.root; pw groupmod operator -m joe
- In &man.pw.8; staan meer details. Op de apparaatnode
+ In &man.pw.8; staan meer details. Op het apparaatknooppunt
/dev/uscanner0 moeten ook de juiste
rechten staan. Standaard kan de groep
- operator alleen lezen op de
- apparaatnode. Dit is te wijzigen door de volgende regel aan
- /etc/devfs.rules toe te voegen:
+ operator alleen lezen op het
+ apparaatknooppunt. Dit is te wijzigen door de volgende regel
+ aan /etc/devfs.rules toe te voegen:[system=5]
add path uscanner0 mode 660Daarna kan de volgende regel aan
/etc/rc.conf toegevoegd worden en dient
een machine herstart te worden:devfs_system_ruleset="system"Meer informatie over de bovenstaande instellingen staan in
- &man.devfs.8; manual page. Onder &os; 4.X heeft de groep
- operator standaard lees- en
- schrijfrechten op /dev/uscanner0.
+ de hulppagina voor &man.devfs.8;.
Natuurlijk dient ook beveiliging een factor te zijn in de
afweging of een gebruiker lid gemaakt moet worden van een
bepaalde groep, zeker als dat om de groep
operator gaat.
diff --git a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/preface/preface.sgml b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/preface/preface.sgml
index e3f1a51e01..518747f4b9 100644
--- a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/preface/preface.sgml
+++ b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/preface/preface.sgml
@@ -1,744 +1,791 @@
VoorwoordBedoeld
publiekDe nieuwkomers bij &os; zullen zien dat de eerste sectie van
- dit boek ze begleidt door de &os; installatieprocedure en de
+ dit boek ze begeleidt door de &os; installatieprocedure en de
geleidelijke introductie in de concepten van &unix;.
Om deze sectie goed te kunnen doorlopen is meer nodig dan de wens
om te ontdekken en de mogelijkheid om nieuwe concepten op te nemen
wanneer ze geïntroduceerd worden.De tweede, veel grotere, sectie van het handboek is een
uitvoerige referentie naar alle mogelijke (relevante) onderwerpen
die interessant zijn voor &os; systeembeheerders. Sommige van deze
hoofdstukken adviseren mogelijk om eerdere documentatie te lezen.
Dit wordt aangegeven in de samenvatting aan het begin van elk
hoofdstuk.Voor een lijst van extra bronnen van informatie zie
.Wijzigingen ten
opzichte van de tweede editieDeze derde editie is het resultaat van meer dan twee jaar
- werk van de toegewijde leden van het &os; Documentatieproject.
+ werk van de toegewijde leden van het &os; Documentation Project.
Hieronder staan de grootste veranderingen in deze nieuwe
editie:, Instellingen en
optimalisatie, is uitgebreid met nieuwe informatie over ACPI
- power en resource management, het systeemhulpprogramma cron
- en er staan meer opties voor het optimaliseren van de kernel
- beschreven.
+ power en resource management, het systeemhulpprogramma
+ cron en er staan meer opties voor het
+ optimaliseren van de kernel beschreven.
, Beveiliging, is uitgebreid met
meer informatie over virtuele private netwerken (VPN's),
toegangscontrolelijsten voor het bestandssysteem (ACL's) en
beveiligingswaarschuwingen., Verplichte toegangscontrole (MAC),
is een nieuw hoofdstuk in deze editie. Er wordt in
uitgelegd wat MAC is en hoe het gebruikt kan worden om &os;
te beveiligen., Opslag, is uitgebreid met
informatie over USB opslagapparaten, snapshots van
bestandssystemen, bestandssystemen op basis van bestanden
- en het netwerk en versleutelde partities op disks.
+ en het netwerk en versleutelde partities op schijven.
, Vinum, is een nieuw
hoofdstuk in deze editie. Er wordt in beschreven hoe
Vinum gebruikt kan worden. Vinum is een logische volume
- manager die apparaat onafhankelijke logische disks kan
+ manager die apparaat onafhankelijke logische schijven kan
aanbieden en software RAID-0, RAID-1 en RAID-5.Aan , PPP en SLIP, is een
paragraaf toegevoegd over problemen oplossen., E-mail, is uitgebreid met
informatie over alternatieve transport programma's,
- SMTP authenticatie, UUCP, fetchmail, procmail en een
- aantal andere gevorderde onderwerpen.
+ SMTP authenticatie, UUCP, fetchmail,
+ procmail en een aantal andere
+ gevorderde onderwerpen.
, Netwerkdiensten, is
nieuw in deze editie. Dit hoofdstuk bevat informatie over
- het opzetten van een Apache HTTP Server, FTPd en het
- opzetten van een server voor Microsoft &windows; clients
+ het opzetten van een
+ Apache HTTP Server,
+ ftpd en het
+ opzetten van een server voor µsoft; &windows; clients
met Samba. Een aantal paragrafen
- uit , Netwerken voor
- Gevorderden, zijn om reden van presentatie naar dit hoofdstuk
+ uit , Geavanceerde
+ Netwerken, zijn om reden van presentatie naar dit hoofdstuk
verplaatst., Netwerken voor
gevorderden, is uitgebreid met informatie over het gebruik
- van Bluetooth apparaten met &os;, het opzetten van draadloze
+ van &bluetooth; apparaten met &os;, het opzetten van draadloze
netwerken en Asynchronous Transfer Mode (ATM) netwerken.Er is een termenoverzicht toegevoegd als centrale locatie
voor definities van technische termen die in dit boek
gebruikt worden.
- Tenslotte zijn er nog veel estetische wijzigingen
+ Tenslotte zijn er nog veel esthetische wijzigingen
doorgevoerd aan tabellen en figuren in het boek.Veranderingen ten
opzichte van de eerste editieDeze tweede editie is een optelsom van meer dan twee jaar
werk door vaste leden van het &os; Documentation Project.
Het volgende zijn de grote wijzigingen in deze editie:Er is een complete INDEX toegevoegd.Alle ASCII figuren zijn vervangen door grafische
diagrammen.Aan elk hoofdstuk is een standaardsamenvatting toegevoegd
om een snel overzicht te geven welke informatie zich in het
hoofdstuk bevindt en wat de lezer geacht wordt te weten.De inhoud is logisch ingedeeld in drie delen:
Starten, Systeembeheer en
Appendix. (&os;
installeren) is compleet herschreven met veel
- screenshots erbij om het makkelijker te maken voor nieuwe
+ schermafdrukken erbij om het makkelijker te maken voor nieuwe
gebruikers om greep te krijgen op de tekst. (&unix;
beginselen) is uitgebreid met extra informatie over
processen, daemons en signalen. (Applicaties
installeren) is uitgebreid met extra informatie over
binair package-beheer. (Het X Window systeem)
is compleet herschreven met de nadruk op het gebruik van
moderne bureaubladtechnologiën zoals
KDE en
GNOME op &xfree86; 4.X. (Het &os;
Opstartproces) is uitgebreid. (Opslag) is
herschreven uit wat eens twee aparte hoofdstukken waren over
- disks en backups. We vinden
+ schijven en backups. We vinden
dat de onderwerpen beter begrijpbaar zijn wanneer ze in
één hoofdstuk zijn ondergebracht. Er is ook een
- sectie ver RAID (zowel hardware als softwarematig)
+ sectie over RAID (zowel hardware- als softwarematig)
toegevoegd. (Seriële
communicatie) is compleet gereorganiseerd en
bijgewerkt voor &os; 4.X/5.X. (PPP en SLIP)
is aanzienlijk bijgewerkt.Veel nieuwe secties zijn toegevoegd aan
(Geavanceerd
netwerken). (E-mail)
is uitgebreid met meer informatie over het instellen van
sendmail.
( &linux; binaire compatibiliteit)
is uitgebreid met informatie over het installeren van
&oracle; en
&sap.r3;De volgende nieuwe onderwerpen worden behandeld in
de tweede editie:Instellingen en optimalisatie
().Multimedia ()De opbouw van dit
boekDit boek is opgedeeld in vijf logische secties.
De eerste sectie, Beginnen, behandelt
de installatie en het basisgebruik van &os;. Er wordt verwacht
dat lezers deze hoofdstukken volgt, en mogelijk
hoofdstukken overslaat met bekende onderwerpen. De tweede sectie,
Algemene Taken, behandelt veelgebruikte
functies van &os;. Deze sectie en alle volgende kunnen in een
willekeurige volgorde gelezen worden. Iedere sectie begint met een
beknopte samenvatting die beschrijft wat het hoofdstuk inhoudt en
wat de lezer al moet weten. Dit is bedoeld om de lezer de kans te
geven alleen dat te lezen wat voor hem van belang is. In de derde
sectie, Systeembeheer, wordt het beheer
behandeld. De vierde sectie,
Netwerkcommunicatie, gaat over netwerken en
servers. De vijfde sectie bevat appendices met
referentiemateriaal.,
IntroductieIntroduceert &os; aan een nieuwe gebruiker. Het
beschrijft de geschiedenis van het &os; project, de doelen en
het ontwikkelmodel.,
InstallatieBegeleidt een gebruiker door de installatieprocedure.
