diff --git a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/basics/chapter.sgml b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/basics/chapter.sgml index 6ea3810bb5..ee7f5e8897 100644 --- a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/basics/chapter.sgml +++ b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/basics/chapter.sgml @@ -1,1632 +1,2813 @@ Chris Shumway Herschreven door Remko Lodder Vertaald door &unix; beginselen Samenvatting Beginselen - Het volgende hoofdstuk zal de basiscommando's en - functionaliteit van het &os; besturingssysteem behandelen. Veel - van dit materiaal is relevant voor elk &unix; achtig - besturingssysteem. Voel je vrij om dit hoofdstuk over te slaan - als je reeds bekend bent met het materiaal. Als je nieuw bent in - &os;, is het erg verstandig om dit hoofdstuk goed door te + Het volgende hoofdstuk behandelt de basiscommando's en + functionaliteit van het &os; besturingssysteem. Veel van dit + materiaal is relevant voor elk &unix; achtig besturingssysteem. + Als de lezer reeds bekend is met het materiaal, hoeft dit + hoofdstuk niet gelezen te worden. Lezer die nog niet eerder + met &os; te maken hebben gehad wordt aangeraden door te lezen. - Na het lezen van dit hoofdstuk weet je het volgende: + Na het lezen van dit hoofdstuk weet de lezer: - Hoe je gebruik maakt van virtuele consoles - in &os;. + Hoe virtuele consoles in &os; gebruikt + kunnen worden; - Hoe &unix; bestandspermissies werken. + Hoe &unix; bestandspermissies werken; - Hoe het standaard &os; bestandssysteem eruit ziet + Hoe het standaard &os; bestandssysteem eruit ziet; - Hoe een &os; harddisk is ingedeeld. + Hoe een &os; harddisk is ingedeeld; - Hoe je bestandssystemen koppelt en ontkoppelt. + Hoe bestandssystemen gemount en ge-unmount + worden; - Wat processen, daemons en signalen zijn. + Wat processen, daemons en signalen zijn; - Wat een shell is, en hoe je de standaard - omgevingsvariabelen kan veranderen. + Wat een shell is en hoe de standaard omgevingsvariabelen + veranderd kunnen worden; - Hoe je elementaire tekstverwerkers gebruikt. + Hoe elementaire tekstverwerkers te gebruiken; - Wat devices en device-koppelpunten zijn. + Wat devices en device-koppelpunten zijn; - Welk binair formaat gebruikt wordt onder &os;. + Welk binair formaat &os; gebruikt; - Hoe je handleidingen leest voor meer informatie. + Hoe handleidingen te gebruiken meer informatie. - Virtuele consoles en terminals Virtuele consoles terminals &os; kan op diverse manieren gebruikt worden. Één van deze manieren is het typen van commando's in een tekstterminal. Veel van de flexibiliteit en kracht van een &unix; besturingssysteem is gemakkelijk beschikbaar als je &os; op deze manier gebruikt. Dit onderdeel beschrijft wat terminals en consoles zijn en hoe je deze kan gebruiken in &os;. De Console console - Als je &os; niet geconfigureerd hebt om automatisch een - grafische omgeving te starten tijdens het opstarten, zal het - systeem je een login prompt voorschotelen als het gestart is. - Dit gebeurt direct nadat de startscripts klaar zijn. Je zal - iets zien dat lijkt op het volgende: + Als &os; niet is ingesteld om automatisch een grafische + omgeving te starten tijdens het opstarten, geeft het systeem + een login prompt als het gestart is. Dit gebeurt direct nadat + de startscripts klaar zijn. Er wordt iets als het volgende + getoond: Additional ABI support:. Local package initialization:. Additional TCP options:. Fri Sep 20 13:01:06 EEST 2002 &os;/i386 (pc3.example.org) (ttyv0) login: De meldingen op het scherm kunnen wellicht iets anders zijn - op je systeem, maar het zal iets soortgelijks zijn. De laatste - 2 regels zijn de regels waar we nu in geïnteresseerd zijn. - De voorlaatste regel toont het volgende: + op een systeem, maar het zal iets soortgelijks zijn. De + laatste twee regels zijn de regels waar het nu over gaat. + De voorlaatste regel toont: &os;/i386 (pc3.example.org) (ttyv0) - Deze regel bevat enkele stukjes informatie over het systeem - dat je net gestart hebt. Je kijkt nu naar een - &os; console, draaiende op een Intel of - soortgelijke processor op de x86 architectuur. + Deze regel bevat enkele informatie over het systeem dat + net gestart is: dit is een &os; console, + draaiend op een Intel of soortgelijke processor op de x86 + architectuur. + - Dit betekent i386. Let op. Ook al - draai je &os; niet op een Intel 386 processor, toch is dit + Dit betekent i386. Let op: ook al + draait &os; niet op een Intel 386 processor, toch is dit een i386. Het is niet het type - processor, maar de processor architectuur - die hier bedoeld wordt. + processor, maar de processor + architectuur. + De naam van de machine (elke &unix; machine heeft een - naam) is pc3.example.org, en je kijkt nu naar - de console van het systeem— de - ttyv0 terminal. + naam) is pc3.example.org en dit is de console + van het systeem, de ttyv0 + terminal. - Als laatste, deze regel is altijd: + De laatste regel is altijd: login: - Dit is het deel waar je je gebruikersnaam - moet invullen om in te loggen op &os;. Het volgende deel - zal beschrijven hoe je dit kan doen. + Dit is het deel waar een gebruikersnaam + ingevuld moet worden om aan te melden op &os;. Het volgende + deel beschrijft hoe dat werkt. - Inloggen op &os; + Aanmelden op &os; &os; is een multi-user en multi-processing systeem. Dit is de formele beschrijving die meestal gegeven wordt aan een - systeem dat gebruikt wordt door meerdere personen, die - gelijktijdig verschillende programma's draaien op een enkele - machine. + systeem dat gebruikt wordt door meerdere personen die + gelijktijdig verschillende programma's draaien op + één enkele machine. Elk multi-user systeem heeft een manier nodig om een gebruiker van alle andere gebruikers te kunnen - onderscheiden. In &os; (en alle andere &unix;-achtige + onderscheiden. In &os; (en alle andere &unix; achtige besturingssystemen), wordt dit bereikt door te eisen dat - elke gebruiker moet inloggen op het systeem + elke gebruiker moet aanmelden op het systeem voordat hij/zij programma's kan draaien. Elke gebruiker heeft een unieke naam (de gebruikersnaam) en een persoonlijke, geheime sleutel (het wachtwoord). - &os; zal je vragen om deze 2 gegevens voordat het een gebruiker + &os; vraagt om deze twee gegevens voordat het een gebruiker toegestaat om programma's te draaien. startup scripts - Direct nadat &os; is opgestart en de start scripts + Direct nadat &os; is opgestart en de opstartscripts Opstart scripts zijn programma's die automatisch gestart worden tijdens het opstarten. Het hoofddoel van deze programma's is om dingen goed te zetten zodat alle andere programma's ook kunnen draaien, en om services te starten die je geconfigureerd hebt om bruikbare zaken in de achtergrond te doen. - afgerond zijn, zal je een prompt zien waarbij je gevraagd wordt - om een geldige loginnaam op te geven. + afgerond zijn, wordt een prompt getoond dat vraagt om een + geldige aanmeldnaam op te geven. login: - In dit voorbeeld nemen we aan dat je gebruikersnaam - john is. Typ john na - deze prompt en druk op Enter. Hierna - verschijnt een prompt om je wachtwoord in te + In dit voorbeeld wordt aangenomen de gebruikersnaam + john is. Als na deze prompt + john wordt getype en op + Enter wordt gedrukt, verschijnt hierna + een prompt om het wachtwoord in te voeren: login: john Password: - Typ john's wachtwoord in, en druk op - Enter. Het wachtwoord wordt niet - geprint! Daarover hoef je je nu geen zorgen te maken. - Het is voldoende om te zeggen dat dit om veiligheidsredenen - gedaan wordt. - - Als je het juiste wachtwoord hebt ingetypt, ben je nu - ingelogd in &os;, klaar om alle beschikbare commando's uit te - voeren. - - Na het inloggen zie je de MOTD of - bericht van de dag gevolgd door een commando prompt (een - #, $ of een - % karakter). Dit geeft aan dat je succesvol - ingelogd bent in &os;. + Nu kan john's wachtwoord ingevoerd + worden en op Enter gedrukt worden. Het + wachtwoord wordt niet getoond! Daarover + hoeft geen zorg te bestaan. Het is voldoende om te zeggen dat + dit om veiligheidsredenen gedaan wordt. + + Als het juiste wachtwoord is ingegeven, is er aangemeld bij + op &os; en in het systeem klaar om alle beschikbare commando's + uit te voeren. + + Na het aanmelden is de MOTD of het + bericht van de dag zichtbaar, gevolgd door een commandoprompt + (een #, $ of een + % karakter). Dit geeft aan dat er succesvol + is aangemeld op &os;. - Meerdere consoles + Meerdere Consoles &unix; programma's draaien in één console is prima, maar &os; kan veel programma's tegelijk draaien. Om maar één console te hebben waar commando's ingetypt kunnen worden zou zonde zijn van een besturingssysteem als &os; waar meerdere programma's tegelijkertijd op kunnen draaien. Hier kunnen virtuele consoles van pas komen. - &os; kan ingesteld worden om je verschillende virtuele - consoles te tonen. Je kan wisselen van de ene console naar de - ander door een paar toetsen op je toetsenbord in te drukken. - Elke console heeft zijn eigen outputkanaal, en &os; zorgt - ervoor dat alle keyboard input en monitor output wordt goed - gezet als je wisselt van de ene console naar de volgende. + &os; kan ingesteld worden om verschillende virtuele + consoles te tonen. Met toetscombinaties kan van de ene console + naar de gewisseld worden. Elke console heeft zijn eigen + uitvoerkanaal, en &os; zorgt ervoor dat alle toetsenbordinvoer + en monitoruitvoer goed wordt gezet als er van de ene console + naar de volgende wordt gewisseld. - In &os; kun je speciale toetscombinaties gebruiken om te - wisselen naar een ander virtueel console. + In &os; kunnen speciale toetscombinaties gebruikt worden om + te wisselen naar een ander virtueel console. Een redelijk technische en accurate beschrijving van - alle details over de &os; console en keyboard drivers - kunnen gevonden worden in de help pagina's van - &man.syscons.4;, &man.atkbd.4;, &man.vidcontrol.1; en - &man.kbdcontrol.1;. We zullen niet verder ingaan op de - details maar de geïnteresseerde lezer kan altijd de - help pagina's raadplegen voor meer details en een grondige - uitleg over hoe alles werkt. + alle details over de &os; console en toetsenborddrivers + staan in de hulppagina's van &man.syscons.4;, + &man.atkbd.4;, &man.vidcontrol.1; en &man.kbdcontrol.1;. + Hier wordt niet verder op ingegaan, maar de + geïnteresseerde lezer kan altijd de hulppagina's + raadplegen voor meer details en een grondige uitleg over + hoe alles werkt. - In &os; kun je + In &os; kan AltF1, - AltF2, t/m + AltF2 + tot en met AltF8 - gebruiken om te wisselen naar een ander virtueel console. - - Als je wisselt van de ene naar de andere console zal &os; - ervoor zorgen dat de output bewaard blijft. Het resultaat is - een illusie van het hebben van meerdere - schermen en keyboards die je kan gebruiken om commando's in te - typen om &os; te laten draaien. De programma's die je lanceert - in de ene virtuele console stoppen niet als de console niet - zichtbaar is. Ze blijven doordraaien wanneer je wisselt naar - een andere virtuele console. + gebruikt worden om te wisselen naar een ander virtueel + console. + + Als wordt gewisseld van de ene naar de andere console zorgt + &os; dat de uitvoer bewaard blijft. Het resultaat is een + illusie van het hebben van meerdere schermen en + toetsenboarden die gebruikt kunnen worden om commando's in te + voeren om &os; te laten draaien. De programma's die in de ene + virtuele console draaien, stoppen niet als de console niet + zichtbaar is. Ze blijven doordraaien als naar een andere + virtuele console wordt gewisseld. Het <filename>/etc/ttys</filename> bestand - De standaard configuratie van &os; zal opstarten met acht - virtuele consoles. Dit is echter geen vaste waarde en je kan - jouw installatie makkelijk aanpassen , zodat het systeem gestart + De standaardinstelling van &os; start op met acht virtuele + consoles. Dit is echter geen vaste waarde en een installatie + kan eenvoudig aangepast worden, zodat het systeem gestart wordt met meer of minder virtuele consoles. De hoeveelheid en - instellingen van de virtuele consoles worden geconfigureerd in - het bestand /etc/ttys. + instellingen van de virtuele consoles worden ingesteld in + /etc/ttys. - Je kan het bestand /etc/ttys gebruiken - om je virtuele consoles te configuren. Elke niet-commentaar + /etc/ttys kan gebruikt worden om + virtuele consoles in te stellen. Elke niet-commentaar regel in dit bestand (regels die niet beginnen met een # karakter) bevat instellingen voor een - terminal of virtuele console. De standaard versie van dit - bestand die meegeleverd wordt met &os; configureert negen - virtuele consoles, en schakelt er acht in. Dit zijn - de regels die starten met ttyv: + terminal of virtuele console. De standaardversie van dit + bestand die meegeleverd wordt met &os; stelt negen virtuele + consoles in en activeert er acht. Dit zijn de regels die + beginnen met ttyv: # naam getty type status commentaar # ttyv0 "/usr/libexec/getty Pc" cons25 on secure # Virtual terminals ttyv1 "/usr/libexec/getty Pc" cons25 on secure ttyv2 "/usr/libexec/getty Pc" cons25 on secure ttyv3 "/usr/libexec/getty Pc" cons25 on secure ttyv4 "/usr/libexec/getty Pc" cons25 on secure ttyv5 "/usr/libexec/getty Pc" cons25 on secure ttyv6 "/usr/libexec/getty Pc" cons25 on secure ttyv7 "/usr/libexec/getty Pc" cons25 on secure ttyv8 "/usr/X11R6/bin/xdm -nodaemon" xterm off secure - Voor een uitgebreide beschrijving van elke kolom in dit - bestand en alle opties die je kan gebruiken om virtuele consoles - op te zetten , kan je de &man.ttys.5; helppagina + Een uitgebreide beschrijving van elke kolom in dit + bestand en alle mogelijke opties voor virtuele consoles staan + in de &man.ttys.5; hulppagina gebruiken. - single-user Console - - Een gedetailleerde beschrijving van de - single-user mode kan hier gevonden worden - . Belangrijk is het om te - melden dat je in single-user mode maar één - console hebt. Er zijn geen virtuele consoles beschikbaar. - De instellingen van de single-user mode console kunnen ook - gevonden worden in het bestand /etc/ttys . - Zoek naar de regel die begint met + Single-user Console + + In staat een + gedetailleerde beschrijving van de single-user + modus. Het is belanrijk te melden dat er in + single-user modus maar één console is. Er zijn + geen virtuele consoles beschikbaar. De