Sommige geavanceerde installatie-onderwerpen zoals
installatie door middel van een seriële console worden
ook behandeld., &unix;
beginselenBehandelt de basiscommando's en functionaliteit van het
- &os; besturingssyteem. Als de lezer bekend is met &linux; of
+ &os; besturingssysteem. Als de lezer bekend is met &linux; of
een andere &unix; variant, kan dit hoofdstuk waarschijnlijk
overgeslagen worden., Applicaties
installerenBehandelt de installatie van software van derden, met
zowel &os;'s innovatieve Portscollectie als
de standaard binaire packages., Het X Window
systeemBeschrijft het X Window systeem in het algemeen en
het gebruik van X11 op &os; in het bijzonder. Het beschrijft
ook standaard bureaubladomgevingen zoals
KDE en
GNOME.,
BureaubladapplicatiesLevert standaard bureaubladapplicaties in een lijst,
zoals webbrowsers en productiviteitspakketten, en
beschrijft hoe ze te installeren op &os;.,
MultimediaLaat zien hoe geluid- en video-ondersteuning te
installeren voor een systeem. Het beschrijft ook een
aantal voorbeeld audio- en video- applicaties., Instellen van de
&os; kernelBeschrijft waarom misschien een nieuwe kernel ingesteld
moet worden en levert gedetailleerde instructies voor het
instellen, bouwen en installeren van een eigen kernel.,
AfdrukkenBeschrijft hoe printers beheerd worden onder &os;,
- met informatie over bannerpagina's, afdruk-accouting en
+ met informatie over bannerpagina's, afdruk-accounting en
initiële installatie.
+
+ , &linux; binaire compatibiliteit
+
+
+ Beschrijft de mogelijkheden van &os; voor binaire
+ compatibiliteit met &linux;. Het biedt ook gedetailleerde
+ installatie-instructies voor vele populaire &linux;
+ applicaties zoals &oracle;,
+ &sap.r3;, en
+ &mathematica;.
+
+
+
, Instellingen en
optimalisatie Beschrijft de parameters beschikbaar voor
systeembeheerders om een &os; te optimaliseren voor
de beste prestaties. Het beschrijft ook diverse
instellingenbestanden die gebruikt worden in &os; en waar
die te vinden zijn., Het &os;
opstartprocesBeschrijft de &os; opstartprocedure en legt uit hoe
deze aan te passen met instellingen., Gebruikers en basis
accountbeheer
- Beschrijft hoe gebruikers-accounts aan te maken en te
- wijzigen. Het beschrijft ook welke resource-beperkingen er
+ Beschrijft hoe gebruikersaccounts aan te maken en te
+ wijzigen. Het beschrijft ook welke resourcebeperkingen er
gezet kunnen worden op gebruikers en andere
account-beheerstaken.,
BeveiligingBeschrijft vele verschillende hulpapplicaties die
beschikbaar zijn die helpen om een &os; systeem veilig
te houden, met oa: Kerberos, IPsec en OpenSSH.
+
+ , Jails
+
+
+ Beschrijft het jail-raamwerk, en de verbeteringen van
+ jails (gevangenissen) ten opzichte van de traditionele
+ ondersteuning voor chroot van &os;.
+
+
+
, Verplichte
Toegangscontrole (MAC)Legt uit was Verplichte Toegangscontrole (MAC) is en hoe
het gebruikt kan worden om een &os; te beveiligen.
+
+ , Security Event Auditing
+
+
+ Beschrijft wat &os; Event Auditing is, hoe het
+ geïnstalleerd kan worden, en hoe audit trails
+ geïnspecteerd en gemonitord kunnen worden.
+
+
+
, OpslagBeschrijft hoe opslagmedia en bestandssystemen beheerd
worden onder &os;. Dit omvat fysieke schijven, RAID arrays,
optische en tape media, geheugenschijven en
netwerkbestandssystemen.,
- Geom
+ GEOM
- Beschrijft wat het GEOM framwork in &os; is en hoe de
+ Beschrijft wat het GEOM raamwerk in &os; is en hoe de
verschillende ondersteunde RAID-niveau's in te
stellen.,
VinumBeschrijft hoe Vinum gebruikt wordt, een logische
- volumebeheerder die apparaatonafhankelijke logische disken
+ volumebeheerder die apparaatonafhankelijke logische schijven
levert, met software RAID-0, RAID-1 en RAID-5.
+
+ , Virtualisatie
+
+
+ Beschrijft wat virtualisatiesystemen bieden, en hoe ze met
+ &os; gebruikt kunnen worden.
+
+
+
,
Lokalisatie - I18N/L10N gebruiken en
instellenBeschrijft hoe &os; met andere talen dan Engels te
gebruiken is. Behandelt zowel het systeem- als
applicatieniveau van localisatie., Het scherp van de
snedeGeeft uitleg over de verschillen tussen &os;-STABLE,
- &os;-CURRENT en &os; releases. Beschrijft welke gebruikers
+ &os;-CURRENT en &os; uitgaven. Beschrijft welke gebruikers
voordeel hebben van het bijhouden van een ontwikkelsysteem
en legt dat proces uit., Seriële
communicatieLegt uit hoe een verbinding te maken met terminals en
modems op een &os; systeem voor zowel dial-in als dial-out
verbindingen., PPP en
SLIPBeschrijft hoe PPP, SLIP en PPP over Ethernet te
gebruiken om verbinding te maken met remote systemen met
&os;., E-mailLegt verschillende componenten uit van een mailserver en
gaat dieper in op simpele instellingen voor de populairste
mailserver software:
sendmail.,
NetwerkdienstenGeeft gedetailleerde instructies en voorbeeldinstellingen
om een &os; machine als een netwerk bestandssysteem server,
DNS server, netwerk informatiesysteem server of tijdserver
in te stellen.,
FirewallsLicht de filosofie achter op software gebaseerde
firewalls toe en beschrijf in detail hoe de verschillende
firewalls die in &os; beschikbaar zijn ingesteld kunnen
worden., Netwerken
voor gevorderdenBeschrijft meerdere netwerk onderwerpen, inclusief
- het delen van een internetverbinding met andere computers in
+ het delen van een Internetverbinding met andere computers in
een LAN, routeren voor gevorderden, draadloze netwerken,
- bluetooth, ATM, IPv6 en nog veel meer.
+ &bluetooth;, ATM, IPv6 en nog veel meer.
, &os;
verkrijgenGeeft verschillende bronnen aan voor het verkrijgen van
- &os; media op cd-rom of DVD evenals verschillende sites op
- het internet die gebruikers in staat stellen &os; te
+ &os; media op CD-ROM of DVD evenals verschillende sites op
+ het Internet die gebruikers in staat stellen &os; te
downloaden en te installeren.,
BibliografieDit boek behandelt veel verschillende onderwerpen die de
- lezer misschien hongerig maken naar een gedetaileerdere
+ lezer misschien hongerig maken naar een gedetailleerdere
uitleg. De bibliografie bevat verwijzingen naar een aantal
uitstekende boeken., Bronnen op
InternetBeschrijft de vele forums die beschikbaar zijn voor &os;
gebruikers om vragen te stellen, en om deel te nemen aan
technische conversaties over &os;., PGP
sleutelsGeeft de PGP-vingerafdrukken van verschillende &os;
ontwikkelaars.Overeenkomsten in dit
boekOm consistentie en leesbaarheid te behouden en de leesbaarheid
te behouden worden er een aantal overeenkomsten nageleefd in dit
boek.Typografische
overeenkomstenItalicEen italic lettertype wordt gebruikt
voor bestandsnamen, URL's, benadrukte tekst, en het eerste
gebruik van technische termen.MonospaceEen monospaced lettertype wordt
gebruikt voor foutmeldingen, commando's,
omgevingsvariabelen, namen van ports, hostnamen,
gebruikersnamen, groepsnamen, apparaatnamen, variabelen en
stukjes code.VetEen vet lettertype wordt
gebruikt voor applicaties, commando's en toetsen.GebruikersinvoerToetsen worden weergegeven in bold om op
te vallen tussen andere tekst. Toetscombinaties die bedoeld zijn
om tegelijkertijd getypt te worden worden weergeven met
+' tussen de toetsen zoalsCtrlAltDelBetekent dat de gebruiker de volgende toetsen op hetzelfde
moment moet indrukken: Ctrl, Alt
en Del.Toetsen die bedoeld zijn om achter elkaar te typen worden
gescheiden door komma's, bijvoorbeeldCtrlX,
CtrlSzou betekenen dat de gebruiker de Ctrl
en X toetsen tegelijk moet indrukken en erna
Ctrl en S tegelijkertijd moet
indrukken.VoorbeeldenVoorbeelden die beginnen met E:\>
geven aan dat het een &ms-dos; commando betreft. Tenzij anders
vermeld, kunnen deze commando's in een Command
promptscherm in een moderne µsoft.windows; omgeving
worden gebruikt.E:\>tools\fdimage floppies\kern.flp A:Voorbeelden die starten met een &prompt.root; geven aan dat een
commando ingegeven moet worden als de superuser in &os;. Er kan
aangemeld worden met root om het commando in
te typen, of er kan na als gewone gebruiker aangemeld te hebben
gebruikt gemaakt worden van &man.su.1; om superuser-rechten te
verkrijgen.&prompt.root; dd if=kern.flp of=/dev/fd0Voorbeelden die starten met &prompt.user; geven aan dat een
commando opgegeven moet worden vanuit een normale
gebruikersaccount. Tenzij anders vermeld, wordt de C-shell
syntaxis gebruikt voor het instellen van omgevingsvariabelen en
andere shellcommando's.&prompt.user; topDankwoordenHet boek dat nu voorligt representeert de inspanningen van
honderden mensen over de hele wereld. Of ze nu foutjes
verbeteren of complete hoofdstukken inleveren, ze hebben allemaal
nuttig bijgedragen.Verschillende bedrijven hebben bijgedragen aan het maken
- van dit document door de schrijvers te betalen om hier full-time
+ van dit document door de schrijvers te betalen om hier voltijds
aan te werken, door te betalen voor de publicatie, etc. In het
bijzonder heeft BSDi (Overgenomen door Wind River Systems) leden
- van het &os; Documentatie Project betaald om full-time te werken
+ van het &os; Documentation Project betaald om voltijds te werken
aan het verbeteren van dit boek, wat leidde tot de publicatie van
de eerste editie in maart 2000 (ISBN 1-57176-241-8). Wind River
Systems heeft daarna verschillende schrijvers betaald om een aantal
verbeteringen uit te voeren voor de printuitvoer-infrastructuur en
om extra hoofdstukken toe te voegen aan de tekst. Dit werk leverde
de publicatie van de tweede gedrukte editie in november 2001
(ISBN 1-57176-303-1). In 2003-2004 heeft &os; Mall, Inc een
aantal mensen die bijdragen hebben geleverd betaald om het handboek
te verbeteren voor een derde gedrukte editie.