instellingen van de + single-user modus console staan ook in + /etc/ttys . De regel begint met console: # name getty type status commentaar # # Als een console gemarkeerd is als "insecure", zal het init script om het root-wachtwoord # vragen wanneer het in single-user mode komt. console none unknown off secure Zoals het commentaar boven de console - regel aangeeft, kan je deze regel bewerken en het woord - secure veranderen in - insecure. Als je dat doet, zal &os; bij - het opstarten in single-user mode nog steeds om een - root-wachtwoord vragen. - - Kijk uit als je dit verandert in - insecure. Als je ooit het - wachtwoord van de root-gebruiker verliest, - wordt het opstarten in single-user mode lastig. Het is nog + regel aangeeft, kan in deze regel het woord + secure gewijzigd worden in + insecure. In dat geval vraagt &os; bij + het opstarten in single-user modus nog steeds om een + root-wachtwoord. + + Pas op als dit wordt veranderd in + insecure. Als het wachtwoord + van de gebruiker root zoek is, + wordt het opstarten in single-user modus lastig. Het is nog steeds mogelijk, maar het kan vrij moeilijk zijn voor iemand die &os; niet zo goed kent met betrekking tot het opstarten en de programma's die daarbij gebruikt worden. - Permissies + Rechten - &unix; + UNIX &os;, direct afgeleid van BSD &unix;, is gebaseerd op - verschillende belangrijke &unix; concepten. De eerste en meest - bekende is dat &os; een multi-user systeem is. Het systeem kan - meerdere gebruikers behandelen die tegelijkertijd totaal - verschillende dingen doen. Het systeem is verantwoordelijk voor - het netjes delen en beheren voor aanvragen voor hardware, - randapparatuur, geheugen en cpu tijd tussen elke gebruiker. + verschillende belangrijke &unix; concepten. Het meest bekende is + dat &os; een multi-user systeem is. Het systeem kan meerdere + gebruikers behandelen die tegelijkertijd totaal verschillende + dingen doen. Het systeem is verantwoordelijk voor het netjes + delen en beheren voor aanvragen voor hardware, randapparatuur, + geheugen en cpu tijd tussen elke gebruiker. Omdat het systeem in staat is om meerdere gebruikers te ondersteunen, heeft alles wat door het systeem beheerd wordt een - set van permissies die aangeeft wie mag lezen, schrijven, en de - bron mag uitvoeren. Deze permissies zijn opgeslagen in 3 - octetten, die weer in 3 stukjes onderverdeeld zijn, + set van rechten die aangeeft wie mag lezen, schrijven en de + bron mag uitvoeren. Deze rechten zijn opgeslagen in drie + octetten, die weer in drie stukjes onderverdeeld zijn: één voor de eigenaar van het bestand, - één voor de group waar het bestand toe behoord en + één voor de groep waar het bestand toe behoort en één voor de overigen. De numerieke weergave werkt als volgt: - Permissies + Rechten - Bestands permissies + Bestandsrechten Waarde - Permissie + Recht - Directory permissies + Maprecht 0 Niet lezen, niet schrijven, niet uitvoeren --- 1 Niet lezen, niet schrijven, uitvoeren --x 2 Niet lezen, schrijven, niet uitvoeren -w- 3 Niet lezen, schrijven, uitvoeren -wx 4 Lezen, niet schrijven, niet uitvoeren r-- 5 Lezen, niet schrijven, uitvoeren r-x 6 Lezen, schrijven, niet uitvoeren rw- 7 Lezen, schrijven, uitvoeren rwx ls - directories + mappen - Je kan de optie gebruiken bij - &man.ls.1; om een lange directory lijst te zien die - een kolom heeft met informatie over bestands permissies - voor de eigenaar, groep, en de rest. Bijvoorbeeld, een - ls -l in een willekeurige directory - kan het volgende laten zien: + De optie kan gebruikt worden met + &man.ls.1; om een lange lijst met de inhoud van een map te zien + die een kolom heeft met informatie over bestandsrechten voor de + eigenaar, groep en de rest. ls -l in een + willekeurige map kan het volgende laten zien: &prompt.user; ls -l total 530 -rw-r--r-- 1 root wheel 512 Sep 5 12:31 myfile -rw-r--r-- 1 root wheel 512 Sep 5 12:31 otherfile -rw-r--r-- 1 root wheel 7680 Sep 5 12:31 email.txt ... - Hier is hoe de eerste kolom van ls -l - eruit ziet: + Zo ziet de eerste kolom van ls -l + eruit: -rw-r--r-- - Het eerste (meest linkse) karakter verteld of dit een - regulier bestand is, een directory, een speciaal karakter, - een socket of een ander pseudo-bestand. In dit geval betekend - de - dat het een regulier bestand is. De - volgende drie karakters, rw- in dit voorbeeld, - geven de permissies voor de eigenaar van het bestand. De 3 - karakters r--erna geven de permissies van de - group van het bestand. De overige drie karakters - r-- geven de permissies voor de rest. Een - streepje betekend dat de permissie uitgeschakeld is. In het geval - van dit bestand, zijn de permissies zo gezet dat de eigenaar kan - lezen en schrijven naar het bestand, de groep het bestand kan - lezen, en de rest kan het bestand alleen lezen. Volgens de tabel - hierboven worden de permissies 644, waar de - cijfers de 3 stukjes van de permissies aangeven. + Het eerste (meest linkse) karakter geeft aan of dit een + reguliere bestand is, een map, een speciaal karakter + component(!), een socket of een andere pseudo-file component(!). + In dit geval betekent de - dat het een + regulier bestand is. De volgende drie karakters, + rw- in dit voorbeeld, geven de rechten voor de + eigenaar van het bestand. De drie karakters + r--erna geven de rechten van voor de groep van + het bestand. De overige drie karakters r-- + tonen de rechten voor de rest. Een streepje betekent dat de + rechten uitgeschakeld zijn. In het geval van dit bestand zijn de + rechten zo ingesteld dat de eigenaar kan lezen en schrijven naar + het bestand, de groep het bestand kan lezen, en de rest kan het + bestand alleen lezen. Volgens de tabel hierboven worden de + rechten 644, waar de cijfers de drie stukjes + van de rechten aangeven. Dit is allemaal leuk en aardig, maar hoe controleert het - systeem dan permissies voor apparaten? &os; behandeld de meeste + systeem dan rechten voor apparaten? &os; behandelt de meeste hardware apparaten als bestanden die door programma's kunnen - worden geopend, gelezen en waar data naar toe kan worden - geschreven net zoals elk ander bestand. Deze speciale apparaat - bestanden worden bewaard in de /dev - directory. - - Directories worden ook behandeld als bestanden. Ze hebben - lees, schrijf en uitvoerbare permissies. De uitvoerbare vlag - voor een directory heeft een klein verschil qua betekenis dan die - van gewone bestanden. Als een directory als uitvoerbaar - gemarkeerd is, betekend dat dat je erin mag komen. Het is dus - mogelijk om te wisselen van directory door cd - (wissel directory) erheen te doen. Dit betekend ook dat je in - de directory bestanden kan benaderen waarvan je de naam kent. - Dit is natuurlijk afhankelijk van de permissies van het bestand - zelf. - - In het bijzonder, om een directory listing mogelijk te maken, - moet de directory lees permissies hebben. Terwijl je om een - bestand te verwijderen de naam nodig hebt, en er moeten schrijf - en uitvoer permissies op de directory staan - waarin het bestand zich bevind. - - Er zijn meer permissie vlaggen, maar die zijn meer in gebruik - bij speciale omstandigheden, zoals setuid binaries en sticky - directories. Als je meer informatie wilt over bestands permissies - en hoe je die kan aanpassen lees dan &man.chmod.1;. + worden geopend en gelezen, en waar data naar toe kan worden + geschreven, net zoals elk ander bestand. Deze speciale apparaat + bestanden worden bewaard in de map + /dev. + + Mappen worden ook behandeld als bestanden. Ze hebben lees, + schrijf en uitvoerbare rechten. De uitvoerbare vlag voor een map + heeft een klein verschil qua betekenis dan die voor gewone + bestanden. Als een map als uitvoerbaar gemarkeerd is, betekent + het dat erin gekeken mag worden. Het is dus mogelijk om te + wisselen naar de map met cd (wissel + directory). Dit betekent ook dat in de map bestanden benaderen + benaderd kunnen worden waarvan de naam bekend is. Dit is + natuurlijk afhankelijk van de rechten op het bestand zelf. + + In het bijzonder, om een lijst van de map te kunnen maken, + moet een gebruiker leesrechten op de map hebben. Om een bestand + te verwijderen zijn de naam van het bestanden en schrijf + en uitvoerrechten op de map nodig waarin het + bestand zich bevindt. + + Er zijn meer rechtenvlaggen, maar die worden in gebruikt + in speciale gevallen, zoals setuid binaries en sticky mappen. + Meer informatie over bestandsrechten en die die aangepast kunnen + worden staat in &man.chmod.1;. Tom Rhodes Bijgedragen door - Symbolische Permissies + Symbolische Rechten - permissies + rechten symbolisch - Symbolische permissies, soms ook wel symbolische expressies - genoemd, gebruiken karakters in plaats van octale getallen om - permissies aan bestanden en en directories te geven. - Symbolische expressies gebruiken de volgende opbouw (wie) - (actie) (permissies), waar de volgende waardes beschikbaar - zijn: + Symbolische rechten, soms ook wel symbolische expressies, + gebruiken karakters in plaats van octale getallen om rechten + aan bestanden en en mappen te geven. Symbolische expressies + gebruiken de volgende opbouw (wie) (actie) (permissies), waar + de volgende waardes beschikbaar zijn: Optie Letter - Vertegenwoordigd + Vertegenwoordigt - - - (wie) - - u + + + (wie) - Gebruiker - + u - - (wie) + Gebruiker + - g + + (wie) - Groep eigenaar - + g - - (wie) + Groepseigenaar + - o + + (wie) - Overigen - + o - - (wie) + Overigen + - a + + (wie) - Iedereen (wereld) - + a - - (actie) + Iedereen (wereld) + - + + + (actie) - Permissies toevoegen - + + - - (actie) + Rechten toevoegen + - - + + (actie) - Permissies verwijderen - + - - - (actie) + Rechten verwijderen + - = + + (actie) - Zet deze permissies - + = - - (permissie) + Stel deze rechten in + - r + + (recht) - Lezen - + r - - (permissie) + Lezen + - w + + (recht) - Schrijven - + w - - (permissie) + Schrijven + - x + + (recht) - Uitvoeren - + x - - (permissie) + Uitvoeren + - t + + (recht) - Sticky bit - + t - - (permissie) + Sticky bit + - s + + (recht) - Verander UID of GID - - - - + s - Deze waardes worden gebruikt met het &man.chmod.1; - commando, net zoals eerder, alleen nu met letters. Je kan - bijvoorbeeld het volgende commando gebruiken om de overige - gebruikers toegang tot FILE te - ontzeggen: + Verander UID of GID + + + + - &prompt.user; chmod go= FILE + Deze waardes worden gebruikt met &man.chmod.1;, net zoals + eerder, alleen nu met letters. Het volgende commando kan + gebruikt worden om de overige gebruikers toegang tot + BESTAND te ontzeggen: - Een door een komma gescheiden lijst kan geleverd worden als - meer dan één wijziging aan een bestand moet worden - uitgevoerd. Bijvoorbeeld het volgende commando zal de groep en de - wereld permissies aanpassen door de schrijfrechten - te ontnemen om daarna iedereen uitvoer permissies te geven: + &prompt.user; chmod go= BESTAND - &prompt.user; chmod go-w,a+x FILE + Er kan een door komma's gescheiden lijst geleverd worden als + meer dan één wijziging aan een bestand moet worden + uitgevoerd. Het volgende commando past de rechten voor de groep + en de wereld aan door de schrijfrechten te + ontnemen om daarna iedereen uitvoerrechten te geven: + &prompt.user; chmod go-w,a+x BESTAND Directory structuur directory hierarchy - De &os; directory structuur is erg belangrijk om het systeem + De &os; mappenstructuur is erg belangrijk om het systeem goed te leren kennen. Het belangrijkste concept om greep op te - krijgen is die van de root directory, /. Deze - directory is de eerste die gekoppeld wordt tijdens het opstarten en - bevat het basis systeem dat nodig is om het besturingssysteem - gereed te maken voor multi-user taken. De root directory bevat - ook koppelpunten voor elk ander bestandssysteem die je misschien - wilt koppelen. - - Een koppelpunt is een directory waar extra filesystemen aan + krijgen is die van de rootmap, /. Deze map is de + eerste die gemount wordt tijdens het opstarten en bevat het + basissysteem dat nodig is om het besturingssysteem gereed te + maken voor multi-user taken. De rootmap bevat ook koppelpunten + voor elk ander bestandssysteem dat misschien gekoppeld + wordt. + + Een koppelpunt is een map waar extra bestandssystemen aan gekoppeld kunnen worden. Standaard koppelpunten bevatten /usr, /var, /mnt en /cdrom. Naar - deze directories wordt meestal verwezen in het bestand - /etc/fstab. /etc/fstab - is een tabel van verschillende filesystemen en koppelpunten ter - referentie voor het systeem. De meeste bestandssystemen in - /etc/fstab worden automatisch gekoppeld - tijdens het opstarten door het script &man.rc.8; behalve als ze - de optie hebben. Raadpleeg de - &man.fstab.5; helppagina's voor meer informatie over de indeling - van het bestand /etc/fstab en de opties die - het bevat. - - Een complete beschrijving over het filesysteem is - beschikbaar in de helppagina &man.hier.7;. Voorlopig zal een - korte samenvatting van de meest voorkomende directories - volstaan. + deze mappen wordt meestal verwezen in + /etc/fstab, een tabel met bestandssystemen + en mountpunten ter referentie voor het systeem. De meeste + bestandssystemen in /etc/fstab worden + automatisch gekoppeld tijdens het opstarten door het script + &man.rc.8;, behalve als ze de optie + hebben. &man.fstab.5; geeft meer uitleg over de indeling van + /etc/fstab en de opties die erin gebruikt + kunnen worden. + + Een complete beschrijving over het bestandssysteem staat in + &man.hier.7;. Hier wordt volstaan met een overzicht van de + voorkomende mappen. - Directorie + Map + Omschrijving / - Root directory van het filesysteem. + Rootmap van het bestandssysteem. /bin/ - Gebruikers applicaties, belangrijk voor zowel + Gebruikersapplicaties, belangrijk voor zowel single user als multi-user omgevingen. /boot/ - Programma's en configuratie bestanden die + Programma's en instellingenbestanden die gebruikt worden tijdens het opstarten van het besturingssysteem. /boot/defaults/ - Standaard opstart configuratie bestanden; zie - &man.loader.conf.5;. + Bestanden met standaardinstellingen voor + opstarten;, zie &man.loader.conf.5;. /dev/ - Apparaat nodes; zie &man.intro.4;. + Apparaatnodes;, zie &man.intro.4;. /etc/ - Systeem configuratie bestanden en scripts. + Bestanden met systeeminstellingen en + scripts. /etc/defaults/ - Standaard systeem configuratie bestanden; - zie &man.rc.8;. + Bestanden met standaard systeeminstellingen;, zie + &man.rc.8;. /etc/mail/ - Configuratie bestanden voor mail transport + Instellingenbestanden voor mail transport programma's zoals &man.sendmail.8;. /etc/namedb/ - named configuratie bestanden; zie - &man.named.8;. + Instellingenbestanden voor + named, zie &man.named.8;. /etc/periodic/ Scripts die dagelijks, wekelijks en maandelijks - via &man.cron.8;; zie &man.periodic.8;. + via &man.cron.8; worden uitgevoerd, + zie &man.periodic.8;. /etc/ppp/ - ppp configuratie bestanden; zie - &man.ppp.8;. + Instellingenbestanden voor ppp, + zie &man.ppp.8;. /mnt/ - Lege directory, veel gebruikt door systeem - beheerders als tijdelijk koppelpunt voor - opslagruimtes. + Lege map, veel gebruikt door systeembeheerders als + tijdelijk mountpunt voor opslagruimtes. /proc/ - Process bestandssysteem; zie &man.procfs.5;, + Process bestandssysteem;, zie &man.procfs.5; en &man.mount.procfs.8;. /root/ - Home directory van de gebruiker + Thuismap van de gebruiker root. /sbin/ - Systeem programma's en administratie programma's + Systeemprogramma's en administratieprogramma's belangrijk voor zowel single-user en multi-user omgevingen. /stand/ Programma's die gebruikt worden in een standalone omgeving. /tmp/ - Tijdelijke bestanden, meestal een &man.mfs.8; + Tijdelijke bestanden, meestal een op &man.mfs.8; geheugen gebaseerd bestandssysteem (de inhoud van /tmp wordt meestal NIET bewaard tijdens het rebooten). - /usr/ - Hier bevind zich het leeuwendeel van alle + Hier bevindt zich het leeuwendeel van alle hulpprogramma's en gewone programma's. /usr/bin/ - Standaard programma's, programmeer tools. + Standaard programma's, programmeertools. /usr/include/ - Standaard C invoeg bestanden. + Standaard C invoegbestanden. /usr/lib/ - Archief libraries. + Functiebibliotheken. - /usr/libdata/ - Diverse hulpprogramma data bestanden. + Diverse databestanden voor hulpprogramma's. /usr/libexec/ - Systeem daemons en systeem hulpprogramma's + Systeemdaemons en systeemhulpprogramma's (uitgevoerd door andere programma's). - /usr/local/ + /usr/local/ - Lokale programma's, libraries etc. Wordt ook + Lokale programma's, bibliotheken, etc. Wordt ook gebruikt als standaard locatie voor de &os; ports. Binnen /usr/local, wordt de - algemene layout bepaald door &man.hier.7; welke ook voor + algemene layout bepaald door &man.hier.7;, dat ook voor /usr wordt gebruikt. - Uitzonderingen is de man directory, welke direct onder - /usr/local ligt in plaats van onder - /usr/local/share, en de port - documentatie is te vinden in + Uitzonderingen is de map man, die direct onder + /usr/local ligt in plaats van + onder /usr/local/share, en de + documentatie voor ports is te vinden in share/doc/port. /usr/obj/ - Architectuur specifieke doeldirectory geproduceerd door - het bouwen van /usr/src. + Architectuur afhankelijke doelstructuur voor + resultaten van de bouw van + /usr/src. /usr/ports - De &os; ports collectie (optioneel). + De &os; portscollectie (optioneel). /usr/sbin/ - Systeem daemons & systeem hulpprogramma's + Systeemdaemons en systeemhulpprogramma's (uitgevoerd door gebruikers). /usr/share/ Architectuur onafhankelijke bestanden. /usr/src/ - BSD en of lokale bron bestanden. + BSD en/of lokale broncodebestanden. /usr/X11R6/ + class="directory">/usr/X11R6/ - X11R6 distribution executables, libraries, etc - (optional). + Uitvoerbare bestanden en bibliotheken, etc, voor + de X11R6 distributie (optioneel). /var/ - Multifuntionele log, tijdelijke, transparante en - spool bestanden. + Multifunctionele logboek-, tijdelijke, + transparante en spool bestanden. - /var/log/ - Diverse systeem log bestanden. + Diverse logboekbestanden van het systeem. /var/mail/ - Gebruiker mailbox bestanden. + Postbusbestanden van gebruikers. /var/spool/ - Diverse printer en mail systeem spooling - directories. + Diverse printer- en + mailsysteemspoolingmappen. /var/tmp/ Tijdelijke bestanden die bewaard worden bij een - systeem herstart. + herstart van het systeem. /var/yp NIS maps. - - Disk organisatie + Organisatie van Disks De kleinste vorm van organisatie die &os; gebruikt om bestanden te vinden is de bestandsnaam. Bestandsnamen zijn - hoofdlettergevoelig, wat betekend dat - readme.txt en README.TXT - twee verschillende bestanden zijn. &os; gebruikt de extensie niet - (.txt) van een bestand om te bepalen of het - bestand een programma, een document, of een vorm van data - is. - - Bestanden worden bewaard in directories. Een directory kan - geen bestanden bevatten, of het kan honderden bestanden bevatten. - Een directory kan ook andere directories bevatten, wat je in - staat stelt om een hierarchy van directories te maken. Dit maakt - het veel makkelijker om je data te organiseren. - - Bestanden en directories worden aangegeven door het bestand - of directory aan te geven gevolgd door een voorwaardse slash, - /, gevolgd door enige andere directory - namen die nodig zijn. Als je een directory - foo hebt, welke de directory - bar bevat, welke op zijn beurt het bestand + hoofdlettergevoelig, wat betekent dat + readme.txt en + README.TXT twee verschillende bestanden + zijn. &os; gebruikt de extensie niet (.txt) + van een bestand om te bepalen of het bestand een programma, een + document of een vorm van data is. + + Bestanden worden bewaard in mappen. Een map kan leeg zijn of + of honderden bestanden bevatten. Een map kan ook andere mappen + bevatten, wat het mogelijk maakt om een hiërarchie van + mappen te maken. Dit maakt het veel makkelijker om data te + organiseren. + + Bestanden en mappen worden aangegeven door het bestand + of de map aan te geven, gevolgd door een voorwaardse slash, + /, gevolgd door andere mapnamen die nodig + zijn. Als map foo de map + bar bevat, die op zijn beurt het bestand readme.txt bevat, dan wordt de volledige naam of pad naar het bestand foo/bar/readme.txt. - Directories en bestanden worden bewaard op een - bestandssysteem. Elk bestandssysteem bevat precies - één directory op het hoogste nivo, genaamd - de root directory van het bestandssysteem. - Deze root directory kan op zijn beurt andere directories - bevatten. - - Tot zover is dit waarschijnlijk hetzelfde als elk ander - besturingssysteem dat je gebruikt hebt. Er zijn een paar - verschillen; bijvoorbeeld: &ms-dos; gebruikt een - \ om bestanden en directories te scheiden, - terwijl &macos; gebruik maakt van :. - - &os; gebruikt geen drive letters, of andere drive namen in het - pad. Je gebruikt geen c:/foo/bar/readme.txt - bij &os;. - - In plaats daarvan, één bestandssysteem is - aangewezen als root bestandssysteem. - Het root bestandssysteem root directory wordt aangewezen als - /. Elk ander bestandssysteem wordt daarna - gemount onder het root bestandssysteem. - Hoeveel disks je ook hebt op je &os; systeem, het lijkt erop - alsof elke directory zich bevind op dezelfde schijf. - - Stel dat je drie bestandssystemen hebt, genaamd - A,B en C. - Elk bestandssysteem heeft één root directory, welke - twee andere directories bevat, genaamd A1 en - A2 (evenals bij de rest: B1, - B2, C1, - C2). - - Noem A het root besturingsysteem. Als je - het commando ls gebruikt om de inhoud van de - directorie te tonen, zie je twee subdirectories, - A1 en A2. De directory - structuur ziet er als volgend uit: + Mappen en bestanden worden bewaard op een bestandssysteem. + Elk bestandssysteem bevat precies één map op het + hoogste niveau die de rootmap van het + bestandssysteem heet. Deze rootmap kan op zijn beurt andere + mappen bevatten. + + Tot zover is dit waarschijnlijk hetzelfde als voor elk ander + besturingssysteem. Er zijn een paar verschillen. &ms-dos; + gebruikt bijvoorbeeld een \ om bestanden en + mappen te scheiden, terwijl &macos; gebruik maakt van + :. + + &os; gebruikt geen schijfletters, of andere schijfnamennamen + in het pad. &os; gebruikt geen + c:/foo/bar/readme.txt. + + Eén bestandssysteem wordt aangewezen als + root bestandssysteem, waar naar wordt + verwezen met /. Elk ander bestandssysteem + wordt daarna gemount onder het root + bestandssysteem. Hoeveel schijven er ook aan een &os; systeem + hangen, het lijkt als elke map zich op dezelfde schijf + bevindt. + + Stel er zijn drie bestandssystemen met de namen + A,B en + C. Elk bestandssysteem heeft + één root map die twee andere mappen bevat, + A1 en A2 (zo ook voor de + andere twee: B1, B2, + C1 en C2). + + A wordt het root besturingsysteem. Met + ls, dat de inhoud van de map kan tonen, zijn + de twee mappen A1 en A2 te + zien. De mappenstructuur ziet er als volgend uit: / | +--- A1 | `--- A2 - Een bestandssysteem moet gekoppeld worden in een directory op - een ander bestandssysteem. Stel nu dat je bestandssysteem - B koppelt onder de directory - A1. De root directory van - B vervangt A1 en de - directories in B zien er als volgt - uit: + Een bestandssysteem moet gemount worden in een map op een + ander bestandssysteem. Als nu bestandssysteem + B wordt gemount onder de map + A1 vervangt B + A1 en zien de mappingen in + B er als volgt uit: / | +--- A1 | | | +--- B1 | | | `--- B2 | `--- A2 - Elk bestand die in de B1 en - B2 directories aanwezig is kan benaderd + Elk bestand dat in de mappen B1 en + B2 directories aanwezig is, kan benaderd worden met het pad /A1/B1 of - /A1/B2 indien nodig. Elk bestand dat in - /A1 stond is tijdelijk verborgen. Ze komen - weer tevoorschijn als Bis + /A1/B2. Elk bestand dat in + /A1 stond is tijdelijk verborgen en komt + tevoorschijn als Bis ge-unmountvan A. - Als B gekoppeld is onder - A2 ziet de diagram er als volgend uit: + Als B gemount is onder + A2 ziet de diagram er als volgt uit: / | +--- A1 | `--- A2 | +--- B1 | `--- B2 en de paden zouden dan respectievelijk /A2/B1 en /A2/B2 zijn. - Bestandssystemen kunnen worden gekoppeld op elkaar. Doorgaande - op het vorige voorbeeld, het C bestandssysteem - kan worden gekoppeld boven op de B1 directory in - het B bestandssysteem. Dit resulteert in het - volgende: + Bestandssystemen kunnen op elkaar worden gemount. Doorgaand + op het vorige voorbeeld kan het bestandssysteem + C gemount worden bovenop de map + B1 in het bestandssysteem + B. Dit resulteert in: / | +--- A1 | `--- A2 | +--- B1 | | | +--- C1 | | | `--- C2 | `--- B2 - Of C kan gekoppeld worden direct onder het - A bestandssysteem, onder de - A1 directory: + Of C kan direct onder het bestandssysteem + A gemount worden, onder de map + A1: / | +--- A1 | | | +--- C1 | | | `--- C2 | `--- A2 | +--- B1 | `--- B2 - Als je bekend bent met &ms-dos;, dit is hetzelfde, alleen niet - identiek aan het join commando. + Hoewel het niet gelijk is, lijkt het op het gebruik van + join in &ms-dos;. - Dit is normaal niet iets waar je je zorgen om hoeft te maken. - Normaal gesproken maak je bestandssystemen wanneer je &os; - installeert en beslists waar ze gekoppeld worden, en wijzig ze - nooit tot je een een nieuwe harddisk toevoegd. + Beginnende gebruikers hoeven zich hier gewoonlijk niet mee + bezig te houden. Normaal gesproken worden bestandssystemen + gemaakt als &os; wordt geïnstalleerd en er wordt + besloten waar ze gemount worden. Meestal worden ze ook niet + gewijzigd tot de een nieuwe schijf aan een systeem wordt + toegevoegd. Het is mogelijk om één groot root bestandssysteem te hebben en geen andere. Deze benadering - heeft een aantal nadelen en een aantal voordelen. + heeft voordelen en nadelen. - Voordelen van meerdere bestandssystemen + Voordelen van Meerdere Bestandssystemen Verschillende bestandssystemen kunnen verschillende - mount opties hebben. Bijvoorbeeld, - met een goede voorbereiding kan het root bestandssysteem - alleen-lezen gekoppeld worden, waardoor het onmogelijk wordt - om per ongeluk critische bestanden te verwijderen of te + mount opties hebben. Met een goede + voorbereiding kan het root bestandssysteem bijvoorbeeld als + alleen-lezen gemount worden, waardoor het onmogelijk wordt + om per ongeluk kritische bestanden te verwijderen of te bewerken. Het scheiden van andere bestandssystemen die beschrijfbaar zijn door gebruikers, zoals - /home, met andere bestandssystemen stelt - je in staat om ze nosuid te koppelen; - deze optie voorkomt dat - suid/guid - bits op uitvoerbare bestanden effectief gebruikt kunnen - worden, waardoor de beveiliging mogelijkerwijs beter - wordt. + /home van andere bestandssystemen stelt + de beheerder in staat om ze nosuid te + mounten. Deze optie voorkomt dat + suid/guid bits + op uitvoerbare bestanden effectief gebruikt kunnen worden, + waardoor de beveiliging mogelijk beter wordt. &os; optimaliseert automatisch de layout van bestanden - op een bestandssysteem, afhankelijk van hoe je bestandssysteem - wordt gebruikt. Dus een bestandsysteem die een klein aantal - bestanden heeft waar regelmatig naartoe geschreven wordt zal - anders geoptimaliseerd worden dan door een ander - bestandssysteem die minder maar grotere bestanden heeft. - Door het gebruik van één groot bestandssysteem - werkt de optimalisatie niet. + op een bestandssysteem, afhankelijk van hoe het + bestandssysteem wordt gebruikt. Een bestandsysteem dat veel + bestanden bevat waar regelmatig naar geschreven wordt, wordt + anders geoptimaliseerd dan een bestandssysteem dat minder + maar grotere bestanden bevat. Door het gebruik van + één groot bestandssysteem werkt de + optimalisatie niet. - &os;'s bestandssystemen zijn erg robuust in het geval dat - er bijvoorbeeld een stroom storing is. Alhoewel een - stroomstoring op een kritiek moment nog steeds kan leiden tot - schade aan de structuur van het bestandssysteem. Door het - verdelen van je data over meerdere bestandssystemen is de kans - groter dat het systeem nog opstart wat het makkelijker maakt - als je een backup moet terugzetten, indien nodig. + &os;'s bestandssystemen zijn erg robuust als er + bijvoorbeeld een stroomstoring is, hoewel een stroomstoring + op een kritiek moment nog steeds kan leiden tot schade aan de + structuur van het bestandssysteem. Door het verdelen van + data over meerdere bestandssystemen, is de kans groter dat + het systeem nog opstart, wat terugzetten van een backup + makkelijker maakt als dat nodig is. - Voordelen van een enkel bestandssysteem + Voordeel van Eén Bestandssysteem - Bestandssystemen hebben een vaste grootte. Als je een - bestandssysteem maakt wanneer je &os; installeerd en je geeft - het een specifieke grootte, kan je er later achter komen dat - je de partitie groter moet maken. Dit is niet zo makkelijk - zonder een backup, het opnieuw maken van het