diff --git a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/users/chapter.sgml b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/users/chapter.sgml
index 588b8fb29a..bc80d31b7f 100644
--- a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/users/chapter.sgml
+++ b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/users/chapter.sgml
@@ -1,1182 +1,1198 @@
NeilBlakey-MilnerGeschreven door SiebrandMazelandVertaald door Gebruikers en basis accountbeheerOverzichtMet &os; is het mogelijk een computer met meerdere gebruikers
tegelijkertijd te gebruiken. Natuurlijk kan er op een zeker
moment maar één gebruiker achter het scherm en
toetsenbord zitten
Tenzij er natuurlijk meerdere terminals worden
aangesloten, maar dat wordt behandeld in .
, maar er kan een groot aantal gebruikers zijn aangemeld via het
netwerk om dingen met de computer te doen. Om een systeem te
gebruiken moet een gebruiker een account hebben.Na het lezen van dit hoofdstuk weet de lezer:De verschillen tussen de gebruikersaccounts op een &os;
systeem;Hoe gebruikersaccounts toe te voegen;Hoe gebruikersaccounts te verwijderen;Hoe eigenschappen van accounts te wijzigen, zoals de
volledige naam van de gebruiker of de voorkeursshell;Hoe op een per account basis limieten in te stellen om
het bronnengebruik van bijvoorbeeld geheugen en processortijd
te reguleren voor accounts en accountgroepen;Hoe groepen te gebruiken om accountbeheer te
vereenvoudigen.Aangeraden voorkennis:Basisbegrip van &unix; en &os; ().InleidingVia accounts wordt alle toegang tot een systeem gegeven en
alle processen worden door gebruikers gedraaid. Dus gebruikers
en accountbeheer zijn van integraal belang op &os;
systemen.Elke account op een &os; systeem heeft een aantal
informatievelden waarmee de account geïdentificeerd kan
worden.GebruikersnaamDe gebruikersnaam, zoals die ingevoerd wordt bij het
prompt login:. Gebruikersnamen moeten
uniek zijn op een computer. Er mogen geen twee
gebruikers zijn met dezelfde gebruikersnaam. Er horen een
aantal regels bij het maken van geldige gebruikersnamen,
die in &man.passwd.5; staan beschreven. Gebruikersnamen
bestaan gewoonlijk uit acht of minder karakters (geen
hoofdletters).WachtwoordBij ieder account hoort een wachtwoord. Het wachtwoord
kan leeg zijn. Er is dan geen wachtwoord nodig om toegang
te krijgen tot een systeem. Dit is meestal een slecht
idee. Ieder account hoort een wachtwoord te
hebben.Gebruikers ID (UID)Het UID is een nummer, traditioneel van 0 tot 65535
Het is mogelijk om UID/GID's te gebruiken tot
4294967295, maar die ID's kunnen tot serieuze
problemen leiden met software die aannames maakt over
de waarde van ID's.
, dat wordt gebruikt om een gebruiker op een systeem uniek
te identificeren. Intern gebruikt &os; het UID om
gebruikers te identificeren. Voor alle &os; commando's
- waarin een gebruikersnaam wordt opgegegeven, wordt eerst
+ waarin een gebruikersnaam wordt opgegeven, wordt eerst
geconverteerd naar het UID voordat ermee gewerkt wordt.
Dit betekent dat er verschillende accounts kunnen zijn met
andere gebruikersnamen maar met hetzelfde UID. Wat &os;
betreft zijn al die accounts één gebruiker.
Het is onwaarschijnlijk dat het ooit nodig is deze
eigenschap te gebruiken.Groep ID (GID)Het GID is een nummer, traditioneel van 0 tot 65535
, gebruikt om de
primaire groep waartoe een gebruiker behoort, uniek te
identificeren. Groepen zijn een methode waarmee toegang
tot bronnen beheerst kan worden, gebaseerd op het GID van
een gebruiker in plaats van op een UID. Hiermee kan het
aantal instellingen in bepaalde bestanden aanzienlijk
verkleind worden. Een gebruiker kan lid zijn van meer dan
één groep.AanmeldklasseAanmeldklassen zijn een uitbreiding op het
groepenmechanisme waarmee additionele flexibiliteit wordt
geboden bij het aanpassen van een systeem op verschillende
gebruikers.Wijzigingstijd wachtwoordStandaard dwingt &os; gebruikers niet tot het periodiek
wijzigen van hun wachtwoord. Dit kan wel per gebruiker
afgedwongen worden, zodat sommige of alle gebruikers hun
wachtwoord na een bepaalde periode moeten wijzigen.Verloopdatum accountStandaard verlopen accounts op &os; niet. Als er
accounts gemaakt worden waarvan bekend is dat ze maar een
beperkte tijd nodig zijn, bijvoorbeeld op een school waar
accounts bestaan voor studenten, dan kan er aangegeven
worden wanneer een account verloopt. Nadat de verloopdatum
is verstreken kan de account niet meer gebruikt worden om
aan te melden op een systeem, hoewel de mappen en bestanden
van de account nog wel blijven bestaan.Volledige gebruikersnaamDe gebruikersnaam identificeert de account uniek voor
&os;, maar die geeft niet zonder meer de echte naam van de
gebruiker weer. Deze informatie kan aan de account
gekoppeld worden.ThuismapDe thuismap is het volledige pad naar een map op een
systeem waar de gebruiker start als die aanmeldt op een
systeem. Het is de gewoonte dat alle thuismappen voor
gebruikers onder
/home/gebruikersnaam
of
/usr/home/gebruikersnaam
staan. Gebruikers slaan hun persoonlijke bestanden op in
hun thuismap en in mappen die daaronder worden
gemaakt.GebruikersshellDe shell biedt een standaardomgeving waarmee gebruikers
met een systeem werken. Er zijn vele shells en ervaren
gebruikers hebben hun eigen voorkeuren, die hun weerslag
kunnen hebben in hun accountinstellingen.Er zijn drie hoofdtypen accounts: de Superuser, systeemgebruikers en gebruikersaccounts. De Superuser
account, die meestal root heet, wordt
gebruikt om een systeem te beheren zonder beperkingen.
Systeemgebruikers kunnen diensten draaien. Tenslotte kunnen
gebruikersaccounts gebruikt worden door echte personen, die
- aanmelden, e-mail lezen, enzovoort.
+ aanmelden, email lezen, enzovoort.
De superuser accountaccountssuperuser (root)De superuser account, die meestal
root heet, is al ingesteld om gebruikt te
worden voor systeembeheer en hoort niet gebruikt te worden voor
dagelijkse werkzaamheden, zoals het sturen en ontvangen van
- e-mail, het verkennen van het systeem of programmeren.
+ email, het verkennen van het systeem of programmeren.
Dit omdat de Superuser, anders dan gewone gebruikersaccounts,
zonder beperkingen kan opereren en misbruik van een Superuser
account kan resulteren in spectaculaire problemen.
Gebruikersaccounts kunnen niet per ongeluk een systeem vernielen,
dus het is aan te raden om wanneer maar mogelijk gewone
gebruikersaccounts te gebruiken, tenzij de extra privileges
noodzakelijk zijn.Commando's die als superuser worden uitgevoerd dienen altijd
twee of drie keer gecontroleerd te worden voordat ze worden
uitgevoerd, omdat een extra spatie of een missend karakter kan
leiden tot niet terug te draaien dataverlies.Als het niet al geregeld is, is het dus na het lezen van dit
hoofdstuk aan te raden als eerste een gebruikersaccount zonder
bijzondere rechten te maken voor de dagelijkse bezigheden. Dit
geldt zowel als het gaat over een machine voor één
gebruiker als wanneer het gaat over een machine voor meerdere
gebruikers. Later in dit hoofdstuk wordt beschreven hoe
additionele accounts gemaakt kunnen worden en hoe er tussen de
normale gebruiker en de Superuser gewisseld kan worden.SysteemaccountsaccountssysteemSysteemgebruikers draaien diensten, zoals DNS, mailservers,
webservers, enzovoort. De reden hiervoor is beveiliging. Als
alle diensten als Superuser zouden draaien, dan zouden ze zonder
beperkingen kunnen opereren.accountsdaemonaccountsoperatorVoorbeelden van systeemgebruikers zijn
daemon, operator,
bind (voor de Domain Name Service),
news en www.accountsnobodynobody is de generieke systeemgebruiker
zonder bijzondere privileges. Het is wel belangrijk om ervan
bewust te zijn dat hoe meer diensten nobody
gebruiken, hoe meer bestanden en processen er bij die gebruiker
horen en dat de gebruiker daardoor meer privileges kan
krijgen.GebruikersaccountsaccountsgebruikerGebruikersaccounts zijn het primaire middel dat echte
gebruikers gebruiken om toegang te krijgen tot een systeem en die
account schermen de gebruiker en de omgeving af, waardoor die
gebruikers het systeem of andere gebruikers niet kunnen
beschadigen en waardoor gebruikers hun omgeving kunnen aanpassen
zonder invloed te hebben op anderen.Iedereen die toegang heeft tot een systeem hoort een unieke
gebruikersaccount te hebben. Hierdoor is het mogelijk uit te
vinden wie wat aan het doen is, te voorkomen dat mensen elkaars
- instellingen kunnen verpesten of elkaars e-mail kunnen lezen,
+ instellingen kunnen verpesten of elkaars email kunnen lezen,
enzovoort.Iedere gebruiker kan zijn eigen omgeving instellen op een
systeem, door andere shells, editors, toetsenbordinstellingen en
taal te kiezen.Accounts wijzigenaccountswijzigenEr zijn vele commando's beschikbaar in de &unix; omgeving om
gebruikersaccounts te manipuleren. De meest gebruikte commando's
worden hieronder beschreven, gevolgd door meer gedetailleerde
voorbeelden van gebruik.CommandoSamenvatting&man.adduser.8;Het aanbevolen commandoregelprogramma voor het
aanmaken van nieuwe gebruikers.&man.rmuser.8;Het aanbevolen commandoregelprogramma voor het
verwijderen van gebruikers.&man.chpass.1;Een flexibel hulpprogramma voor het wijzigen van
informatie in de gebruikersdatabase.&man.passwd.1;Een eenvoudig commandoregelprogramma voor het
wijzigen van wachtwoorden van gebruikers.&man.pw.8;Een krachtig en flexibel hulpprogramma voor het
wijzigen van alle aspecten van
gebruikersaccounts.adduseraccountstoevoegenadduser/usr/share/skelskeleton map&man.adduser.8; is een eenvoudig programma voor het
aanmaken van nieuwe gebruikers. Er worden regels mee
toegevoegd aan de systeembestanden passwd
en group. Het maakt ook een thuismap voor
de nieuwe gebruiker, kopieert de standaard
instellingenbestanden (dotfiles) uit
/usr/share/skel en kan, optioneel, de
nieuwe gebruiker een welkomstbericht mailen.Een gebruiker toevoegen aan &os;&prompt.root; adduser
Username: jru
Full name: J. Random User
Uid (Leave empty for default):
Login group [jru]:
Login group is jru. Invite jru into other groups? []: wheel
Login class [default]:
Shell (sh csh tcsh zsh nologin) [sh]: zsh
Home directory [/home/jru]:
Use password-based authentication? [yes]:
Use an empty password? (yes/no) [no]:
Use a random password? (yes/no) [no]:
Enter password:
Enter password again:
Lock out the account after creation? [no]:
Username : jru
Password : ****
Full Name : J. Random User
Uid : 1001
Class :
Groups : jru wheel
Home : /home/jru
Shell : /usr/local/bin/zsh
Locked : no
OK? (yes/no): yes
adduser: INFO: Successfully added (jru) to the user database.
Add another user? (yes/no): no
Goodbye!
&prompt.root;Het wachtwoord wat ingegeven wordt, wordt niet getoond,
er worden ook geen sterretjes getoond. Zorg ervoor dat het
wachtwoord correct ingevuld wordt.rmuserrmuseraccountsverwijderenMet &man.rmuser.8; kan een gebruiker volledig van een
systeem verwijderd worden. &man.rmuser.8; voert de volgende
stappen uit:Verwijdert de &man.crontab.1; van de gebruiker (als die
bestaat).Verwijdert bestaande &man.at.1; taken van de
gebruiker.Stopt alle processen van de gebruiker.Verwijdert de gebruiker uit het lokale
wachtwoordbestand van een systeem.Verwijdert de thuismap van de gebruiker (als de
gebruiker daar eigenaar van is).
- Verwijdert de inkomende e-mail voor de gebruiker uit
+ Verwijdert de inkomende email voor de gebruiker uit
/var/mail.Verwijdert alle bestanden waar de gebruiker eigenaar
van is uit opslaggebieden voor tijdelijke bestanden als
/tmp.Als laatste wordt de gebruikersnaam uit alle groepen
in /etc/group waar die lid van was
verwijderd.Als een groep leeg raakt en de groepsnaam is
hetzelfde als de gebruikersnaam, dan wordt de groep
verwijderd. Dit is het tegenovergestelde van wat
&man.adduser.8; met een unieke groep per
gebruiker.&man.rmuser.8; kan niet gebruikt worden om superuser
accounts te verwijderen, omdat dat vrijwel altijd leidt tot
vreselijke verwoesting.Standaard wordt een interactieve modus gebruikt, die ervoor
zorgt dat alle stappen bewust worden genomen.Interactief accounts verwijderen met
rmuser&prompt.root; rmuser jru
Matching password entry:
jru:*:1001:1001::0:0:J. Random User:/home/jru:/usr/local/bin/zsh
Is this the entry you wish to remove? y
Remove user's home directory (/home/jru)? y
Updating password file, updating databases, done.
Updating group file: trusted (removing group jru -- personal group is empty) done.
Removing user's incoming mail file /var/mail/jru: done.
Removing files belonging to jru from /tmp: done.
Removing files belonging to jru from /var/tmp: done.
Removing files belonging to jru from /var/tmp/vi.recover: done.
&prompt.root;chpasschpass&man.chpass.1; wijzigt informatie in de gebruikersdatabase,
zoals wachtwoorden, shells en persoonlijke informatie.Alleen systeembeheerders, zoals de Superuser, mogen de
informatie en wachtwoorden voor andere andere gebruikers
wijzigen met &man.chpass.1;.Als er geen opties worden meegegeven, buiten de optionele
gebruikersnaam, dan toont &man.chpass.1; een editor waarin de
gebruikersinformatie wordt weergegeven. Als de gebruiker de
editor verlaat, dan wordt de gebruikersdatabase bijgewerkt met
de nieuwe informatie.
- Er zal om je wachtwoord gevraagd worden na het verlaten van
- editor, als de huidige gebruiker niet de superuser is.
+ Er zal om uw wachtwoord gevraagd worden na het verlaten
+ van de tekstverwerker, als de huidige gebruiker niet de
+ superuser is.Interactieve chpass door
superuser#Informatie in de gebruikersdatabase wijzigen voor jru.
Login: jru
Password: *
Uid [#]: 1001
Gid [# or name]: 1001
Change [month day year]:
Expire [month day year]:
Class:
Home directory: /home/jru
Shell: /usr/local/bin/zsh
Full Name: J. Random User
Office Location:
Office Phone:
Home Phone:
Other information:Een normale gebruiker kan slechts een deel van de
bovenstaande informatie wijzen en alleen voor zijn eigen
account.Interactieve chpass door een gewone
gebruiker#Informatie in de gebruikersdatabase wijzigen voor jru.
Shell: /usr/local/bin/zsh
Full Name: J. Random User
Office Location:
Office Phone:
Home Phone:
Other information:&man.chfn.1; en &man.chsh.1; zijn gewoon links naar
&man.chpass.1;. Dat geldt ook voor &man.ypchpass.1;,
&man.ypchfn.1; en &man.ypchsh.1;. Ondersteuning voor NIS
gaat automatisch; er hoeft dus geen yp
voor het commando aangegeven te worden. NIS wordt behandeld
in .passwdpasswdaccountswachtwoord wijzigenMet &man.passwd.1; wijzigt een gebruiker gewoonlijk zijn
eigen wachtwoord of dat van een andere gebruiker als het door
de Superuser wordt uitgevoerd.Om onbedoelde of ongeautoriseerde wijzigen te voorkomen
moet het originele wachtwoord worden ingegeven voordat een
nieuw wachtwoord kan worden ingesteld.Wachtwoord wijzigen&prompt.user; passwd
Changing local password for jru.
Old password:
New password:
Retype new password:
passwd: updating the database...
passwd: doneAls superuser het wachtwoord van een andere gebruiker
wijzigen&prompt.root; passwd jru
Changing local password for jru.
New password:
Retype new password:
passwd: updating the database...
passwd: doneNet als bij &man.chpass.1; is &man.yppasswd.1; gewoon een
link naar &man.passwd.1;, dus NIS werkt met beide
commando's.pwpw&man.pw.8; is een commandoregelhulpprogramma om gebruikers
en groepen te maken, verwijderen, aan te passen en weer te
geven. Het werkt als een voorkant voor de systeembestanden met
gebruikers en groepen. &man.pw.8; heeft een zeer krachtige set
commandoregelopties, waardoor het erg geschikt is om in shell
scripts gebruikt te worden. Nieuwe gebruikers vinden het
wellicht gecompliceerder dan de andere commando's die hier
beschreven worden.Gebruikers beperkengebruikers beperkenaccountsbeperkenBij het hebben van gebruikers komt wellicht ook de gedachte
aan het beperken van de mogelijkheden op een systeem. &os;
biedt een aantal mogelijkheden waarmee een beheerder de
hoeveelheid systeembronnen die een gebruiker kan aanwenden kan
beperken. Die beperkingen zijn onderverdeeld in twee onderdelen:
schijfquota en andere beperkingen voor bronnen.quotagebruikers beperkenquotaschijfquotaSchijfquota beperken het schijfgebruik voor gebruikers en ze
bieden een mogelijkheid om dat gebruik snel te controleren zonder
het iedere keer te hoeven berekenen. Quota worden besproken in
.De overige beperking van bronnen omvat het beperken van het
gebruik van CPU, geheugen en andere bronnen die gebruikers tot
hun beschikking hebben. Die worden ingesteld in aanmeldklassen
en worden hieronder beschreven./etc/login.confAanmeldklassen worden ingesteld in
/etc/login.conf. De precieze semantiek
wordt niet behandeld in dit handboek, maar die staat beschreven
in &man.login.conf.5;. Hier is het voldoende aan te geven dat
iedere gebruiker wordt toegewezen aan een aanmeldklasse
(standaard default) en dat iedere
aanmeldklasse verbonden is met een groep aanmeldmogelijkheden
(login capability). Een aanmeldmogelijkheid is een
naam=waarde
paar, waar naam een bekende eigenschap
is en waarde een arbitraire string is
die wordt verwerkt afhankelijk van de naam. Het instellen van
aanmeldklassen en -mogelijkheden is een redelijk eenvoudig proces
en wordt ook beschreven in &man.login.conf.5;.Een systeem leest de instellingen uit normaal gesproken
/etc/login.conf niet direct, maar leest
het databasebestand /etc/login.conf.db
welke snellere opzoekmogelijkheden biedt.