bestandssysteem - met de nieuwe grootte en de gebackupte data terugzetten. + Bestandssystemen hebben een vaste grootte. Als bij de + installatie van &os; een bestandssysteem wordt gemaakt, is + het later mogelijk dat de partitie groter gemaakt moet + worden. Dit is niet zo makkelijk zonder een backup, het + opnieuw maken van het bestandssysteem met gewijzigde grootte + en het terugzetten van de gebackupte data. - &os; 4.4 en latere versies bevatten het - &man.growfs.8; commando, welke het mogelijk maakt om de - grootte van het bestandssysteem aan te passen terwijl het - draait, waardoor deze beperking vervalt. + &os; 4.4 en latere versies hebben &man.growfs.8;, + waarmee de grootte van het bestandssysteem is aan te passen + terwijl het draait. - Bestandssystemen worden opgeslagen in partities. Dit betekend - niet hetzelfde als de algemene betekenis van de term partitie - (bijvoorbeeld, &ms-dos; partitie), vanwege &os;'s &unix; - achtergrond. Elke partitie wordt geidentificeerd door een letter - van a tot en met h. Elke - partitie kan slechts één bestandssysteem hebben, wat - betekend dat bestandssystem vaak omschreven worden door of het - koppelpunt in de bestandssysteem hierarchy, of de letter van - de partitie waar ze in opgeslagen zijn. - - &os; gebruikt ook diskruimte voor - wisselbestanden. Wisselbestanden leveren - &os; Virtueel geheugen. Dit geeft de - computer de mogelijkheid om net te doen als er veel meer geheugen - in de machine aanwezig is dan werkelijk het geval is. Als &os; - geen geheugen meer heeft, verplaatst het enige data die op dat - moment niet gebruikt wordt, naar de wisselbestanden, - en plaatst het terug wanneer het wel nodig is (en zet iets anders - in ruil daarvoor terug. - - Aan sommige partities zijn bepaalde conventies gekoppeld. + Bestandssystemen worden opgeslagen in partities. Dit + betekent niet hetzelfde als de algemene betekenis van de term + partitie (bijvoorbeeld, &ms-dos; partitie), vanwege &os;'s &unix; + achtergrond. Elke partitie wordt geïdentificeerd door een + letter van a tot en met h. + Elke partitie kan slechts één bestandssysteem + hebben, wat betekent dat bestandssystem vaak omschreven worden + aan de hand van hun mountpunt in de bestandssysteem + hiërarchie of de letter van de partitie waar ze in + opgeslagen zijn. + + &os; gebruikt ook schijfruimte voor + wisselbestanden. Wisselbestanden geven + &os; virtueel geheugen. Dit geeft de + computer de mogelijkheid om net te doen alsof er veel meer + geheugen in de machine aanwezig is dan werkelijk het geval is. + Als &os; geen geheugen meer heeft, verplaatst het data die op dat + moment niet gebruikt wordt naar de wisselbestanden en plaatst het + terug als het wel nodig is (en zet iets anders in ruil daarvoor + terug. + + Aan sommige partities zijn bepaalde conventies + gekoppeld. Partitie Conventie a - Bevat normaal gesproken het root bestandssysteem + Bevat meestal het root bestandssysteem b - Bevat normaal gesproken de swap ruimte + Bevat meestal de swapruimte c - Normaal gesproken dezelfde grootte als de gehele - harde schijf. Dit geeft hulpprogramma's de mogelijkheid + Heeft meestal dezelfde grootte als de hele harde + schijf. Dit geeft hulpprogramma's de mogelijkheid om op een complete disk te werken (voor bijvoorbeeld een bad block scanner) om te werken op de - c partitie. Normaal gesproken wordt - hierop dan ook geen bestandssysteem - gecreeërd. + c partitie. Meest wordt hierop dan + ook geen bestandssysteem gecreeërd. d Partitie d had vroeger een - speciale betekenis, maar dat is verdwenen. Vandaag de dag - werken sommige hulpprogramma's raar als je ze zegt dat ze - moeten werken op partitie d, dus - sysinstall maakt normaal + speciale betekenis, maar die is verdwenen. Tegenwoordig + werken sommige hulpprogramma's raar als ze verteld worden + dat ze moeten werken op partitie d, + dus sysinstall maakt normaal gesproken partitie d niet. Elke partitie die een bestandssysteem bevat is opgeslagen in wat &os; noemt een slice. Slice is - &os;'s term voor wat meeste mensen partitie's noemen, dit komt - wederom door &os;'s &unix; achtergrond. Slices zijn genummerd van - 1 tot en met 4. + &os;'s term voor wat meeste mensen partities noemen. Dit komt + wederom door &os;'s &unix; achtergrond. Slices zijn genummerd + van 1 tot en met 4. slices partities - dangerously dedicated - - Slice nummers volgen de apparaat namen, voorafgegaan door een - s die begint bij 1. Dus da0s1 - is de eerste slice op de eerste SCSI drive. - Er kunnen maximaal vier fysieke slices op een disk zijn, maar je - kan logische slices in fysieke slices hebben van het correcte type. - Deze uitgebreide slices zijn genummerd, startende bij 5, dus - ad0s5 is de eerste uitgebreide - slice op de eerste IDE disk. Deze devices worden gebruikt - door bestandssystemen waarvan verwacht wordt dat ze een slice - in beslag nemen. - - Slices, dangerously dedicated fysieke drivers, - en andere drives bevatten partities, welke - worden weergegeven door letters vanaf a tot - h. Deze letter wordt achter de apparaatnaam - geplakt, dus da0a is de a - partitie op de eerste da drive, welke - dangerously dedicated is. + gevaarlijk toegewijd + + Slicenummers volgen de apparaatnamen, voorafgegaan door een + s die begint bij 1. Dus + da0s1 is de eerste slice op + de eerste SCSI drive. Er kunnen maximaal vier fysieke slices op + een disk staan, maar er kunnen logische slices in fysieke slices + van het correcte type staan. Deze uitgebreide slices zijn + genummerd vanaf 5. Dus ad0s5 + is de eerste uitgebreide slice op de eerste IDE disk. Deze + devices worden gebruikt door bestandssystemen waarvan verwacht + wordt dat ze een slice in beslag nemen. + + Slices, gevaarlijk toegewijde (dangerously + dedicated) fysieke drivers en andere drives bevatten + partities, die worden weergegeven door + letters vanaf a tot h. + Deze letter wordt achter de apparaatnaam geplakt. Dus + da0a is de a partitie op de + eerste da drive, die gevaarlijk toegewijd is. ad1s3e is de vijfde partitie op de derde slice van de tweede IDE disk drive. - Als laatste, elke disk op het systeem wordt - geïdentificeerd. Een disknaam start met een code die het - type aangeeft, en dan een nummer die aangeeft welke disk het is. - In tegenstelling tot slices start het nummeren van disks bij 0. - Standaard code's die je tegenkomt worden weergegeven in - . - - Wanneer je refereert naar een partitie, verwacht &os; ook dat - je de slice en disk refereert die de partitie bevat, en als je - refereert naar een slice moet je ook de disknaam noemen. Doe dit - door de disknaam, s, het slice nummer, en de - partitie letter aan te geven. Voorbeelden worden weergegeven in - . - - laat een concept - model van een disklayout zien die zou moeten helpen om het - duidelijker te maken. - - Voordat je &os; kunt installeren, moet je eerst de disk slices - creeëren, daarna moet je partities op de slice creeëren - voor &os; en daarna het bestandssysteem (of wisselbestand) op elke - partitie, en als laatste moet je beslissen waar het filesysteem - gekoppeld wordt. + Elke disk op het systeem wordt geïdentificeerd. Een + disknaam start met een code die het type aangeeft en dan een + nummer dat aangeeft welke disk het is. In tegenstelling tot bij + slices, start het nummeren van disks bij 0. Standaardcodes staan + beschreven in . + + Bij een referentie aan een partitie verwacht &os; ook dat + aan de slice en disk refereert die de partitie bevat wordt + gerefereerd en als naar een slice wordt verwezen moet ook de + disknaam genoemd worden. Dit kan door de disknaam, + s, het slice nummer en de partitieletter aan + te geven. Voorbeelden staan in . + + In staat een + conceptmodel van een disklayout die een en ander + verduidelijkt. + + Voordat &os; geïnstalleerd kan worden moeten eerst de + diskslices gemaakt worden en daarna moeten de partities op de + slices voor &os; gemaakt worden. Daarna wordt op elke + partitie het bestandssysteem (of wisselbestand) gemaakt en als + laatste wordt besloten waar het filesysteem gemount wordt. - Schijf apparaat codes + Schijf Apparaatcodes Code Betekenis ad ATAPI (IDE) disk da - SCSI directe toegangs disk + SCSI directe toegang disk acd ATAPI (IDE) CDROM cd SCSI CDROM fd Floppy disk
- Voorbeeld disk, slice, en partition namen + Voorbeeld Disk-, Slice- en Partitienamen - + Name Betekenis ad0s1a De eerste partitie (a) op de - eerste slice (s1) op de eerste - IDE disk (ad0). + eerste slice (s1) op de eerste IDE + disk (ad0). da1s2e De vijfde partitie (e) op de - tweede slice (s1) op de tweede - SCSI disk (da1). + tweede slice (s1) op de tweede SCSI + disk (da1). - Concept model van een disk + Conceptmodel van een Schijf - Dit diagram toont &os;'s visie op de eerste IDE disk - gekoppeld aan het systeem. Stel aan dat de disk 4 GB in - grootte is en dat deze twee 2 GB slices - (&ms-dos; partities) bevat. De eerste slice bevat een &ms-dos; - disk, C: en de tweede slice - bevat een &os; installatie. Deze voorbeeld &os; installatie - heeft drie partities en een wisselbestand partitie. + Het onderstaande diagram geeft aan hoe &os; de eerste IDE + schijf in het systeem ziet. Stel dat de disk 4 GB groot + is en dat deze twee 2 GB slices (&ms-dos; partities) + bevat. De eerste slice bevat een &ms-dos; disk, + C: en de tweede slice bevat een &os; + installatie. Deze &os; installatie heeft drie partities en + een partitie met een wisselbestand. De drie partities hebben elk een bestandssysteem. Partitie - a zal gebruikt worden voor het root - bestandssysteem, e zal voor de - /var directory gebruikt worden en - f voor de /usr - directory. + a wordt gebruikt voor het root + bestandssysteem, e voor de map + /var en f voor de map + /usr.
.-----------------. --. | | | | DOS / Windows | | : : > Eerste slice, ad0s1 : : | | | | :=================: ==: --. | | | Partitie a, gekoppeld als / | | | > gerefeerd als ad0s2a | | | | | :-----------------: ==: | | | | Partitie b, gebruikt als swap | | | > gerefeerd als ad0s2b | | | | | :-----------------: ==: | Partitie c, geen | | | Partition e, gebruikt als /var > bestandssysteem, bevat | | > gerefeerd als ad0s2e | alle &os; slices, | | | | ad0s2c :-----------------: ==: | | | | | : : | Partitie f, gebruikt als /usr | : : > gerefeerd als ad0s2f | : : | | | | | | | | --' | `-----------------' --'
- * Koppelen en ontkoppelen van bestandssystemen + Mounten en Unmounten van Bestandssystemen + + Het bestandssysteem wordt het best weergegeven als een boom, + met de stam als /. + /dev, /usr en de andere + map in root zijn takken die weer hun eigen takken kunnen hebben, + zoals /usr/local, etc. + + root bestandssysteem + + Er zijn verschillende redenen om sommige van deze mappen + op aparte bestandssystemen te plaatsen. + /var bevat de mappen + log/, spool/ en + verschillende types tijdelijke bestanden en kan volraken. Het + laten vollopen van het root bestandssysteem is geen goed idee, + dus het splitsen van /var van + /is vaak de favoriet. + + Een andere vaak voorkomende reden om bepaalde mapbomen + op aparte bestandssystemen te plaatsen, is om ze op verschillende + fysieke schrijven te zetten of gescheiden virtuele disks zoals + gemounte Netwerk bestandssystemen of CDROM + drives. - * Het <filename>fstab</filename> bestand + Het Bestand <filename>fstab</filename> - + + bestandssystemen + + gemount met fstab + + + Tijdens het opstartproces, + worden bestandssystemen die vermeld staan in + /etc/fstab automatisch gemount + (tenzij ze vermeld staan met ). + + /etc/fstab bevat een lijst van regels + die aan het volgende formaat voldoen: + + apparaat /mountpunt fstype opties dumpfreq passno + + + + apparaat + + + Een apparaatnaam (die moet bestaan) zoals uitgelegd + in . + + + + + mountpunt + + + Een map (die moet bestaan) waarop het bestandssysteem + gemount moet worden. + + + + + fstype + + + Het bestandssysteem type dat aan &man.mount.8; + gegeven wordt. Het standaard &os; bestandssysteem is + ufs. + + + + + opties + + + Dit is of voor lezen en + schrijven bestandssytemen, of voor + alleen lezen, gevolgd door elke andere optie die mogelijk + nodig is. Een standaard optie is + voor bestandssystemen die niet automatisch gemount + worden tijdens het opstarten. Andere opties staan in + &man.mount.8;. + + + + + dumpfreq + + + Dit wordt gebruikt door &man.dump.8; om te bepalen + welke bestandssystemen gedumpt moeten worden. Als het + veld niet is ingevuld, wordt aangenomen dat er een nul + staat. + + + + + passno + + + Dit bepaalt in welke volgorde bestandssystemen + gecontroleerd moeten worden. Bestandssystemen die + overgeslagen moeten worden moeten hun + passno waarde op nul hebben staan. + Voor het root bestandssysteem (dat voor alle andere + gecontroleerd moet worden) moet passno + op één staan en passno + waarden voor andere bestandssystemen moeten een waarde + hebben groter dan één. Als bestandssysteem + dezelfde passno waarde hebben probeert + &man.fsck.8; deze bestandssystemen tegelijkertijd + te controleren. + + + - * Het <command>mount</command> commando + Het Commando <command>mount</command> + + + bestandssystemen - + mounten + + + &man.mount.8; wordt gebruikt om bestandsystemen te + mounten. + + De meest eenvoudige vorm is: + + + &prompt.root; mount device koppelpunt + + + Alle opties voor het commando staat in &man.mount.8;, maar + de meest voorkomende zijn: + + + Mountopties + + + + + + Mount alle bestandssystemen die in + /etc/fstab staan, behalve die + gemarkeerd staan als noauto, uitgesloten + zijn door de optie of die al + gekoppeld zijn. + + + + + + + + Doe alles behalve het echt aanroepen van de mount + systeemopdracht. Deze optie is handig in samen met de + optie om te bepalen wat &man.mount.8; + eigenlijk probeert te doen. + + + + + + + + Forceert het mounten van een niet schoon + bestandssysteem (gevaarlijk) of forceert het innemen van + schrijftoegang als de mountstatus van een bestandssysteem + wijzigt van lezen en schrijven naar alleen lezen. + + + + + + + + Mount het bestandssysteem alleen lezen. Dit is + identiek aan de optie voor + de optie . + + + + + + fstype + + + Mount het opgegeven bestandssysteem als het opgegeven + type bestandssysteem of mount alleen bestandssystemen + van het aangegeven type als ook de optie + is opgegeven. + + ufs is het standaard + bestandssysteem. + + + + + + + + Werk mountopties van het bestandssysteem bij. + + + + + + + + Geef uitgebreide informatie (verbose). + + + + + + + + Mount het bestandssysteem lezen en schrijven. + + + + + De optie accepteert een door komma's + gescheiden lijst van opties, waaronder de volgende: + + + + nodev + + + Intrepeteer geen speciale apparaten op het + bestandssysteem. Dit is een nuttige + veiligheidsoptie. + + + + + noexec + + + Sta geen uitvoerbare bestanden toe op dit + bestandssysteem. Ook dit is een nuttige + veiligheidsoptie. + + + + + nosuid + + + Intrepeteer geen setuid of setgid opties op het + bestandssysteem. Ook dit is een nuttige + veiligheidsoptie. + + + - * Het <command>umount</command> commando + Het Command <command>umount</command> - + + bestandssystemen + + unmounten + + + &man.umount.8; heeft een mountpunt, een apparaatnaam, + of als + parameter. + + Alle vormen kunnen de optie hebben om + een bestandsysteem te forceren te unmounten en de optie + voor uitgebreide informatie. De optie + is meestal geen goed idee. Forceren dat + een bestandssysteem geunmount wordt kan de computer laten + crashen of data op het bestandssysteem beschadigen. + + De opties en + worden gebruikt om alle bestandssystemen te unmounten, + mogelijk nader gespecificeerd door de optie + met daarachter op welke typen bestandssystemen het betrekking + heeft. Voor de optie geldt dat deze niet + probeert het root bestandssysteem te unmounten. - * Processen + Processen + + &os; is een multi-tasking besturingssysteem. Dit betekent + dat het lijkt alsof er meer dan één proces + tegelijkertijd draait. Elk programma dat draait wordt een + proces genoemd. Elk commando dat wordt + uitgevoerd start op zijn minst één nieuw proces en + er zijn systeemprocessen die continu draaien om het systeem + functioneel te houden. + + Elk proces wordt geïdentificeerd door een nummer dat + process ID of PID + heet, en net zoals bij bestanden heeft elk proces + één eigenaar en groep. De eigenaars- en + groepsinformatie wordt gebruikt om te bepalen welke bestanden en + apparaten het proces mag openen, waarbij gebruik wordt gemaakt + van de bestandsrechten die eerder zijn behandeld. Veel processen + hebben ook een ouderproces (parent proces). Het ouderproces is + het proces het ze door gestart is. Als commando's in een shell + worden ingevoerd, start de shell een proces en elk commando dat + draait is ook een proces. De uitzondering hierop is het + speciale proces &man.init.8;. init is altijd + het eerste proces, dus het PID is altijd 1. + init wordt automatisch gestart door de kernel + als &os; opstart. + + Twee commando's die erg handig zijn om te zien welke + processen er draaien zijn &man.ps.1; en &man.top.1;. + ps wordt gebruikt om een statische lijst op te + vragen van de processen die op het moment van uitvoeren draaien + en kan hun PID, geheugengebruik, de startende commandoregel, + enzovoort, tonen. top geeft alle draaiende + processen weer en werkt de status elke paar seconden bij zodat + interactief wordt weergegeven wat een computer aan het doen + is. - + Standaard laat ps alleen zien welke + commando's draaien waarvan de gebruiker die het uitvoert de + eigenaar is: + + &prompt.user; ps + PID TT STAT TIME COMMAND + 298 p0 Ss 0:01.10 tcsh + 7078 p0 S 2:40.88 xemacs mdoc.xsl (xemacs-21.1.14) +37393 p0 I 0:03.11 xemacs freebsd.dsl (xemacs-21.1.14) +48630 p0 S 2:50.89 /usr/local/lib/netscape-linux/navigator-linux-4.77.bi +48730 p0 IW 0:00.00 (dns helper) (navigator-linux-) +72210 p0 R+ 0:00.00 ps + 390 p1 Is 0:01.14 tcsh + 7059 p2 Is+ 1:36.18 /usr/local/bin/mutt -y + 6688 p3 IWs 0:00.00 tcsh +10735 p4 IWs 0:00.00 tcsh +20256 p5 IWs 0:00.00 tcsh + 262 v0 IWs 0:00.00 -tcsh (tcsh) + 270 v0 IW+ 0:00.00 /bin/sh /usr/X11R6/bin/startx -- -bpp 16 + 280 v0 IW+ 0:00.00 xinit /home/nik/.xinitrc -- -bpp 16 + 284 v0 IW 0:00.00 /bin/sh /home/nik/.xinitrc + 285 v0 S 0:38.45 /usr/X11R6/bin/sawfish + + In het bovenstaande voorbeeld is de uitvoer van &man.ps.1; + georganiseerd in een aantal kolommen. PID + is het proces ID. PIDs worden toegekend vanaf 1 en lopen op tot + 99999. Als ze allemaal zijn gebruikt, worden ze hergebruikt. De + TT kolom toont de tty vanwaar het programma + draait en wordt nu buiten beschouwing gelaten. + STAT toont de huidige staat van het programma + en ook deze kolom wordt buiten beschouwing gelaten. + TIME is de hoeveelheid tijd die het programma + gedraaid heeft op de CPU. Dit is meestal niet de verstreken + tijd vanaf het moment dat het programma is gestart. Veel + programma's wachten omdat er alleen gebruik wordt gemaakt van de + CPU als er iets voor het programma te doen is. Als laatste is + COMMAND de commandoregel die gebruikt is + om het programma te starten. + + &man.ps.1; ondersteunt een aantal opties die de informatie + wijzigen die wordt weergegeven. Één van de meest + nuttige combinaties is auxww. De optie + toont informatie over alle draaiende + processen, niet alleen die van de gebruiker die is aangemeld. De + optie toont de gebruikersnaam van de + proceseigenaar, evenals geheugengebruik. De optie + toont informatie over daemonprocessen en met + de optie laat &man.ps.1; de volledige + commandoregel zien, in plaats van een mogelijk afgekorte regel + omdat die te lang is om op het scherm te passsen.. + + De uitvoer van &man.top.1; is hetzelfde: + + &prompt.user; top +last pid: 72257; load averages: 0.13, 0.09, 0.03 up 0+13:38:33 22:39:10 +47 processes: 1 running, 46 sleeping +CPU states: 12.6% user, 0.0% nice, 7.8% system, 0.0% interrupt, 79.7% idle +Mem: 36M Active, 5256K Inact, 13M Wired, 6312K Cache, 15M Buf, 408K Free +Swap: 256M Total, 38M Used, 217M Free, 15% Inuse + + PID USERNAME PRI NICE SIZE RES STATE TIME WCPU CPU COMMAND +72257 nik 28 0 1960K 1044K RUN 0:00 14.86% 1.42% top + 7078 nik 2 0 15280K 10960K select 2:54 0.88% 0.88% xemacs-21.1.14 + 281 nik 2 0 18636K 7112K select 5:36 0.73% 0.73% XF86_SVGA + 296 nik 2 0 3240K 1644K select 0:12 0.05% 0.05% xterm +48630 nik 2 0 29816K 9148K select 3:18 0.00% 0.00% navigator-linu + 175 root 2 0 924K 252K select 1:41 0.00% 0.00% syslogd + 7059 nik 2 0 7260K 4644K poll 1:38 0.00% 0.00% mutt +... + + De uitvoer is gesplitst in twee secties. De kop (de eerste + vijf regels) toont het laatst uitgegeven PID, de gemiddelde + systeembelasting (hoe druk is een systeem), de uptime van het + systeem (tijd verstreken sinds laatste reboot) en de huidige + tijd. De andere cijfers in de kop tonen hoeveel processen er + draaien (in dit geval 47) , hoeveel geheugen en swap er gebruikt + wordt en hoeveel processortijd het systeem besteed aan + verschillende taakgroepen. + + Daaronder staat een serie van kolommen die soortgelijke + informatie bevatten als de uitvoer van &man.ps.1;. Zo zijn het + PID, de gebruikersnaam, de hoeveelheid processortijd en het + commando dat gebruikt is om het proces te starten te zien. + &man.top.1; laat standaard ook zien hoeveel geheugen er gebruikt + wordt door een proces. Dit staat in twee kolommen waarbij in de + eerste kolom het maximale geheugengebruik wordt getoond en in de + tweede kolom het huidige geheugengebruik. Maximale gebruik is + de hoeveelheid geheugen die het proces nodig had in de tijd dat + het bestaat en het residente gebruik is hoeveel er op het moment + van weergeven gebruikt wordt. In dit voorbeeld is zichtbaar dat + &netscape; bijna 30 MB RAM nodig + had, maar op het moment van uitvoeren 9 MB verbruikt. + + &man.top.1; werkt het beeld automatisch iedere twee seconden + bij. Dat kan gewijzigd worden met de optie + . - * Daemons, signalen en het killen van processen + Daemons, Signalen en het Stoppen van Processen + + Als een gebruiker een editor draait is het makkelijk om de + editor te besturen, te vertellen om bestanden te openen, etc. + Dit kan omdat de editor de mogelijkheden geeft om dat te doen en + omdat de editor gekoppeld is aan een + terminal. Sommige programma's zijn niet + ontworpen om te draaien met continue gebruikersinvoer, dus + als zij de kans krijgen ontkoppelen zij zich van de terminal. + Een webserver reageert bijvoorbeeld de hele dag op webaanvragen + en heeft eigenlijk geen input van een lokale gebruiker nodig. + Programma's die email van locatie naar locatie transporteren zijn + een ander voorbeeld. + + Deze programma's heten daemons. + Daemons waren karakters in de Griekste mythologie, goed noch + slecht, ze waren dienende geesten die op grote schaal nuttige + dingen deden voor de mensheid. Net zoals de huidige webservers + en mailservers nuttige dingen doen. Dit is waarom de mascotte + voor BSD al lang een vrolijk kijkende daemon met puntoren en een + drietand is. + + Er is een overeenkomst om programma's die meestal draaien als + daemon te voorzien van het achtervoegsel d. + BIND is de Berkeley Internet Name + Daemon (het echte programma heet named), de + Apache webserver heet + httpd, de printerspooldriver heet + lpd, etc. Deze overeenkomst geldt niet + altijd. De hoofd maildaemon voor + Sendmail heet bijvoorbeeld + sendmail en niet + maild. + + Soms is communicatie met een daemon nodig. Deze + communicatie heet signaleren (signals). + Er kan met een daemon (of met elk ander draaiend proces) + gecommunicaeerd worden door er een signaal naartoe te sturen. Er + zijn een verschillende signalen. Sommige hebben een specifieke + bedoeling, andere worden geïntrepeteerd door de applicatie. + In de documentatie van de applicatie staat hoe de applicatie + signalen intrepeteert. Er kan alleen een signaal naar een proces + gezonden worden waar de uitvoerende gebruiker eigenaar van is. + Als met &man.kill.1; of &man.kill.1;een signaal naar een proces + van een andere gebruiker wordt gestuurd, wordt de toegang + geweigerd. De enige uitzondering hierop is de + root gebruiker, die signalen naar processen + van alle gebruikers kan sturen. + + &os; stuurt soms ook signalen naar applicaties. Als een + applicatie slecht geschreven is en hij probeert geheugen te + benaderen waar hij niet naartoe mag, stuurt &os; het proces een + Segmentation Violation signaal + (SIGSEGV). Als een applicatie de + systeemaanroep &man.alarm.3; heeft gebruikt om na een bepaalde + periode een alarm te ontvangen, wordt er een Alarm signaal + heen gestuurd (SIGALRM), etc. + + Twee signalen kunnen gebruikt worden om een proces te + stoppen: SIGTERM en + SIGKILL. SIGTERM is de + nette manier om een proces te killen. Het proces kan het signaal + afvangen, begrijpen dat de eigenaar wil dat + het wordt afgesloten, wellicht logboekbestanden sluiten die + geopend zijn en alle onderhanden activiteiten afhandelen. In een + aantal gevallen kan een proces SIGTERM + negeren: als het midden in een taak zit die niet beëindigd + kan worden. + + SIGKILL mag niet worden genegeerd door een + proces. Dit is het Wat je ook aan het doen bent, stop er + nu mee signaal. Na een SIGKILL stopt + &os; het proces meteen. + + Dit is niet geheel waar. Er zijn een aantal dingen + die niet onderbroken kunnen worden. Als het proces + bijvoorbeeld een bestand probeert uit te lezen dat op een + andere computer in het netwerk staat en de andere computer + is verdwenen (uitgezet of het netwerk heeft een fout), dan + wordt er gezegd dat het proces niet + onderbroken kan worden. Uiteindelijk loopt + het proces uit de tijd, meestal na twee minuten. Zodra het + uit de tijd loopt, wordt het proces alsnog gestopt. + + - + Andere veelgebruikte signalen zijn SIGHUP, + SIGUSR1 en SIGUSR2. Dit + zijn algemeen bruikbare signalen en verschillende applicaties + zullen verschillend reageren als ze verstuurd worden. + + Stel dat het bestand met instellingen voor de webserver is + aangepast. Dan moet aan de webserver verteld worden dat die de + instellingen opnieuw moet lezen. Hiervoor zou + httpd gestopt en gestart kunnen worden, maar + dit resulteert in een korte onderbreking van de webserverdienst, + wat ongewenst kan zijn. De meeste daemons zijn geschreven om te + reageren op het SIGHUP signaal door het + opnieuw inlezen van het instellingenbestand. Dus in plaats van + het stoppen en herstarten van httpd kan het + SIGHUP signaal gezonden worden. Omdat er geen + standaard manier is om op deze signalen te reageren, reageren + verschillende daemons anders. Het is verstandig eerst de + documentatie van de daemon in kwestie te lezen. + + Zoals onderstaand voorbeeld laat zien, worden signalen door + &man.kill.1; verzonden. + + + Het Versturen van een Signaal naar een Proces + + Dit voorbeeld toont hoe een signaal naar &man.inetd.8; + wordt verstuurd. Het bestand met instellingen voor + inetd is + /etc/inetd.conf en + inetd leest dit bestand opnieuw in als er + een SIGHUP wordt verstuurd. + + + Eerst moet het proces ID worden opgezocht van het proces + waar een signaal naar verzonden moeten worden. Dit kan door + &man.ps.1; en &man.grep.1; te gebruiken. &man.grep.1; wordt + gebruikt om in de uitvoer te zoeken en te kijken naar de + string die de gebruiker opgeeft. Dit commando wordt gedraaid + als een normale gebruiker en &man.inetd.8; wordt gedraaid + onder de gebruiker root, dus aan + &man.ps.1; moet de optie meegegeven + worden. + + &prompt.user; ps -ax | grep inetd + 198 ?? IWs 0:00.00 inetd -wW + + Dus PID van &man.inetd.8; is 198. In sommige gevallen + kan grep inetd ook voorkomen in de + uitvoer. Dit komt door de manier waarop &man.ps.1; de lijst + van draaiende processen moet vinden. + + + + Met &man.kill.1; kan het signaal verzonden worden. Omdat + &man.inetd.8; wordt gedraaid door root + moet &man.su.1; gebruikt worden om root + te worden. + + &prompt.user; su +Password: +&prompt.root; /bin/kill -s HUP 198 + + Zoals zovaak met &unix; commando's, geeft &man.kill.1; + geen uitvoer als het succesvol uitgevoerd is. Als een + signaal wordt verzonden naar een proces waarvan de gebruiker + niet zelf de eigenaar is, dan is de melding: kill: + PID: Operation not permitted + . Als het PID verkeerd wordt ingevuld, wordt het + signaal naar het verkeerde proces verzonden, wat slecht kan + zijn, of, als de gebruiker geluk heeft, wordt het verzonden + naar een PID dat momenteel niet in gebruik is, waarop de + foutmelding kill: PID: + No such process verschijnt. + + + Waarom <command>/bin/kill</command> Gebruiken? + + Veel shells leveren kill als + ingebouwd commando. Dat betekent dat de shell het + signaal direct verstuurt in plaats van door het starten van + /bin/kill. Dit kan erg nuttig zijn, + maar verschillende shells hebben een verschillende + opdrachtregel voor het specificeren van de naam van het + signaal dat verstuurd moet worden. In plaats van ze + allemaal te leren, is het eenvoudiger om gewoon + /bin/kill PID + te gebruiken. + + + + + Andere signalen versturen werkt bijna hetzelfde door + TERM of KILL op de + commandoregel te vervangen door wat nodig is. + + + Het stoppen van willekeurige processen op een systeem is + meestal een slecht idee. In het bijzonder bij &man.init.8; met + proces ID 1. Het draaien van /bin/kill -s KILL + 1 is een snelle manier om een systeem uit te zetten. + Argumenten die aan &man.kill.1; worden meegegeven moeten + altijd twee keer gecontroleerd worden + voordat op Enter gedrukt + wordt. + - * Shells + Shells + + shells + + commandoregel + + In &os; wordt een groot deel van het alledaagse werk + gedaan vanuit een omgeving met een commandoregel die shell heet. + De grootste taak van een sheel is om commando's van het + invoerkanaal op te vangen en deze uit te voeren. Veel shells + hebben ook functies ingebouwd om mee te helpen om alledaagse + taken zoals bestandsbeheer, bestandsglobbing, bestanden wijzigen + vanaf de commandoregel, commandomacro's schrijven en uitvoeren en + omgevingsvariabelen instellen en wijzigen. &os; heeft een aantal + shells bijgeleverd zoals sh, de Bourne Shell + en tcsh, de verbeterede C-shell. Er zijn veel + andere shells beschikbaar in de &os; portscollectie zoals + zsh en bash. + + Welke shell gebruiken? Dit is een kwestie van smaak. Een + C–programmeur voelt zich misschien prettiger bij een + C–achtige shell, zoals tcsh. Een + voormalig &linux; gebruiker of iemand die niet veel ervaring + heeft met een &unix; commandoregel interface wil misschien + bash proberen. Elke shell heeft zijn eigen + unieke eigenschappen die wel of niet werken voor een bepaalde + gebruiker. + + Een standaard optie in een shell is bestandsnaam completie. + Door het intikken van de eerste paar letters van een commando of + bestandsnaam, kan de shell opdracht gegeven worden om automatisch + de rest het commando of bestandsnaam toe te voegen met de + Tab toets op het toetsenbord. Stel dat er twee + bestanden zijn met de namen foobar en + foo.bar en foo.bar moet + verwijderd worden. Dan kan op het toetsenbord + rm fo[Tab].