/etc/login.conf.db kan met het volgende
commando gemaakt worden uit
/etc/login.conf:&prompt.root; cap_mkdb /etc/login.confBeperkingen van bronnen verschillen van standaard
aanmeldmogelijkheden op twee manieren. Ten eerste is er voor
iedere beperking een zachte en een harde limiet. Een zachte
(huidige) limiet kan door een gebruiker of applicatie aangepast
worden, maar mag niet hoger zijn dan de harde limiet. De laatste
kan door een gebruiker verlaagd worden, maar nooit verhoogd.
Deze verschillen worden veroorzaakt door de specifieke
behandeling van de beperkingen, niet door de implementatie van
- het aanmeldmogelijkheden framework, dat wil zeggen dat ze niet
+ het aanmeldmogelijkheden raamwerk, dat wil zeggen dat ze niet
echt bijzondere aanmeldmogelijkheden
zijn.Hieronder worden de meest gebruikte beperkingen op bronnen
beschreven. De overige mogelijkheden, samen met alle andere
aanmeldmogelijkheden, staat beschreven in
&man.login.conf.5;.coredumpsizecoredumpsizegebruikers beperkencoredumpsizeDe limiet op de grootte van een corebestand dat wordt
gemaakt door een programma is, om verschillende redenen,
ondergeschikt aan andere beperkingen op het gebied van
schijfgebruik (bijvoorbeeld filesize of
schijfquota). Desalniettemin wordt deze instelling vaak
gebruikt als een minder zware methode voor het beheersen
van het gebruik van schijfruimte. Omdat gebruikers niet
hun eigen corebestanden maken en ze vaak niet verwijderen,
kan deze instelling helpen te voorkomen dat een schijf vol
loopt in het geval een groot programma (bijvoorbeeld
emacs) zou crashen.cputimecputimegebruikers beperkenprocessortijdDit is de maximale hoeveelheid processortijd die een
proces van een gebruiker mag gebruiken. Processen die meer
bronnen gebruiken worden afgeschoten door de kernel.
Dit is een beperking op de CPU
tijd die wordt gebruikt, niet op
een percentage van de CPU, zoals wordt getoond in
sommige velden door &man.top.1; en &man.ps.1;. Een
limiet op de laatste is op het moment van schrijven
niet mogelijk en zou ook redelijk waardeloos zijn:
een compiler – waarschijnlijk een legitieme taak
– kan makkelijk gedurende enige tijd bij 100% van
een CPU gebruiken.filesizefilesizegebruikers beperkenfilesizeDit is de maximale grootte voor een bestand waar een
gebruiker eigenaar van kan zijn. Anders dan bij schijfquota is deze limiet van
toepassing op individuele bestanden en niet op alle
bestanden samen waarvan een gebruiker eigenaar is.maxprocmaxprocgebruikers beperkenmaxprocDit is het maximale aantal processen dat een gebruiker
mag draaien. Hieronder vallen zowel processen die op de
voorgrond draaien als op de achtergrond. Om duidelijke
reden kan deze waarde niet groter zijn dan de ingestelde
systeemlimiet voor kern.maxproc met
&man.sysctl.8;. Het te laag zetten van deze instelling kan
de productiviteit van een gebruiker schaden: vaak is het
zinvol om meerdere keren aangemeld te zijn of om pipelines
uit te voeren. Sommige taken, zoals het compileren van een
- groot programma, spawnen ook meerdere processen
+ groot programma, brengen ook meerdere processen voort
(bijvoorbeeld &man.make.1;, &man.cc.1; en andere
tussentijdse preprocessors).memorylockedmemorylockedgebruikers beperkenmemorylockedDit is de maximale hoeveelheid geheugen die een proces
mag claimen om te locken in het hoofdgeheugen (zie
bijvoorbeeld &man.mlock.2;). Sommige systeemkritische
programma's, zoals &man.amd.8;, locken in het
hoofdgeheugen, zodat zij, in het geval het wisselbestand
gebruikt moet worden, niet hoeven bij te dragen aan dat
proces als het nodig is.memoryusememoryusegebruikers beperkenmemoryuseDit is de maximale hoeveelheid geheugen die een proces
op enig moment mag gebruiken. Hieronder vallen zowel
hoofdgeheugen als het gebruik van het wisselbestand. Deze
limiet vangt niet al het geheugengebruik af, maar het is
een prima begin.openfilesopenfilesgebruikers beperkenopenfilesDit is het maximale aantal bestanden dat een proces
open mag hebben. In &os; representeren bestanden ook
sockets en IPC kanalen. Deze limiet mag dus niet te laag
gezet worden. De limiet voor het systeem staat ingesteld
in kern.maxfiles van
&man.sysctl.8;.sbsizesbsizegebruikers beperkensbsizeDit is de limiet op de hoeveelheid netwerkgeheugen, en
dus mbufs, die een gebruiker ter beschikking staan. Deze
waarde komt voort uit het antwoord op een DoS aanval
waarmee veel sockets werden gemaakt, maar het kan in het
algemeen gebruikt worden om de hoeveelheid
netwerkcommunicatie te limiteren.stacksizestacksizegebruikers beperkenstacksizeDit is de maximale grootte voor een stack van een
proces. Deze instelling alleen is niet genoeg om de
hoeveelheid geheugen die een programma mag gebruiken te
beperken. Daarom moet deze limiet samen met andere
limieten gebruikt worden.Er zijn nog een aantal dingen belangrijk bij het instellen
bronbeperkingen. Hierna worden een aantal algemene tips,
suggesties en commentaren gegeven.Processen die bij het opstarten van een systeem gestart
worden vanuit /etc/rc worden toegewezen
aan de aanmeldklasse daemon.Hoewel de /etc/login.conf die bij
een systeem zit een goede bron is voor redelijke waardes voor
de meeste limieten, kan alleen de beheerder van een machine
de echt juiste waarden kennen. Het te hoog instellen van een
limiet kan een systeem kwetsbaar maken voor misbruik, terwijl
het te laag instellen van limieten de productiviteit te veel
kan hinderen.Gebruikers van het X Window systeem (X11) horen
waarschijnlijk meer bronnen toegewezen te krijgen dan andere
gebruikers. X11 gebruikt zelf al meer bronnen, maar het
moedigt gebruikers ook aan om meerdere programma's
tegelijkertijd te draaien.Het is belangrijk niet te vergeten dat veel limieten
betrekking hebben op individuele processen en niet op een
hele gebruiker. Het instellen van bijvoorbeeld
openfiles op 50, betekent dat ieder proces
dat een gebruiker draait 50 open bestanden mag hebben. Het
totale aantal bestanden dat een gebruiker dus open kan hebben
- is het produkt van de waarde van openfiles
+ is het product van de waarde van openfiles
en de waarde van maxproc. Dit geldt ook
voor het gebruik van geheugen.Meer informatie over bronbeperkingen en aanmeldklassen in het
algemeen staan in de relevante hulppagina's: &man.cap.mkdb.1;,
&man.getrlimit.2;, &man.login.conf.5;.Groepengroepen/etc/groupsaccountsgroepenEen groep is eenvoudigweg een lijst gebruikers. Groepen
kunnen geïdentificeerd worden aan de hand van hun naam en
GID (Groep ID). In &os; (en de meeste andere &unix; achtige
systemen), worden besluiten door de kernel over of een proces
iets wel of niet mag doen genomen op basis van het bijbehorende
gebruikers ID en een lijst van groepen waar dat bij hoort.
Anders dan bij een gebruikers ID, heeft een proces een lijst met
bijbehorende groepen. Sommige programma's refereren wel eens aan
het groep ID van een gebruiker of een proces.
Meestal is dit gewoon de eerste groep in de hiervoor genoemde
lijst.De vertaling van groep ID naar groepsnaam staat in
/etc/group. Dit is een tekstbestand met
vier velden die door het karakter : (dubbele
punt) worden gescheiden. Het eerste veld is de groepsnaam, het
tweede veld is het versleutelde wachtwoord, het derde het groep
ID, het vierde een door komma's gescheiden lijst van leden van de
groep. Het bestand kan zonder gevaar met de hand aangepast
worden (aangenomen dat er geen fouten in de syntaxis worden
gemaakt, natuurlijk). Een volledige beschrijving van de syntaxis
staat in &man.group.5;.Als het onwenselijk is om /etc/group met
de hand aan te passen, dan kan &man.pw.8; gebruikt worden voor
het toevoegen en wijzigen van groepen. Om bijvoorbeeld een groep
met de naam teamtwo toe te voegen en
daarna het bestaan van die groep te bevestigen:Groepen toevoegen met &man.pw.8;&prompt.root; pw groupadd teamtwo
&prompt.root; pw groupshow teamtwo
teamtwo:*:1100:Het getal 1100 hierboven is het groep ID
van de groep teamtwo. Met de huidige
instelling heeft teamtwo geen leden en is
die redelijk waardeloos. Dat kan veranderen door
jru aan de groep
teamtwo toe te voegen.
- Gebruikers aan groepen toevoegen met &man.pw.8;
+ De lijst van groepsleden instellen met &man.pw.8;&prompt.root; pw groupmod teamtwo -M jru
&prompt.root; pw groupshow teamtwo
teamtwo:*:1100:jruHet argument voor de optie is een door
- komma's gescheiden lijst van gebruikers die lid moeten zijn van
- de aangegeven groep. In de voorgaande paragrafen is al
- aangegeven dat het password bestand ook voor iedere gebruiker een
- groep bevat. Een gebruiker wordt automatisch toegevoegd aan
- de groepenlijst door een systeem. De gebruiker wordt niet als
- lid getoond van die groep bij het gebruik van de optie
- van &man.pw.8;, maar wordt wel getoond
- als de informatie wordt opgevraagd via &man.id.1; of met een
- soortgelijk programma. Met andere woorden: &man.pw.8; wijzigt
- alleen het bestand /etc/group en probeert
- nooit extra informatie te lezen uit
- /etc/passwd.
+ komma's gescheiden lijst van gebruikers die in de aangegeven groep
+ moeten komen. In de voorgaande paragrafen is al aangegeven dat
+ het wachtwoordbestand ook voor iedere gebruiker een groep bevat.
+ Een gebruiker wordt automatisch toegevoegd aan de groepenlijst
+ door een systeem. De gebruiker wordt niet als lid getoond van die
+ groep bij het gebruik van de optie van
+ &man.pw.8;, maar wordt wel getoond als de informatie wordt
+ opgevraagd via &man.id.1; of met een soortgelijk programma. Met
+ andere woorden: &man.pw.8; wijzigt alleen het bestand
+ /etc/group en probeert nooit extra informatie
+ te lezen uit /etc/passwd.
+
+
+ Een nieuw lid aan een groep toevoegen met &man.pw.8;
+
+ &prompt.root; pw groupmod teamtwo -m db
+&prompt.root; pw groupshow teamtwo
+teamtwo:*:1100:jru,db
+
+
+ Het argument voor de optie is een door
+ komma's gescheiden lijst van gebruikers die aan de groep worden
+ toegevoegd. In tegenstelling tot het vorige voorbeeld, worden
+ deze gebruikers aan de groep toegevoegd en vervangen ze de lijst
+ van gebruikers in de groep niet.&man.id.1; gebruiken om groepslidmaatschap te
bepalen&prompt.user; id jru
uid=1001(jru) gid=1001(jru) groups=1001(jru), 1100(teamtwo)Hierboven is te zien dat jru lid is van
de groepen jru en
teamtwo.Meer informatie over &man.pw.8; staat in de hulppagina en
meer informatie over de opmaak van
/etc/group staat in &man.group.5;.
diff --git a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/virtualization/chapter.sgml b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/virtualization/chapter.sgml
index d8e2fd3a72..fe582873fd 100644
--- a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/virtualization/chapter.sgml
+++ b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/virtualization/chapter.sgml
@@ -1,1013 +1,1016 @@
MurrayStokelyBijgedragen door RenéLadanVertaald door VirtualisatieOverzichtVirtualisatiesoftware maakt het mogelijk om meerdere
besturingssystemen gelijktijdig op dezelfde computer te draaien.
Zulke softwaresystemen voor PC's gebruiken vaak een
gastheer-besturingssysteem dat de virtualisatiesoftware draait en
dat elk aantal gast-besturingssystemen ondersteunt.Aan het einde van dit hoofdstuk weet de lezer:Het verschil tussen een gastheer-besturingssysteem en een
gast-besturingssysteem.Hoe &os; op een &intel;-gebaseerde &apple; &macintosh;
computer te installeren.Hoe &os; op Linux te installeren met
&xen;.Hoe &os; op µsoft.windows; te installeren met
Virtual PC.Hoe een &os;-systeem in te stellen voor de beste
prestaties tijdens virtualisatie.Voordat het lezen van dit hoofdstuk, dient de lezer:De beginselen van &unix; en &os; ()
te begrijpen.Te weten hoe &os; te installeren ().Te weten hoe een netwerkverbinding te installeren ().Te weten hoe aanvullende software van derde partijen te
installeren ().&os; als een gast-besturingssysteemParallels op &macos;Parallels Desktop voor &macos; is
een commercieel softwareprodukt voor &intel;-gebaseerde &apple;
&mac; computers die &macos; 10.4.6 of nieuwer draaien. &os; is
een volledig ondersteund gast-besturingssysteem. Nadat
Parallels is geïnstalleerd op
&macos; X dient de gebruiker een virtuele machine in te stellen
en daarna het gewenste gast-besturingssysteem te installeren.
&os; installeren op Parallels/&macos; XDe eerste stap in het installeren van &os; op &macos; X
Parallels is het aanmaken van een
nieuwe virtuele machine voor het installeren van &os;.
Selecteer &os; als het
Guest OS Type wanneer dit gevraagd
wordt:Kies verder een hoeveelheid aan schijf- en geheugenruimte
afhankelijk van de plannen voor deze virtuele instantie van
&os;. 4GB aan schijfruimte en 512MB aan RAM werken goed voor
de meeste gebruikers van &os; onder Parallels
:Selecteer het type netwerk en een netwerkinterface:Bewaar de instellingen en sluit af:Nadat de virtuele &os;-machine is aangemaakt, dient er
&os; op geïnstalleerd te worden. Dit gaat het beste met
een officiële &os; CDROM of met een ISO-beeld dat is
gedownload van een officiële FTP-site. Wanneer het
juiste ISO-beeld op het plaatselijke &mac;-bestandssysteem of
een CDROM in de CD-drive van de &mac; aanwezig is, dient op
het schijfikoon in de rechteronderhoek van het &os;
Parallels-scherm geklikt te worden.
Dit zal een scherm tonen dat het mogelijk maakt om de
CDROM-drive in de virtuele machine te associëren met een
ISO-bestand op schijf of met een echte CDROM-drive.Nadat deze associatie met de CDROM-bron is gemaakt, dient
de virtuele &os;-machine herstart te worden door op het
herstart-icoon te klikken. Parallels
zal herstarten met een speciale BIOS dat eerst
controleert of er een CDROM aanwezig is, net zoals een normale
BIOS zou doen.In dit geval zal het de installatiemedia van &os; vinden
en een normale installatie gebaseerd op
sysinstall beginnen zoals
beschreven in . X11 kan nu
geïnstalleerd, maar nog niet ingesteld, worden.Nadat de installatie is voltooid, kan naar de nieuw
geïnstalleerde virtuele &os;-machine herstart worden.
&os; instellen op &macos; X/ParallelsNadat &os; succesvol op &macos; X met
Parallels is geïnstalleerd,
zijn er een aantal instellingen die gewijzigd kunnen worden
om het systeem voor virtuele werking te optimaliseren.De variabelen voor de bootloader instellenDe belangrijkste stap is om de tunable te verlagen om het CPU-gebruik van &os; onder de
Parallels-omgeving te
verminderen. Dit kan bereikt worden door de volgende
regel aan /boot/loader.conf toe te
voegen:kern.hz=100Zonder deze instelling zal een rustend &os;
Parallels
gast-besturingssysteem ongeveer 15% van de CPU van een
enkele &imac;-processor gebruiken. Na deze wijziging zal
het gebruik slechts ongeveer 5% zijn.Een nieuw instellingenbestand voor de kernel aanmaken
Alle stuurprogramma's voor SCSI, FireWire, en USB
kunnen verwijderd worden.
Parallels biedt een virtuele
netwerkadapter die door het stuurpogramma &man.ed.4;
wordt gebruikt, dus kunnen alle andere netwerkapparaten
behalve &man.ed.4; en &man.miibus.4; uit de kernel
verwijderd worden.Het netwerk instellenDe eenvoudigste netwerkinstallatie omvat het gebruik
van DHCP om de virtuele machine met hetzelfde LAN te
verbinden als het &mac;-gastheer. Dit kan bereikt worden
door ifconfig_ed0="DHCP" aan
/etc/rc.conf toe te voegen. Meer
geavanceerde netwerkinstallaties staan beschreven in
.FukangChen (Loader)Bijgedragen door &os; met &xen; op LinuxDe hypervisor van &xen; is een
open-source paravirtualisatieproduct dat nu wordt ondersteund
door het commerciële bedrijf XenSource.
Gast-besturingssystemen staan bekend als domU-domeinen, en het
gastheer-besturingssysteem staat bekend als dom0. De eerste
stap in het virtueel draaien van &os; op Linux is om
&xen; voor Linux dom0 te installeren.
Het gastheer-besturingssysteem zal een Slackware
Linux-distributie zijn.&xen; 3 op Linux dom0 installeren&xen; 3.0 van XenSource downloadenDownload xen-3.0.4_1-src.tgz
van .