[Tab] + ingevoerd worden. + + De shell geeft rm foo[BEEP].bar + weer. + + De [BEEP] geeft aan dat de shell in staat was om de + bestandsnaam te completeren omdat er meer dan één + soortgelijk bestand was. foobar en + foo.bar beginnen met fo, + maar het was in staat om het af te maken tot + foo. Na het invoeren van een + . en daarna Tab, is de shell + in staat om de rest van de bestandsnaam aan te vullen. + + omgevingsvariabelen + + Een andere optie van de shell is het gebruik van + omgevingsvariabelen. Omgevingsvariabelen zijn variabele + sleutelparen die opgeslagen zijn in de omgevingsruimte van een + shell. Deze ruimte kan uitgelezen worden door elk programma + dat door de shell wordt uitgevoerd en bevat dus veel + programmainstellingen. Hieronder staat een lijst van standaard + omgevingsvariabelen en wat ze beteken: + + omgevingsvariabelen + + + + + + Variabele + + Omschrijving + + + + + + USER + + Gebruikersnaam van de gebruiker die is + aangemeld. + + + + PATH + + Een lijst van mappen, gescheiden door een + : voor het zoeken naar binaire + bestanden. + + + + DISPLAY + + Netwerknaam van het X11 scherm om verbinding mee + te maken, indien beschikbaar. + + + + SHELL + + De huidige shell. + + + + TERM + + De naam van de huidige gebruikersterminal. + Gebruikt om de mogelijkheden van de terminal te + bepalen. + + + + TERMCAP + + Databaseregel met terminal escape codes voor het + uitvoeren van diverse terminalfuncties. + + + + OSTYPE + + Type besturingssysteem, bijvoorbeeld &os;. + + + + MACHTYPE + + De CPU architectuur waar het systeem op + draait. + + + + EDITOR + + De teksteditor waar de gebruiker de voorkeur aan + geeft. + + + + PAGER + + De tekstpager waar de gebruiker de voorkeur aan + geeft. + + + + MANPATH + + Lijst van mappen gescheiden door een + : voor het zoeken naar + handleidingen. + + + + + + Bourne shells + + Het instellen van omgevingsvariabelen verschilt van shell tot + shell. In de C–achtige shells zoals + tcsh en csh moet + setenv gebruikt worden om omgevingsvariabelen + in te stellen. In Bourne-shells zoals sh en + bash moet export gebruikt + worden om de omgevingsvariabelen in te stellen. Om bijvoorbeeld + de omgevingsvariabele EDITOR te wijzigen naar + /usr/local/bin/emacs onder + csh of tcsh moet het + volgende gedaan worden: + + &prompt.user; setenv EDITOR /usr/local/bin/emacs + + In Bourne shells is dat: + + &prompt.user; export EDITOR="/usr/local/bin/emacs" + + Met de meeste shells kunnen de omgevingsvariabelen ook + weergegeven worden door een $ karakter voor + de variabelenaam te plaatsen op de commandoregel. + echo $TERM zou weergeven wat er in + $TERM gezet is, omdat de shell + $TERM uitbreid en het resultaat doorgeeft aan + echo. + + Shells kennen veel speciale karakters, die meta-karakters + heten, als speciale weergaves van data. De meest voorkomende is + het karakter * karakter, dat elk + karakter in een bestandsnaam voorstelt. Deze speciale + meta-karakters kunnen gebruikt worden om bestandsnaamglobbing te + doen. Door bijvoorbeeld echo * in te voeren, + is het resultaat bijna hetzelfde als door het uitvoeren van + ls, omdat de shell alle bestanden die + van toepassing zijn aan echo geeft om ze daarna te tonen. + + Om te voorkomen dat de shell deze speciale tekens + verwerkt, kunnen ze uitgeschakeld worden door er het backslash + karakter (\) voor te plaatsen. + echo $TERM print de inhoud van TERM naar het + scherm. echo \$TERM print $TERM zoals het + geschreven is. - * Het veranderen van je shell + Shell Wijzigen + + De makkelijkste manier om de shell te wijzigen is + door het chsh commando te gebruiken. + Door chsh te starten wordt de editor gestart + die in de EDITOR omgevingsvariable staat. Als + deze niet is ingesteld, wordt vi + gestart. In de editor kan de regel waarop + Shell: staat gewijzigd worden. + + Aan chsh kan ook de optie + meegegeven worden. Dit stelt de shell in, + zonder dat een editor gebruikt hoeft te worden. Als de shell + bijvoorbeeld gewijzigd moet worden in bash, + kan dat als volgt: + + &prompt.user; chsh -s /usr/local/bin/bash + + Dit kan ook door chsh zonder parameters + te starten en de regel met daarin de shell te wijzigen. - + + De te gebruiken shell moet + geregistreerd zijn in /etc/ssh. Als een + shell uit de ports collectie + is geïnstalleerd, is dit meestal automatisch gebeurd. + Als de shell met de hand is geïnstalleerd moet het + onderstaande gedaan worden. + + Als bijvoorbeeld bash met de hand + geïnstalleerd is in /usr/local/bin, + dient het onderstaande te gebeuren: + + &prompt.root; echo "/usr/local/bin/bash" >> /etc/shells + + Hierna kan chsh weer gedraaid + worden. + - * Tekst Editors - - + Teksteditors + + teksteditors + + editors + + Een groot deel van de instellingen in &os; wordt gemaakt door + het bewerken van tekstbestanden. Hierdoor is het een goed + idee om bekend te zijn met een tekstverwerker. &os; heeft er een + paar in het basissysteem en veel anderen zijn beschikbaar via de + portscollectie. + + ee + + De makkelijkste en simpelste editor om te leren is de editor + ee, wat easy editor + betekent. Om ee te starten, moet op + de commandoregel ee + bestandsnaam ingevoerd + worden, waar bestandsnaam de naam is + van het bestand dat bewerkt moet worden. Om bijvoorbeeld + /etc/rc.conf te bewerken, wordt + ee /etc/rc.conf ingegeven. Eenmaal in + ee worden alle manipulatie commando's die de + editor heeft weergegeven aan de bovenkant van het scherm. Het + karakter dakje ^ staat voor de toets + CTRL op het toetsenbord, dus + ^e vormt de toetscombinatie Ctrle + . + Om uit ee te komen wordt op de toets + Esc gedrukt en daar kan gekozen worden om de + editor te verlaten. De editor vraagt dan of de wijzigingen + bewaard moeten worden als het bestand veranderd is. + + vi + + + editors + + vi + + + Emacs + + + editors + + Emacs + + + &os; heeft ook uitgebreidere tekstverwerkers, zoals + vi, in het basissysteem en andere + editors als Emacs en + vim maken onderdeel uit van de &os; + portscollectie (editors/emacs + en editors/vim). Deze + editors leveren veel meer functionaliteit en kracht maar zijn + lastiger om te leren. Als echter veel met tekstverwerking gedaan + wordt, is het leren van een krachtige editor als + vim of + Emacs verstandig omdat deze + uiteindelijk veel tijd kan besparen. - * Apparaten en apparaat nodes + Apparaten en Apparaatnodes + + Apparaat is een term die meestal wordt gebruikt + voor hardwareonderdelen in een systeem, zoals disks, printers + grafische kaarten en keyboards. Wanneer &os; opstart laat het + vooral zien welke apparaten gedetecteerd worden. Deze + opstartmeldingen kunnen nagekeken worden door het bestand + /var/run/dmesg.boot te bekijken. + + acd0 is bijvoorbeeld de eerste IDE + CDROM drive, terwijl kbd0 staat voor het + keyboard. + + Veel van deze apparaten moeten in een &unix; + besturingssysteem benaderd worden via speciale bestanden die + apparaatnodes heten en te vinden zijn in de map + /dev. - * Het maken van apparaat nodes + Het Maken van Apparaatnodes + + Als een nieuw apparaat wordt toegevoegd aan een systeem of + als ondersteuning voor extra apparaten wordt gecompileerd, dan + moeten misschien één of meer apparaatnodes voor + het nieuwe apparaat gemaakt worden. - * Het MAKEDEV script + Het MAKEDEV script - + Op systemen zonder DEVFS (dit is het + geval voor alle &os; versies vóór 5.0) worden + apparaatnodes gemaakt door het script &man.MAKEDEV.8; zoals + hieronder wordt aangegeven: + + &prompt.root; cd /dev +&prompt.root; sh MAKEDEV ad1 + + Dit voorbeeld maakt de juiste apparaatnode voor de tweede + IDE drive wanneer die geïnstalleerd is. - * <literal>DEVFS</literal> (DEVice File System) + <literal>DEVFS</literal> (Apparaatbestandssysteem - + DEVice File System) + + Het apparaatbestandssysteem of DEVFS, + levert toegang tot de apparaatruimte van de kernel in het + globale bestandssysteem. In plaats van dat het nodig is om + apparaatnodes te maken en te wijzigen, doet + DEVFS dit. - + In &man.devfs.5; staat meer informatie. + + DEVFS wordt standaard gebruikt in + &os; 5.0 en verder. - * Binaire formaten + Binaire formaten + + Om te kunnen begrijpen waarom &os; gebruik maakt van + het &man.elf.5; formaat, is het belangrijk op de hoogte zijn + van de drie dominante uitvoerbare formaten voor + &unix;: + + + + &man.a.out.5; + + Het oudste en klassieke &unix; object + formaat. Het gebruikt een korte en compacte kop met een + magisch nummer aan het begin dat veel gebruikt wordt + om het formaat aan te geven (&man.a.out.5; geeft meer + details). Het bevat drie laadbare segmenten: .tekst, .data + en .bss, een symbolentabel en een stringtabel. + - + + COFF + + Het SVR3 object formaat. De kop bestaat uit een + sectietabel, dus er kunnen meer dan alleen .tekst, .data, + en .bss secties zijn. + + + + &man.elf.5; + + De opvolger van COFF, heeft + meerdere secties en 32-bit of 64-bit als mogelijke waarden. + Één nadeel: ELF was ook + ontworpen met de aanname dat er maar één + ABI per systeemarchitectuur zou zijn. Deze aanname is + eigenlijk redelijk incorrect, zelfs niet in de + commerciële SYSV wereld (die op zijn minst drie ABIs + heeft: SRV4, Solaris en SCO). + + &os; probeert om dit probleem heen te werken door + een hulpprogramma te leveren voor het + brandmerken van een bekend + ELF uitvoerbaar bestand met informatie + over de ABI waar hij mee kan werken. In &man.brandelf.1; + staat meer informatie. + + + + &os; komt uit het klassieke kamp en gebruikt + het &man.a.out.5; formaat, een technologie die zich bewezen heeft + door meerdere generaties van BSD versies heen, tot het begin van + de 3.X versies. Alhoewel het al mogelijk was om + ELF programma's en kernels te bouwen en te + draaien op een &os; systeem , verzette &os; zich eerst tegen de + druk om over te schakelen naar ELF als + standaard formaat. Waarom? Toen het &linux; kamp hun pijnlijke + wissel maakte naar ELF, was dat niet zozeer + om van het a.out formaat af te komen, maar + meer omdat van het op de inflexibele jump-tabel gebaseerde + gedeelde bibliotheekmechanisme af te komen, die het maken van + gedeelde bibliotheken erg moeilijk maakte voor bedrijven en + ontwikkelaars. Omdat de ELF hulprogramma's + een oplossing voor het gedeelde bibliotheek probleem waren en + algemeen gezien werden als een stap vooruit, + werd de migratie geaccepteerd als noodzakelijk kwaad en werd de + wissel uitgevoerd. Het gedeelde bibliotheek mechanisme van &os; + is meer gebaseerd op het gedeelde bibliotheek mechanisme van + Sun's &sunos; en daardoor erg makkelijk te gebruiken. + + Waarom zijn er zoveel verschillende formaten? + + In het duistere donkere verleden was er simpele hardware. + Deze simpele hardware ondersteunde een simpel klein systeem. + a.out was volledig adequaat voor de taak om + binaire bestanden op dat simpele systeem te vertegenwoordigen + (een PDP-11). Toen mensen &unix; van deze machine gingen porten, + behielden ze het a.out formaat omdat het + voldeed voor de vroege ports van &unix; naar architecturen + als Motorola 68k, VAXen, enzovoort. + + Toen besloot een slimme hardware engineer dat als hij de + software kon forceren om wat simpele truckjes te doen, hij in + staat was om een paar onderdelen van het ontwerp af te schaven, + waardoor zijn processorcore sneller kon draaien. Terwijl men + probeerde om het met deze nieuwe vorm van hardware te laten + werken (vandaag de dag beter bekend als RISC), + was a.out te beperkt voor deze hardware. + Dus werden er vele formaten ontworpen om betere prestaties te + krijgen uit deze hardware dan het simpele formaat + a.out kon leveren. Toen werden + COFF, ECOFF en een paar + andere duistere formaten uitgevonden en werden de limieten + verkend, waarna men besloot om zich te richten op + ELF. + + Daarnaast werden programma's groter en bleven schijven (en + fysiek geheugen) relatief klein, zodat het concept van een + gedeelde bibliotheek werd geboren. Het VM systeem werd ook meer + verfijnd. Terwijl al deze verbeteringen bereikt werden door het + a.out formaat, werd het nut met elke nieuwe + eigenschap verder uitgerekt. Daarnaast wilde men dingen + dynamisch laden tijdens het starten of delen weggooien nadat het + programma zijn intiële code had gedraaid om te blijven + hangen in het hoofdgeheugen en in de wisselbestanden. Talen + werden verder verfijnd en men wilde dat code automatisch werd + aangeroepen voor main. Er werden veel hacks gedaan in het + a.out formaat om alles mogelijk te maken en + dit werkte ook enige tijd. Na verloop van tijd was + a.out niet meer in staat om alle problemen + te adresseren zonder toenemende overhead in code en + complexibiliteit. Hoewel ELF veel van deze + problemem verhielp, was het moeilijk om te wisselen naar een + systeem dat compleet anders werkte. Dus moest + ELF wachten totdat het pijnlijker was om + a.out te behouden dan het te migreren naar + ELF. + + Met het verstrijken van de tijd, werden de bouwprogramma's + die &os; heeft afgeleid van hun bouwprogramma's (vooral de + assembler en de loader) ontwikkeld in twee parallel lopende + takken. De &os; tree voegde gedeelde bibliotheken toe en heeft + wat bugs opgelost. De mensen van GNU die deze programma's hebben + geschreven, hebben ze herschreven en simpelere ondersteuning + toegevoegd voor het bouwen van cross-compilers, waarbij + verschillende formaten zo nodig ingevoegd konden worden, + enzovoort. Omdat veel mensen cross-compilers wilden bouwen die + gericht waren op &os;, hadden die pech, omdat de oudere broncode + van &os; voor as en + ld niet opgewassen was tegen deze + taak. De nieuwe GNU programmaketen + (binutils) ondersteunt + cross-compiling, ELF, gedeelde bibliotheken, + C++ extensies, enzovoort. Daarnaast leveren veel + leverancierds ELF binaire bestanden en is het + goed voor &os; om het te draaien. + + ELF heeft meer expressiemogelijkheden dan + a.out en geeft meer + uitbreidingsmogelijkheden aan het basissysteem. De + ELF hulpprogramma's worden beter onderhouden + en geven de mogelijkheid tot ondersteuning voor cross compilatie, + wat voor veel mensen belangrijk is. ELF is + misschien iets trager dan a.out, maar + het meten daarvan kan vrij lastig zijn. Er zijn ook ontelbare + verschillen tussen de twee in hoe ze pages opslaan, + initiële code verwerken, enzovoort. Geen van allen zijn ze + erg belangrijk, maar er zijn verschillen. Na verloop van tijd + verdwijnt de ondersteuning voor a.out uit de + GENERIC kernel en uiteindelijk ook helemaal + uit de kernel als de noodzaak voor a.out + gebaseerde programma's voorbij is. - * Voor meer informatie + Meer Informatie - * Handleidingen + Handleidingen + + handleidingen + + De meest uitvoerige documentatie van &os; is geschreven + in de vorm van handleidingen. Bijna elk programma op het + systeem heeft een kleine handleiding die uitlegt wat de + basisopties en verschillende argumenten doen. Deze + handleidingen bekeken worden met man. Het + gebruik van man gaat als volgt: + + &prompt.user; man commando + + commando is de naam van het commando + waar meer informatie over getoond moet worden. Om bijvoorbeeld + meer informatie weer te geven over ls kan + het volgende uitgevoerd worden: - + &prompt.user; man ls + + De handleidingen zijn opgedeeld in genummerde + onderdelen: + + + + Gebruikerscommando's. + + + + Systeemaanroepen en foutnummernummers. + + + + Functies in de C bibliotheken. + + + + Apparaatdrivers. + + + + Bestandsindelingen. + + + + Spelletjes en andere afleidingen. + + + + Diverse informatie. + + + + Systeemonderhoud en commando's + + + + Kernelontwikkelaars. + + + + In sommige gevallen kan een bepaald onderwerp vaker + voorkomen in een onderdeel van de handleidingen. Er is + bijvoorbeeld een gebruikerscommando chmod + en een systeemaanroep chmod(). In deze + gevallen kan man aangegeven worden welke + documentatie weer te geven door het specificeren van het + onderdeel: + + &prompt.user; man 1 chmod + + Dit geeft de handleiding van het gebruikerscommando + chmod weer. Verwijzingen naar een bepaald + onderdeel van de handleiding worden traditioneel tussen haakjes + geplaatst: &man.chmod.1; verwijst naar het commando + chmod en &man.chmod.2; verwijst naar de + systeemaanroep. + + Dit werkt prima als de naam van het commando bekend is en + alleen informatie nodig is over het het commando gebruikt kan + worden, maar wat als de naam van het commando niet bekend is? + Dan kan man gebruikt worden om naar + trefwoorden te zoeken in de commandobeschrijvingen door de + optie te gebruiken: + + &prompt.user; man -k mail + + Met dit commando wordt een overzicht getoond met commando's + die het trefwoord mail in hun omschrijving + hebben. Dit is gelijk aan het commando + apropos. + + Dus om meer informatie over spannende commando's met een + onbekende functie in /usr/bin te krijgen + is het volgende commando voldoende: + + &prompt.user; cd /usr/bin +&prompt.user; man -f * + + Het onderstaande commando resulteert in hetzelfde: + + &prompt.user; cd /usr/bin +&prompt.user; whatis * - * Gnu Info Files + Gnu Infobestanden + + Free Software Foundation + + &os; heeft veel applicaties en hulpmiddelen die gemaakt + zijn door de Free Software Foundation (FSF). Als extraatje + voor de documentatie hebben deze programma's uitgebreidere + html bestanden die infobestanden heten, + die uitgelezen kunnen worden met info of, + als emacs is geïnstalleerd, de + infomodus van emacs. - + &man.info.1; wordt als volgt gebruikt: + + &prompt.user; info + + h geeft een korte beschrijving en + ? toont een een kort + commando–overzicht.
+ diff --git a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/l10n/chapter.sgml b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/l10n/chapter.sgml index 8e8b8c3f4f..c01703afdf 100644 --- a/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/l10n/chapter.sgml +++ b/nl_NL.ISO8859-1/books/handbook/l10n/chapter.sgml @@ -1,237 +1,1097 @@ Andrey A. Chernov Bijgedragen door Michael C. Wu Herschreven door René Ladan Vertaald door - * Lokalisatie - I18N/L10N Gebruik en Instellen + + Lokalisatie - I18N/L10N Gebruiken en Instellen - * Samenvatting + Samenvatting + + &os; is een zeer gedistribueerd project met gebruikers over + de gehele wereld. Dit hoofdstuk behandelt de + internationalisatie- en lokalisatie-eigenschappen van &os; die + niet-Engelssprekende gebruikers echt werk laten verzetten. Er + zitten veel aspecten van de i18n-implementatie in zowel de + systeem- als applicatieniveaus, dus waar mogelijk wordt de lezer + verwezen naar meer specifieke bronnen. + + Na dit hoofdstuk weet de lezer: + + + + Hoe verschillende talen en locales gecodeerd zijn + op moderne besturingssystemen. + + + + Hoe de locale in te stellen voor een login-shell. + + + + Hoe de console voor niet-Engelse talen te + configureren. + - + + Hoe het X-Window Systeem effectief met meerdere + talen te gebruiken. + + + + Waar meer informatie te vinden over het schrijven + van i18n-respecterende applicaties. + + + + Veronderstelde voorkennis: + + + + Weten hoe aanvullende applicaties van derde partijen + geïnstalleerd worden (). + + - * De beginselen + Beginselen - * Wat is I18N/L10N? + Wat is I18N/L10N? + + internationalisatie + + lokalisatie + + Ontwikkelaars hebben internationalisatie + (internationalization afgekort tot de term + I18N, de eerste en de laatste letter en het aantal + tussenliggende letters. L10N gebruikt hetzelfde schema voor + naamgeving en komt van localization. Samen + staan I18N/L10N methoden, protocollen en applicaties gebruikers + toe de taal van hun keuze te gebruiken. - + I18N-applicaties zijn geprogrammeerd door gebruik te maken + van I18N-gereedschappen van bibliotheken. Daarmee kunnen + ontwikkelaars een eenvoudig bestand schrijven en menu's en + teksten weergeven in elke taal. Programmeurs worden door het + &os; Project sterk aangemoedigd deze conventie te + volgen. - * Waarom zou ik I18N/L10N gebruiken? + Waarom I18N/L10N Gebruiken? - + I18N/L10N wordt gebruikt als een gebruiker gegevens wil + bekijken, invoeren of verwerken in niet-Engelse talen. - * Welke talen worden ondersteund door de I18N-poging? + Welke Talen Worden Ondersteund Door I18N? - + I18N en L10N zijn niet &os; specifiek. Momenteel kan er + gekozen worden uit de meeste grote wereldtalen, inclusief maar + niet beperkt tot: Chinees, Duits, Japans, Koreaans, Frans, + Russisch en Vietnamees. - * Het gebruik van lokalisatie + Lokalisatie Gebruiken + + In al zijn pracht is I18N niet &os; specifiek maar een + conventie. Het &os; Project moedigt iedereen aan &os; te helpen + deze conventie te gebruiken. + + locale + + Lokalisatie-instellingen zijn gebaseerd op drie hoofdtermen: + Taalcode, Landcode en Codering. Localenamen zijn als volgt + opgebouwd: + + Taalcode_Landcode.Codering - * Taal- en landcodes + Taal- en Landcodes + + taalcodes + + landcodes + + Om een &os; systeem (of een ander I18N-ondersteunend &unix; + achtig systeem) te lokaliseren naar een bepaalde taal, moet de + gebruiker de codes voor het specifieke land en taal + achterhalen. Landcodes geven applicaties aan welke variatie + van de gegeven taal gebruikt moet worden. Ook webbrowsers, + SMTP/POP-servers, webservers, enz. maken beslissingen gebaseerd + op die codes. Hieronder staan voorbeelden van taal- en + landcodes: + + + + + + Taal- en landcode + + Omschrijving + + + + + + en_US + + Engels - Verenigde Staten + + + + ru_RU + + Russisch voor Rusland + + + + zh_TW + + Traditioneel Chinees voor Taiwan + + + + - - * Coderingen + Coderingen + + coderingen + + ASCII + + Sommige talen gebruiken andere ASCII-coderingen dan 8-bit, + wijde of multibyte karakters, zie &man.multibyte.3;. Oudere + programma's herkennen die niet en interpreteren ze foutief als + controlekarakters aan. Afhankelijk van de implementatie moeten + gebruikers eventueel een applicatie met wijde of multibyte + karakterondersteuning compileren, of hem correct instellen. Om + wijde of multibyte karakters in te kunnen voeren en te kunnen + verwerken levert de &os; Portscollectie + voor elke taal programma's. Hiervoor staat I18N-documentatie + in de respectievelijke &os; Port. - + Voor het bouwen van een gewenste applicatie met lokalisatie + is het verstandig de applicatiedocumentatie te bekijken om te + bepalen hoe de juiste waarden doorgegeven kunnen worden naar + configure, Makefile of de compiler. + + Houd rekening met: + + + Taalspecifieke enkele C-karakters karakterverzamelingen + (zie &man.multibyte.3;), bijvoorbeeld ISO-8859-1, + ISO-8859-15, KOI8-R of CP437. + + + + Wijde of multibyte coderingen, bijvoorbeeld EUC of + Big5. + + + + Een lijst met actieve karakterverzamelingen staat bij de + IANA + Registry. + + + &os; versies 4.5 en hoger gebruiken in plaats hiervan + X11-compatible locale-coderingen. + - * I18N applicaties + I18N Applicaties - + In het &os; Ports en Package systeem hebben + I18N-applicaties I18N in hun naam zodat ze + eenvoudig herkend kunnen worden. Toch ondersteunen ze niet + altijd iedere mogelijk gewenste taal. - * Locale instellen + Locale instellen + + Meestal is het voldoende om de waarde van de localenaam + te exporteren als LANG in de login-shell. Dit + kan door die waarde in ~/.login_conf van + de gebruiker of in ~/.profile, + ~/.bashrc of + ~/.cshrc) van de gebruiker te zetten. + Het is niet nodig om localedeelverzamelingen als + LC_CTYPE of LC_CTIME in te + stellen. Bij de taalspecifieke &os; documentatie staat vaak + nog informatie. + + De twee volgende omgevingsvariabelen moeten in de + configuratiebestanden ingesteld worden: + + + POSIX + + + LANG voor de &posix; &man.setlocale.3; + functies. + + + MIME + + + MM_CHARSET voor de MIME + karakters voor applicaties. + + + + Dit is inclusief de gebruikers-shell-configuratie, de + configuratie van de specifieke applicatie en de X11 + configuratie. - * Localemethoden instellen + Methoden om Locale in te Stellen + + locale + + loginklasse + + Er zijn twee methoden om de locale in te stellen en + beiden worden hieronder beschreven. De eerste (aanbevolen) + methode is door middel van het toekennen van + omgevingsvariabelen in de loginklasse en de tweede is + mogelijk door middel van het toevoegen van de + omgevingsvariabelen aan het opstartbestand van de + systeem-shell. - * Loginklasse-methode + Methode Loginklasse + + Deze methode biedt de mogelijkheid om + omgevingsvariabelen die nodig zijn voor de localenaam en + MIME karakterverzamelingen éénmalig voor + elke mogelijke shell toe te kennen in plaats van door + toekenning via het opstartbestand van elke shell. Gebruikersinstellingen kunnen + door de gebruiker zelf worden gemaakt en voor Beheerdersinstellingen zijn + superuser-rechten nodig. - * Gebruikersniveau-instellingen + Gebruikersinstellingen + + Hieronder staat een minimaal voorbeeld van een + .login_conf bestand in de thuismap + van een gebruiker die beide variabelen heeft ingesteld op + Latin-1 codering: + + me:\ + :charset=ISO-8859-1:\ + :lang=de_DE.ISO8859-1: - + + traditioneel Chinees + + BIG-5 codering + + + Hieronder staat is een voorbeeld van een + .login_conf die variabelen instelt + voor traditioneel Chinees in BIG-5 codering. Er zijn + veel andere variabelen ingesteld zijn omdat sommige + software localevariabelen niet correct respecteert voor + Chinees, Japans, en Koreaans. + + # Gebruikers die geen valuta eenheden of tijdformaten voor Taiwan +# willen gebruiken kunnen handmatig elke variabele wijzigen. +me:\ + :lang=zh_TW.Big5:\ + :lc_all=zh_TW.Big:\ + :lc_collate=zh_TW.Big5:\ + :lc_ctype=zh_TW.Big5:\ + :lc_messages=zh_TW.Big5:\ + :lc_monetary=zh_TW.Big5:\ + :lc_numeric=zh_TW.Big5:\ + :lc_time=zh_TW.Big5:\ + :charset=big5:\ + :xmodifiers="@im=xcin": # Instellen van XIM invoerserver + + Zie + Beheerdersinstellingen en + &man.login.conf.5; voor meer details. - * Beheerdersniveau-instellingen + Beheerdersinstellingen + + Er dient gecontroleerd te worden of loginklasse voor + gebruikers, /etc/login.conf, de + juiste taal instelt door de volgende instellingen in + /etc/login.conf: + + taalnaam: + accountstitel:\ + :charset=MIME_karakterverzameling: + :lang=localenaam:\ + :tc=default: + + Voor het bovenstaande voorbeeld dat gebruik maakt van + Latin-1 ziet dat er als hieronder uit: + + german:Duitse gebruikersaccounts:\ + :charset=ISO-8859-1:\ + :lang=de_DE.ISO8859-1:\ + :tc=default: + + Loginklasse wijzigen met + &man.vipw.8; + + vipw + + Met vipw kunnen nieuwe gebruikers + toegevoegd worden en de instellingen dienen ongeveer als + volgt uit te zien: + + gebruiker:wachtwoord:1111:11:taal:0:0:Gebruikersnaam:/home/gebruiker:/bin/sh + + Loginklasse wijzigen met + &man.adduser.8; + + adduser + + loginklasse + + Met adduser kunnen nieuwe + gebruikers toegevoegd worden. Hierna