De tarball uitpakken&prompt.root; cd xen-3.0.4_1-src
&prompt.root; KERNELS="linux-2.6-xen0 linux-2.6-xenU" make world
&prompt.root; make installOm de kernel voor dom0 opnieuw te compileren:&prompt.root; cd xen-3.0.4_1-src/linux-2.6.16.33-xen0
&prompt.root; make menuconfig
&prompt.root; make
&prompt.root; make installVoor oudere versies van &xen;
kan het nodig zijn om
make ARCH=xen menuconfig te
specificeren.Een menuregel voor menu.lst van Grub toevoegen
Voeg de volgende regels aan
/boot/grub/menu.lst toe:title Xen-3.0.4
root (hd0,0)
kernel /boot/xen-3.0.4-1.gz dom0_mem=262144
module /boot/vmlinuz-2.6.16.33-xen0 root=/dev/hda1 roDe computer naar &xen; opstartenVoeg als eerste de volgende regel toe aan
/etc/xen/xend-config.sxp toe:(network-script 'network-bridge netdev=eth0')Nu kan &xen; gestart
worden:&prompt.root; /etc/init.d/xend start
&prompt.root; /etc/init.d/xendomains startdom0 draait:&prompt.root; xm list
Name ID Mem VCPUs State Time(s)
Domain-0 0 256 1 r----- 54452.9&os; 7-CURRENT domUDownload de &os; domU-kernel voor &xen; 3.0
en het schijfimage van http://www.fsmware.comkernel-currentmdroot-7.0.bz2xmexample1.bsdSla het instellingenbestand
xmexample1.bsd op in
/etc/xen en pas de regels over waar de
kernel en het schijfimage zijn opgeslagen aan. Het dient er
als volgt uit te zien:kernel = "/opt/kernel-current"
memory = 256
name = "freebsd"
vif = [ '' ]
disk = [ 'file:/opt/mdroot-7.0,hda1,w' ]
#on_crash = 'preserve'
extra = "boot_verbose"
extra += ",boot_single"
extra += ",kern.hz=100"
extra += ",vfs.root.mountfrom=ufs:/dev/xbd769a"Het mdroot-7.0.bz2 dient uitgepakt te
worden.Vervolgens dient de sectie over __xen_guest in
kernel-current aangepast te worden om de
VIRT_BASE dat &xen; 3.0.3 nodig
heeft toe te voegen:&prompt.root; objcopy kernel-current -R __xen_guest
&prompt.root; perl -e 'print "LOADER=generic,GUEST_OS=freebsd,GUEST_VER=7.0,XEN_VER=xen-3.0,BSD_SYMTAB,VIRT_BASE=0xC0000000\x00"' > tmp
&prompt.root; objcopy kernel-current --add-section __xen_guest=tmp&prompt.root; objdump -j __xen_guest -s kernel-current
kernel-current: file format elf32-i386
Contents of section __xen_guest:
0000 4c4f4144 45523d67 656e6572 69632c47 LOADER=generic,G
0010 55455354 5f4f533d 66726565 6273642c UEST_OS=freebsd,
0020 47554553 545f5645 523d372e 302c5845 GUEST_VER=7.0,XE
0030 4e5f5645 523d7865 6e2d332e 302c4253 N_VER=xen-3.0,BS
0040 445f5359 4d544142 2c564952 545f4241 D_SYMTAB,VIRT_BA
0050 53453d30 78433030 30303030 3000 SE=0xC0000000. Nu kan onze eigen domU aangemaakt en gestart worden:
&prompt.root; xm create /etc/xen/xmexample1.bsd -c
Using config file "/etc/xen/xmexample1.bsd".
Started domain freebsd
WARNING: loader(8) metadata is missing!
Copyright (c) 1992-2006 The FreeBSD Project.
Copyright (c) 1979, 1980, 1983, 1986, 1988, 1989, 1991, 1992, 1993, 1994
The Regents of the University of California. All rights reserved.
FreeBSD 7.0-CURRENT #113: Wed Jan 4 06:25:43 UTC 2006
kmacy@freebsd7.gateway.2wire.net:/usr/home/kmacy/p4/freebsd7_xen3/src/sys/i386-xen/compile/XENCONF
WARNING: DIAGNOSTIC option enabled, expect reduced performance.
Xen reported: 1796.927 MHz processor.
Timecounter "ixen" frequency 1796927000 Hz quality 0
CPU: Intel(R) Pentium(R) 4 CPU 1.80GHz (1796.93-MHz 686-class CPU)
Origin = "GenuineIntel" Id = 0xf29 Stepping = 9
Features=0xbfebfbff<FPU,VME,DE,PSE,TSC,MSR,PAE,MCE,CX8,APIC,SEP,MTRR,PGE,MCA,CMOV,PAT,PSE36,CLFLUSH,
DTS,ACPI,MMX,FXSR,SSE,SSE2,SS,HTT,TM,PBE>
Features2=0x4400<CNTX-ID,<b14>>
real memory = 265244672 (252 MB)
avail memory = 255963136 (244 MB)
xc0: <Xen Console> on motherboard
cpu0 on motherboard
Timecounters tick every 10.000 msec
[XEN] Initialising virtual ethernet driver.
xn0: Ethernet address: 00:16:3e:6b:de:3a
[XEN]
Trying to mount root from ufs:/dev/xbd769a
WARNING: / was not properly dismounted
Loading configuration files.
No suitable dump device was found.
Entropy harvesting: interrupts ethernet point_to_point kickstart.
Starting file system checks:
/dev/xbd769a: 18859 files, 140370 used, 113473 free (10769 frags, 12838 blocks, 4.2% fragmentation)
Setting hostname: demo.freebsd.org.
lo0: flags=8049<UP,LOOPBACK,RUNNING,MULTICAST> mtu 16384
inet6 ::1 prefixlen 128
inet6 fe80::1%lo0 prefixlen 64 scopeid 0x2
inet 127.0.0.1 netmask 0xff000000
Additional routing options:.
Mounting NFS file systems:.
Starting syslogd.
/etc/rc: WARNING: Dump device does not exist. Savecore not run.
ELF ldconfig path: /lib /usr/lib /usr/lib/compat /usr/X11R6/lib /usr/local/lib
a.out ldconfig path: /usr/lib/aout /usr/lib/compat/aout /usr/X11R6/lib/aout
Starting usbd.
usb: Kernel module not available: No such file or directory
Starting local daemons:.
Updating motd.
Starting sshd.
Initial i386 initialization:.
Additional ABI support: linux.
Starting cron.
Local package initialization:.
Additional TCP options:.
Starting background file system checks in 60 seconds.
Sun Apr 1 02:11:43 UTC 2007
FreeBSD/i386 (demo.freebsd.org) (xc0)
login: De domU zou nu de kernel van &os; 7.0-CURRENT moeten
draaien:&prompt.root; uname -a
FreeBSD demo.freebsd.org 7.0-CURRENT FreeBSD 7.0-CURRENT #113: Wed Jan 4 06:25:43 UTC 2006
kmacy@freebsd7.gateway.2wire.net:/usr/home/kmacy/p4/freebsd7_xen3/src/sys/i386-xen/compile/XENCONF i386Het netwerk kan nu op de domU ingesteld worden. Het domU
van &os; zal het interface xn0
gebruiken:&prompt.root; ifconfig xn0 10.10.10.200 netmask 255.0.0.0
&prompt.root; ifconfig
xn0: flags=843<UP,BROADCAST,RUNNING,SIMPLEX> mtu 1500
inet 10.10.10.200 netmask 0xff000000 broadcast 10.255.255.255
ether 00:16:3e:6b:de:3a
lo0: flags=8049<UP,LOOPBACK,RUNNING,MULTICAST> mtu 16384
inet6 ::1 prefixlen 128
inet6 fe80::1%lo0 prefixlen 64 scopeid 0x2
inet 127.0.0.1 netmask 0xff000000 Op dom0 Slackware zouden nu afhankelijke netwerkinterfaces
te zien moeten zijn:&prompt.root; ifconfig
eth0 Link encap:Ethernet HWaddr 00:07:E9:A0:02:C2
inet addr:10.10.10.130 Bcast:0.0.0.0 Mask:255.0.0.0
UP BROADCAST RUNNING MULTICAST MTU:1500 Metric:1
RX packets:815 errors:0 dropped:0 overruns:0 frame:0
TX packets:1400 errors:0 dropped:0 overruns:0 carrier:0
collisions:0 txqueuelen:0
RX bytes:204857 (200.0 KiB) TX bytes:129915 (126.8 KiB)
lo Link encap:Local Loopback
inet addr:127.0.0.1 Mask:255.0.0.0
UP LOOPBACK RUNNING MTU:16436 Metric:1
RX packets:99 errors:0 dropped:0 overruns:0 frame:0
TX packets:99 errors:0 dropped:0 overruns:0 carrier:0
collisions:0 txqueuelen:0
RX bytes:9744 (9.5 KiB) TX bytes:9744 (9.5 KiB)
peth0 Link encap:Ethernet HWaddr FE:FF:FF:FF:FF:FF
UP BROADCAST RUNNING NOARP MTU:1500 Metric:1
RX packets:1853349 errors:0 dropped:0 overruns:0 frame:0
TX packets:952923 errors:0 dropped:0 overruns:0 carrier:0
collisions:0 txqueuelen:1000
RX bytes:2432115831 (2.2 GiB) TX bytes:86528526 (82.5 MiB)
Base address:0xc000 Memory:ef020000-ef040000
vif0.1 Link encap:Ethernet HWaddr FE:FF:FF:FF:FF:FF
UP BROADCAST RUNNING NOARP MTU:1500 Metric:1
RX packets:1400 errors:0 dropped:0 overruns:0 frame:0
TX packets:815 errors:0 dropped:0 overruns:0 carrier:0
collisions:0 txqueuelen:0
RX bytes:129915 (126.8 KiB) TX bytes:204857 (200.0 KiB)
vif1.0 Link encap:Ethernet HWaddr FE:FF:FF:FF:FF:FF
UP BROADCAST RUNNING NOARP MTU:1500 Metric:1
RX packets:3 errors:0 dropped:0 overruns:0 frame:0
TX packets:2 errors:0 dropped:157 overruns:0 carrier:0
collisions:0 txqueuelen:1
RX bytes:140 (140.0 b) TX bytes:158 (158.0 b)
xenbr1 Link encap:Ethernet HWaddr FE:FF:FF:FF:FF:FF
UP BROADCAST RUNNING NOARP MTU:1500 Metric:1
RX packets:4 errors:0 dropped:0 overruns:0 frame:0
TX packets:0 errors:0 dropped:0 overruns:0 carrier:0
collisions:0 txqueuelen:0
RX bytes:112 (112.0 b) TX bytes:0 (0.0 b)&prompt.root; brctl show
bridge name bridge id STP enabled interfaces
xenbr1 8000.feffffffffff no vif0.1
peth0
vif1.0Virtual PC op &windows;Virtual PC voor &windows; is een
softwareprodukt van µsoft; dat gratis gedownload kan worden
. Zie systeemeisen.