dient + één van de volgende stappen uitgevoerd te + worden: + + + + defaultclass = + taal instellen + in /etc/adduser.conf. In dit + geval dient er voor alle gebruikers van andere talen + een default klasse ingevoerd te + worden. + + + + Er kan ook gekozen worden voor een antwoord op + de vraag over taal vanuit &man.adduser.8;: + + Enter login class: default []: + + + + Ook kan het volgende gebruikt worden voor elke + gebruiker die een andere taal gebruikt: + + &prompt.root; adduser -class taal + + + + Loginklasse wijzigen met + &man.pw.8; + + pw - + Als &man.pw.8; wordt gebruikt om nieuwe gebruikers + toe te voegen: + + &prompt.root; pw useradd gebruikersnaam -L taal - * Shell-opstartbestandmethode + Methode Opstartbestand Shell + + + Deze methode wordt niet aanbevolen omdat er + instellingenen nodig zijn voor elke mogelijke shell. Het + advies is de Methode + Loginklasse te gebruiken. + + + + MIME + + locale + + Om de localenaam en MIME karakterverzameling toe te + voegen kunnen gewoon twee omgevingsvariabelen ingesteld + worden, zoals hieronder te zien is, in + /etc/profile en/of + /etc/csh.login opstartbestanden voor + shells. Hier wordt de Duitse taal als voorbeeld + gebruikt: + + In /etc/profile: + + LANG=de_DE.ISO8859-1; export LANG +MM_CHARSET=ISO-8859-1; export MM_CHARSET + + Of in /etc/csh.login: + + setenv LANG de_DE.ISO8859-1 +setenv MM_CHARSET ISO-8859-1 + + Het is ook mogelijk de bovenstaande instructies toe te + toevoegen /usr/share/skel/dot.profile + (ongeveer gelijk aan wat hierboven in + /etc/profile is gebruikt) of aan + /usr/share/skel/dot.login + (ongeveer gelijk aan wat hierboven in + /etc/csh.login is gebruikt). + + Voor X11: + + In $HOME/.xinitrc: - + LANG=de_DE.ISO8859-1; export LANG + + Of: + + setenv LANG de_DE.ISO8859-1 + + Afhankelijk van de shell (zie boven). - * Console-instellingen + Console Instellen + + Voor alle enkele C-karakters karakterverzamelingen worden + de juiste lettertypen voor het console ingesteld in + /etc/rc.conf voor de taal in kwestie + met: + + font8x16=lettertypenaam +font8x14=fontnaam +font8x8=fontnaam + + De lettertypenaam komt uit de map + /usr/share/syscons/fonts zonder het + achtervoegsel .fnt. + + sysinstall + + toetsenmapping + + schermmapping + + De gebruiker dient ervoor te zorgen de juiste enkele + C-karakters karakterverzameling wordt ingestelt met + /stand/sysinstall. In + sysinstall kan + Configure en + Console gekozen worden. Het is ook + mogelijk het volgende aan /etc/rc.conf + toe te voegen: + + scrnmap=schermmappingnaam +keymap=toetsenmappingnaam +keychange="fkey_nummer sequentie" - + schermmappingnaam komt uit de + map /usr/share/syscons/scrnmaps zonder het + achtervoegsel .scm. Meestal is een + schermmapping met een overeenkomstig gemapt lettertype nodig + als workaround om bit 8 naar bit 9 uit te breiden op een + lettertype–karaktermatrix van een VGA-adapter in + pseudografische gebieden, dat wil zeggen om letters uit dat + gebied te halen als het schermlettertype een bit 8 kolom + gebruikt. + + Als de moused daemon is + ingeschakeld met de onderstaande regel in + /etc/rc.conf, dan wordt aangeraden de + muiscursorinformatie in de volgende paragraaf te + bekijken. + + moused_enable="YES" + + moused + + Standaard neemt de muiscursor van het &man.syscons.4; + stuurprogramma het bereik 0xd0-0xd3 van de tekenverzameling in + beslag. Als een ingestelde taal dit bereik gebruikt, moet het + cursorbereik hierbuiten gehaald worden. Om de workaround voor + &os; versies vóór 5.0 aan te zetten kan de + volgende regel aan dekernelconfiguratie toegevoegd + worden: + + options SC_MOUSE_CHAR=0x03 + + Voor &os; versies 4.4 en hoger kan de volgende regel aan + /etc/rc.conf toegevoegd worden: + + mousechar_start=3 + + De toetsenmappingnaam komt uit + de map /usr/share/syscons/keymaps zonder + het achtervoegsel .kbd. Als niet precies + duidelijk is welke toetsenmapping te gebruiken, kan de + toetsenmapping getest worden met &man.kbdmap.1; zonder opnieuw + op te starten. + + keychange is nodig om functietoetsen zo + te programmeren dat ze overeenkomen met het geselecteerde + terminaltype omdat functietoetssequenties niet in de + toetsenmapping gedefinieerd kunnen worden. + + Er dient ook een controle te zijn op een juiste instelling + van het juiste terminaltype voor het console in + /etc/ttys voor alle + ttyv* regels. De huidige instellingen + zijn: + + + + + + Karakterverzameling + + Terminaltype + + + + + + ISO-8859-1 of ISO-8859-15 + + cons25l1 + + + + ISO-8859-2 + + cons25l2 + + + + ISO-8859-7 + + cons25l7 + + + + KOI8-R + + cons25r + + + + KOI8-U + + cons25u + + + + CP437 (VGA standaardinstelling) + + cons25 + + + + US-ASCII + + cons25w + + + + + + Voor wijde of multibyte karaktertalen kan je juiste + &os; port in de map + /usr/ports/taal + gebruikt worden. Sommige ports verschijnen als console terwijl + het systeem ze als serieële vtty ziet. Er dienen dus + voldoende vtty's gereserveerd te zijn voor zowel X11 als de + pseudo-serieële console. Hier is een gedeeltelijke lijst + van applicaties voor het gebruik van andere talen in + console: + + + + + + Taal + + Locatie + + + + + + traditioneel Chinees (BIG-5) + + chinese/big5con + + + + Japans + + japanese/kon2-16dot + of + japanese/mule-freewnn + + + + Koreaans + + korean/han + + + + - * X11 instellingen + X11 Instellen + + Hoewel X11 geen deel is van het &os; Project wordt het hier + wel besproken voor &os; gebruikers. Meer details zijn te + vinden op de &xfree86; + website of op de website van een andere X11 server die + gebruikt wordt. + + In ~/.Xresources kunnen + applicatiespecifieke I18N instellingen gemaakt worden als + lettertypen, menu's, enzovoort. - * Fonts weergeven + Lettertypen Weergeven + + X11 &truetype; lettertypeserver - + Eerst moet &xorg; server + (x11-servers/xorg-server) + of &xfree86; server (x11-servers/XFree86-4-Server) + geïnstalleerd worden en daarna de &truetype; + lettertypen van de taal. Door de gewenste locale in te + stellen worden de menu's en dergelijke in de gekozen taal + weergegeven. - * Niet-Engelse karakters invoeren + Niet-Engelse Karakters Invoeren - + X11 Input Method (XIM) + + Het X11 Input Method (XIM) protocol is een nieuwe + standaard voor alle X11-cliënts. Alle X11-applicaties + horen geschreven te worden als XIM-cliënts die + invoer aannemen van de XIM-invoerservers. Er zijn meerdere + XIM-servers beschikbaar voor verschillende talen. - * Printerinstellingen + Printerinstellingen - + Sommige enkele C-karakters karakterverzamelingen zijn + standaard hardware-gecodeerd in printers. Voor wijde of + multibyte karakterverzamelingen is een speciale installatie + nodig en het gebruik van apsfilter + wordt dan aangeraden. Een document kan ook naar &postscript; + of PDF formaat omgezet worden door gebruik te maken van + taalspecifieke conversieprogramma's. - * Kernel en bestandssystemen + Kernel en bestandssystemen + + Het &os; Snelle Bestandssysteem (FFS) is 8-bit schoon, dus + het kan gebruikt worden met elke enkele C-karakters + karakterverzameling (zie &man.multibyte.3;), maar er is geen + karakterverzamelingnaam opgeslagen in het bestandssysteem. Het + is dus rauw 8-bit en het weet niets van coderingsbevelen. + Officieel ondersteunt FFS nog geen enkele vorm van wijde of + multibyte karakterverzamelingen. Toch hebben sommige wijde of + multibyte karakterverzamelingen onafhankelijke patches voor FFS + die ondersteuning inschakelen. Dit zijn tijdelijke oplossingen + of hacks die niet overdraagbaar zijn en daarom is besloten ze + niet in de source tree op te nemen. Op de websites van de + talen staan de patchbestanden en meer informatie. + + &ms-dos; - + Unicode + + Voor het &os; &ms-dos; bestandssysteem kan geschakeld + worden tussen &ms-dos;, Unicode karakterverzamelingen en + gekozen &os; bestandssysteem-karakterverzamelingen. + &man.mount.msdos.8; beschijft de details. - * I18N-programma's compileren + I18N-programma's Compileren + + Veel &os; Ports zijn geschikt gemaakt voor &os; met + I18N-ondersteuning. Een aantal daarvan zijn gemarkeerd met + -I18N in de portnaam. Deze en nog veel andere + programma's hebben ingebouwde ondersteuning voor I18N en + behoeven geen speciale aandacht. + + MySQL - + Toch is het voor sommige applicaties zoals + MySQL nodig dat de + Makefile geconfigureerd is met de specifieke + karakterverzameling. Dit wordt normaliter gedaan in de + Makefile of door middel van het doorgeven + van een waarde aan configure in de + broncode. - * &os; lokaliseren naar specifieke talen + &os; Lokaliseren naar Talen Andrey A. Chernov Oorspronkelijk bijgedragen door - * Russische taal (KOI8-R codering) + + Russisch (KOI8-R codering) + + + lokalisatie + + Russisch + + + Voor meer informatie over KOI8-R codering, zie de KOI8-R References (Russian Net + Character Set). - * Locale instellen + Locale instellen + + Voeg de volgende regels toe aan + ~/.login_conf bestand: - + me:Mijn account:\ + :charset=KOI8-R:\ + :lang=ru_RU.KOI8-R: + + Zie eerder in dit hoofdstuk voor voorbeelden over het + opzetten van de locale. - - * Console instellen + + Console instellen + + + + Voeg voor de &os; versies voorafgaand aan 5.0 de + volgende regel toe aan het + kernelconfiguratiebestand: + + options SC_MOUSE_CHAR=0x03 + + Voeg voor &os; versie 4.4 en hoger de volgende regel + toe aan /etc/rc.conf: + + mousechar_start=3 + + + + Gebruik de volgende instellingen in + /etc/rc.conf: + + keymap="ru.koi8-r" +scrnmap="koi8-r2cp866" +font8x16="cp866b-8x16" +font8x14="cp866-8x14" +font8x8="cp866-8x8" + + + + Voor elke ttyv* regel in + /etc/ttys, gebruik + cons25r als het terminaltype. + + - + Zie eerder in dit hoofdstuk voor voorbeelden over het + opzetten van de + console. - * Printer instellen + Printer instellen - + printers + + Aangezien de meeste printers met Russische karakters met + hardware-codepagina CP866 komen, is een speciaal + uitvoerfilter nodig om KOI8-R om te zetten in CP866. Zo'n + filter is standaard geïnstalleerd als + /usr/libexec/lpr/ru/koi2alt. Een + /etc/printcap regel voor een Russische + printer moet er uit zien als: + + lp|Russische lokale lijnprinter:\ + :sh:of=/usr/libexec/lpr/ru/koi2alt:\ + :lp=/dev/lpt0:sd=/var/spool/output/lpd:lf=/var/log/lpd-errs: + + Zie &man.printcap.5; voor een gedetailleerde + beschrijving. - * &ms-dos; bestandssysteem en Russische - bestandsnamen + &ms-dos; bestandssysteem en Russische bestandsnamen - + De volgende voorbeeld &man.fstab.5; regel zet + ondersteuning aan voor Russische bestandsnamen gekoppeld op + &ms-dos; bestandssystemen: + + /dev/ad0s2 /dos/c msdos rw,-Wkoi2dos,-Lru_RU.KIO8-R 0 0 + + De optie selecteert de te gebruiken + localenaam, en stelt de + karakteromzettabel in. Om de te + gebruiken moet /usr gemount zijn voor de + &ms-dos; partitie omdat de omzettabellen zich bevinden in + /usr/libdata/msdosfs. + &man.mount.msdos.8; geeft verdere uitleg. - * X11 instellen + X11 Instellen + + + + Voer eerst de niet-X + lokale instellingen uit zoals beschreven. + + + De Russische KOI8-R + locale werkt niet altijd met oude + &xfree86; uitvoeringen + (lager dan 3.3). &xfree86; + 4.X is nu de standaardversie van het X + Window Systeem op &os;. Dit is meestal geen probleem, + tenzij een oude versie van &os; wordt gebruikt. + + + + + Voer in de map russian/X.language het volgende + uit: + + &prompt.root; make install + + Bovenstaande port installeert de nieuwste versie van + de KOI8-R lettertypen. + &xfree86; 3.3 heeft al + enkele KOI8-R lettertypen, maar deze zijn beter + geschaald. + + Controleer de "Files" sectie in + /etc/XF86Config bestand. De + volgende regels moeten + vóór andere + FontPath regels staan: - + FontPath "/usr/X11R6/lib/X11/fonts/cyrillic/misc" +FontPath "/usr/X11R6/lib/X11/fonts/cyrillic/75dpi" +FontPath "/usr/X11R6/lib/X11/fonts/cyrillic/100dpi" + + Er er een hoge resolutie videomodus wordt gebruikt + dan kunnen de 75dpi en 100dpi regels gewisseld + worden. + + + + Om een Russisch toetsenbord te activeren dient het + volgende in het "Keyboard" gedeelte + van XF86Config te staan: + + Voor &xfree86; 3.X: + + XkbLayout "ru" +XkbOptions "grp:caps_toggle" + + Voor &xfree86; 4.X: + + Option "XkbLayout" "ru" +Option "XkbOptions" "grp:caps_toggle" + + Ook moet daar XkbDisable + uitgeschakeld (uitgecomment) zijn. + + De RUS/LAT-schakelaar is CapsLock. + De oude CapsLock functie is nog + steeds beschikbaar via + Shift + CapsLock + (alleen in LAT-modus). + + Als er &windows; toetsen op een + toetsenbord zitten en het blijkt dat sommige + niet-alfabetische toetsen verkeerd gemapt zijn in + RUS-modus, dan kan de volgende regel aan + XF86Config toegevoegd worden: + + Voor &xfree86; 3.X: + + XkbVariant "winkeys" + + Voor &xfree86; 4.X: + + Option "XkbVariant" "winkeys" + + + Het Russische XKB toetsenbord hoeft niet te werken + met oude versies van + &xfree86;, zie bovenstaande noot voor + meer informatie. Het Russische XKB toetsenbord hoeft + ook niet te werken met niet-gelokaliseerde applicaties. + Minimaal gelokaliseerde applicaties moeten vroeg in het + programma een aanroep naar de + XtSetLanguageProc (NULL, NULL,); + functie doen. In KOI8-R for X + Window staan meer instructies over het + lokaliseren van X11-applicaties. + + + - * Traditioneel Chinese lokalisatie voor Taiwan + Traditioneel Chinees voor Taiwan + + + lokalisatie - + traditioneel Chinees + + + Het &os;-Taiwan Project heeft een Chinese HOWTO voor &os; + op + die gebruik maakt van veel Chinese ports. De huidige redacteur + voor de &os; Chinese HOWTO is Shen + Chuan-Hsing statue@freebsd.sinica.edu.tw. + + Chuan-Hsing Shen heeft de Chinese &os; + Collection (CFC) gemaakt met gebruik van &os;-Taiwan's + zh-L10N-tut. De packages en scriptbestanden + zijn beschikbaar op . - * Duitstalige lokalisatie (voor alle ISO 8859-1 - talen) + Duits (Alle ISO 8859-1 Talen) + + + lokalisatie - + Duits + + + Slaven Rezic eserte@cs.tu-berlin.de heeft + een tutorial geschreven over hoe umlauten in &os; gebruikt + kunnen worden. De tutorial is in het Duits geschreven en staat + op . - * Japans- en Koreaanstalige lokalisatie + Japans en Koreaans + + + lokalisatie + + Japans + + + + lokalisatie + + Koreaans + - + Japanse lokalisatie staat beschreven op en de Koreaanse + lokalisatie staat op . - * Niet-Engelstalige &os; documentatie + Niet-Engelstalige &os; documentatie - + Sommige delen van &os; zijn naar andere talen vertaald. + Hiernaar staan links op de hoofdsite of in + /usr/share/doc.