Nadat Virtual PC is
geïnstalleerd op µsoft.windows;, dient de gebruiker
een virtuele machine in te stellen en daarna het gewenste
gast-besturingssysteem te installeren.&os; installeren op Virtual PC/µsoft.windows;
De eerste stap in het installeren van &os; op
µsoft.windows;/Virtual PC is
het aanmaken van een nieuwe virtuele machine voor het
installeren van &os;. Kies Create a virtual
machine wanneer daarom wordt gevraagd:Selecteer Other als het
Operating system wanneer dat
gevraagd wordt:Kies vervolgens een gepaste hoeveelheid aan schijf- en
geheugenruimte afhankelijk van de plannen voor deze virtuele
instantie van &os;. 4GB aan schijfruimte en 512MB aan RAM
werken goed voor de meeste gebruikers van &os; onder
Virtual PC:Bewaar de instellingen en sluit ze af:Selecteer de virtuele &os;-machine en klik op
Settings, stel daarna het type netwerk en
een netwerkinterface in:Nadat de virtuele &os;-machine is aangemaakt, dient &os;
erop geïnstalleerd te worden. Dit gaat het beste met een
officiële &os;-CDROM of met een ISO-beeld dat van een
officiële FTP-site is gedownload. Wanneer het juiste
ISO-beeld op het lokale bestandssysteem van &windows; staat
of er een CDROM in de CD-drive zit, dubbelklik dan op de
virtuele &os;-machine om op te starten. Klik daarna op
CD en kies Capture ISO Image...
in het venster van Virtual PC
. Dit toont een scherm dat het mogelijk maakt
om de CDROM-drive in de virtuele machine te associëren
met een ISO-bestand op schijf of met een echte CDROM-drive.
Start, nadat deze associatie met de CDROM-bron is gemaakt,
de virtuele &os;-machine opnieuw op zoals gewoonlijk door op
Action en Reset te
klikken. Virtual PC zal herstarten
met een speciale BIOS dat eerst controleert of er een CDROM
aanwezig is, net zoals eeen normale BIOS dat zou doen.In dit geval zal het de installatiemedia van &os; vinden
en een normale installatie gebaseerd op
sysinstall beginnen zoals
beschreven in . X11 kan nu
geïnstalleerd, maar nog niet ingesteld, worden.Denk eraan om de CDROM of het ISO-beeld te verwijderen
nadat de installatie voltooid is. Start als laatste op naar
de nieuw geïnstalleerde virtuele &os;-machine.&os; instellen op µsoft.windows;/Virtual PCNadat &os; succesvol is geïnstalleerd op
µsoft.windows; met Virtual PC
zijn er een aantal instellingen die aangepast kunnen worden om
het system te optimaliseren voor virtueel gebruik.De variabelen voor de bootloader instellenDe belangrijkste stap is om de tunable te verlagen om zo het CPU-gebruik van &os; in de
omgeving van Virtual PC te
verminderen. Dit kan bereikt worden door de volgende
regel aan /boot/loader.conf toe te
voegen:kern.hz=100Zonder deze instelling zal een &os; als
gast-besturingssysteem voor Virtual PC
in rust ongeveer 40% van de CPU van een
computer met een enkele processor gebruiken. Na deze
verandering zal het gebruik slechts rond de 3% liggen.
Een nieuw instellingenbestand voor de kernel aanmaken
Alle stuurprogramma's voor SCSI, FireWire, en USB
kunnen verwijderd worden. Virtual PC
beidt een virtuele netwerkadapter dat door
het stuurprogramma &man.de.4; gebruikt wordt, dus kunnen
alle netwerkapparaten behalve &man.de.4; en &man.miibus.4;
uit de kernel verwijderd worden.Het netwerk instellenDe eenvoudigste netwerkinstallatie omvat het gebruik
van DHCP om de virtuele machine met het zelfde LAN te
verbinden als de µsoft.windows;-gastheer. Dit kan
bereikt worden door ifconfig_de0="DHCP"
toe te voegen aan /etc/rc.conf.
Geavanceerdere netwerkinstallaties staan beschreven in
.VMWare op &macos;VMWare Fusion voor &mac; is een
comercieel softwareprodukt beschikbaar voor op &intel;
gebaseeerde &mac;-computers die &macos; 10.4.9 of nieuwer
draaien. &os; is een volledig ondersteund
gast-besturingssysteem. Nadat VMWare Fusion
is geïnstalleerd op &macos; X dient de
gebruiker een virtuele machine in te stellen en daarna het
gewenste gast-besturingssysteem te installeren.&os; installeren op VMWare/&macos; XDe eerste stap is om VMWare Fusion te laden, de Virtual
Machine Library zal geladen worden. Klik op "New" om de
VM aan te maken:Dit laadt de New Virtual Machine Assistant dat helpt om
de VM aan te maken, klik op Continue om verder te gaan:Selecteer Other als het
Operating System en
&os; of &os; 64-bit
, afhankelijk van de wens voor ondersteuning
voor 64-bit, als de Version
wanneer dat gevraagd wordt:Kies de naam van het VM-beeld en de map waarin het bewaard
dient te worden:Kies de grootte van de virtuele harde schijf voor de VM:
Kies de manier om de VM te installeren, van een ISO-beeld
of van een CD:Nadat op Finish is geklikt, zal de VM opstarten:Installeer &os; zoals gewoonlijk, of door de aanwijzingen
in op te volgen:Nadat de installatie voltooid is kunnen de instellingen
van de VM aangepast worden, zoals het geheugengebruik:De instellingen van de systeemhardware van de VM kunnen
niet veranderd worden zolang de VM draait.Het aantal CPU's waartoe de VM toegang heeft:De status van het CD-ROM-apparaat. Gewoonlijk kan de
CD-ROM of het ISO-beeld van de VM worden losgekoppeld wanneer
het niet meer nodig is.Het laatste om te veranderen is de manier waarop de VM
verbinding met het netwerk maakt. Indien verbindingen naar de
VM van andere machines naast de gastheer gewenst zijn, dient
Connect directly to the physical network
(Bridged) gekozen te worden. In andere
situaties is Share the host's internet connection
(NAT) te verkiezen, zodat de VM toegang kan
hebben tot het Internet, maar dat het netwerk geen toegang
heeft tot de VM.Herstart de nieuw geïnstalleerde virtuele
&os;-machine nadat alle instellingen zijn aangepast.&os; instellen op &macos; X/VMWareNadat &os; succesvol is geïnstalleerd op &macos; X
met VMWare, zijn er een aantal
instellingen die gewijzigd kunnen worden op het systeem te
optimaliseren voor virtueel gebruik.De variabelen voor de bootloader instellenDe belangrijkste stap is het verlagen van de
tunable om het CPU-gebruik van
&os; in de omgeving van VMWare
te verminderen. Dit kan bereikt worden door de volgende
regel aan /boot/loader.conf toe te
voegen:kern.hz=100Zonder deze instelling gebruikt &os; als
VMWare gast-besturingssysteem ongeveer 15%
van de CPU van een enkele &imac;-processor. Na deze
verandering zal het gebruik dichter bij 5% liggen.Een nieuw instellingenbestand voor de kernel aanmaken
Alle stuurprogramma's voor FireWire en USB kunnen
verwijderd worden. VMWare
biedt een virtuele netwerkadapter dat door het
stuurpogramma &man.em.4; gebruikt wordt, dus alle
netwerkapparaten behalve &man.em.4; kunnen uit de kernel
verwijderd worden.Het netwerk instellenDe eenvoudigste netwerkinstallatie omvat het gebruik
van DHCP om de virtuele machine met hetzelfde LAN te
verbinden als de &mac;-gastheer. Dit kan bereikt worden
door ifconfig_em0="DHCP" toe te voegen
aan /etc/rc.conf. Geavanceerdere
netwerkinstallaties staan beschreven in .&os; als een gastheer-besturingssysteem&os; wordt momenteel niet officieel ondersteund als
gastheer-besturingssysteem door virtualisatiepakketten,
maar veel mensen gebruiken hiervoor oudere versies van
VMware. Er wordt ook gewerkt om
&xen; als gastheeromgeving voor &os;
werkend te krijgen.